PIV Bulletin 2015-3: Uitbreiding aansprakelijkheid ouders voor gedragingen kinderen – Aansprakelijkheid van ouders in een breder (Europeesrechtelijk) perspectief – Pleidooi voor een verplichte APV …

Samenvatting:

“Kleine kinderen kleine zorgen, grote kinderen grote zorgen” luidt een bekende uitdrukking. Kinderen kunnen voor het leven van de ouders een deugd en een verrijking zijn. Desalniettemin kan eerstgenoemde uitspraak nog wel eens bewaarheid worden, indien het geliefde kroost zich op enig moment niet zo voorbeeldig gedraagt. In het kader van dit artikel doel ik dan vooral op al dan niet opzettelijk toegebrachte schade aan derden door minderjarige kinderen en de gevolgen daarvan voor de ouders.
De schadelijdende partij wil zijn schade natuurlijk graag vergoed zien, maar dat stuit in de praktijk nogal eens op verhaalsproblemen bij gebrek aan baten bij de aansprakelijke partij.

In dit artikel zal ik onderzoek doen naar de overeenkomsten en verschillen tussen de op deze materie betrekking hebbende artikelen uit het Draft Common Frame of Reference (DCFR) en de bestaande Nederlandse regelgeving. Daarbij zal ik ook betrekken de wetgeving in de ons omringende landen. Niet onbesproken kan blijven het wetsvoorstel tot verruiming van aansprakelijkheid van ouders voor gedragingen van minderjarige kinderen. Ik sluit af met een conclusie en enkele aanbevelingen.

Kleine kinderen kleine zorgen, grote kinderen grote zorgen” luidt een bekende uitdrukking. Kinderen kunnen voor het leven van de ouders een deugd en een verrijking zijn. Desalniettemin kan eerstgenoemde uitspraak nog wel eens bewaarheid worden, indien het geliefde kroost zich op enig moment niet zo voorbeeldig gedraagt. In het kader van dit artikel doel ik dan vooral op al dan niet opzettelijk toegebrachte schade aan derden door minderjarige kinderen en de gevolgen daarvan voor de ouders.

 

Een kind dat een voetbal door een ruit trapt. Een kind dat op de fiets geen voorrang verleent aan een andere fietser die daarbij ernstig letsel oploopt. Het zijn veel voorkomende voorbeelden uit de dagelijkse praktijk. Ernstigere voorbeelden zijn brandstichting2 door kinderen of bijvoorbeeld mishandeling of misbruik. In het digitale tijdperk kan zelfs gedacht worden aan onrechtmatige tot schade lijdende gedragingen op sociale media zoals Facebook, Twitter en Instagram. De schadelijdende partij wil zijn schade natuurlijk graag vergoed zien, maar dat stuit in de praktijk nogal eens op verhaalsproblemen bij gebrek aan baten bij de aansprakelijke partij.

 

In dit artikel zal ik onderzoek doen naar de overeenkomsten en verschillen tussen de op deze materie betrekking hebbende artikelen uit het Draft Common Frame of Reference (DCFR) en de bestaande Nederlandse regelgeving. Daarbij zal ik ook betrekken de wetgeving in de ons omringende landen. Niet onbesproken kan blijven het wetsvoorstel tot verruiming van aansprakelijkheid van ouders voor gedragingen van minderjarige kinderen. Ik sluit af met een conclusie en enkele aanbevelingen.

Draft Common Frame of Reference (DCFR)

De oorsprong van het DCFR kan gevonden worden in het uit 2003 stammende Action Plan on a More Coherent European Contract Law van de Europese Commissie. Dit actieplan was het startsein voor nader onderzoek naar een coherent en eenvormig verbintenissenrecht binnen de Europese Unie. De eindversie van het DCFR is begin 2009 gepubliceerd en kan gezien worden als een eerste aanzet naar een Europees Burgerlijk Wetboek3. Book VI van het DCFR handelt over niet-contractuele aansprakelijkheid voor aan derden toegebrachte schade. In Chapter 3 wordt de aansprakelijkheid van kinderen en de verantwoordelijkheid van ouders voor gedragingen van minderjarige kinderen besproken. Ik zal de relevante artikelen hieronder nader bespreken:

Artikel 3:103 DCFR Persons under eighteen

Lid 1: A person under eighteen years of age is accountable for causing legally relevant damage according to VI. – 3:102 (Negligence) sub-paragraph (b) only in so far as that person does not exercise such care as could be expected from a reasonable careful person of the same age in the circumstances of the case.

Lid 2: A person under seven years of age is not accountable for causing damage intentionally or negligently.

Kinderen onder achttien jaar zijn in het DCFR dus zelf aansprakelijk voor hun eigen gedragingen. Kinderen onder zeven jaar zijn niet aansprakelijk.

 

Artikel 3:104 DCFR Accountability for damage caused by children or supervised persons.

Lid 1: Parents or other persons obliged by law to provide parental care for a person under fourteen years of age are accountable for the causation of legally relevant damage where that person under age caused the damage by conduct that would constitute intentional or negligent conduct if it where the conduct of an adult.

Lid 3: However, a person is not accountable under this Article for the causation of damage if that person shows that there was no defective supervision of the person causing the damage.

Kort samengevat zijn ouders conform het DCFR aansprakelijk voor gedragingen van hun kinderen onder veertien jaar, tenzij zij de ouders ex lid 3 geen verwijt kan worden gemaakt ten aanzien van het toezicht op hun kinderen.

 

De huidige Nederlandse regelgeving

De aansprakelijkheid van kinderen en hun ouders in de Nederlandse wetgeving wordt beheerst door de art. 6:164 BW en 6:169 BW. Kinderen onder de veertien zijn ex art. 6:164 BW zelf niet aansprakelijk voor onrechtmatige gedragingen. Kinderen boven de veertien jaar zijn op grond van art. 6:162 BW wel zelf aansprakelijk voor door hun gepleegde onrechtmatige gedragingen.

Art. 169 lid 1 BW bepaalt dat ouders kwalitatief aansprakelijk zijn voor ‘doen’ gedragingen van hun kinderen jonger dan veertien jaar. Voor zuiver ‘nalaten’ van hun jonge kinderen zijn zij dus niet aansprakelijk en de kinderen zelf conform het vorige artikel ook niet4.

Voor gedragingen van kinderen van veertien en vijftien jaar zijn de ouders ex art. 6:169 lid 2 BW aansprakelijk, tenzij zij kunnen aantonen dat hen niet verweten kan worden dat zij de gedragingen niet belet hebben5. De zogenoemde (bevrijdende) disculpatiegrond wordt in de rechtspraak doorgaans relatief eenvoudig aanvaard6.

Ouders kunnen daarnaast te allen tijde zelf aansprakelijk worden gesteld op grond van 6:162 BW, maar daarvoor dienen de ouders dan zelf jegens het slachtoffer onrechtmatig gehandeld te hebben. De bewijslast rust geheel op de schadelijdende partij en laatstgenoemde grond is daarom, behoudens uitzonderingsgevallen, nauwelijks een reële optie.

 

Wetsvoorstel 30159

CDA Tweede Kamer lid Çörüz (thans Oskam) diende op 10 april 2006 een wetsvoorstel (30519) in tot verruiming van de aansprakelijkheid van ouders voor hun minderjarige kinderen. Het voorstel houdt in dat ouders volledig risicoaansprakelijk zijn voor gedragingen van hun kinderen onder de 18 jaar. De huidige disculpatiegrond is daarnaast komen te vervallen. Çörüz is van mening dat de samenleving opdraait voor de kosten van jeugdcriminaliteit en vandalisme en wil het besef en de verantwoordelijkheid bij de ouders terug leggen7. Na kritiek vanuit de Tweede Kamer is het voorstel enigszins afgezwakt met de toevoeging dat ouders in de onderlinge verhouding uiteindelijk niet in de schadevergoeding hoeven bij te dragen. Dit lijkt mij enigszins een ‘sigaar uit eigen doos’ aangezien het niet in de lijn der verwachting ligt dat veel ouders regres zullen plegen op hun eigen kinderen.

Het wetsvoorstel is op 3 juli 2012 door de Tweede Kamer aangenomen. In de Eerste Kamer ontstond echter de nodige discussie, hetgeen Oskam (als opvolger van Çörüz) ertoe heeft bewogen een novelle in te dienen. In afwachting van behandeling daarvan door de Tweede Kamer heeft de Eerste Kamer het voorstel op 6 februari 2014 aangehouden. Bij het schrijven van dit artikel is de novelle nog niet door de Tweede Kamer behandeld8.

 

Tussenconclusie

We zien hier dus een aantal overeenkomsten tussen de voorstellen in het DCFR en de bestaande Nederlandse regelgeving op dit gebied. Zowel in het DCFR als in de Nederlandse wet zijn personen onder de achttien jaar zelf verantwoordelijk voor schade ten gevolge van hun gedragingen. Het DCFR kent een uitzondering voor kinderen onder de zeven jaar, voor wie geen aansprakelijkheid geldt. Kinderen wordt een eigen verantwoordelijkheid toegedicht passend bij de leeftijd. De Nederlandse wetgeving legt de grens bij kinderen van veertien jaar of ouder.

Zowel in het DCFR als in de Nederlandse wet zijn ouders aansprakelijk voor gedragingen van hun kinderen onder veertien jaar. Het DCFR kent voor deze leeftijdscategorie een disculpatiegrond, waar de Nederlandse wet uitgaat van 100% risicoaansprakelijkheid. De Nederlandse regelgeving kent een vergelijkbare disculpatiegrond voor kinderen van veertien en vijftien jaar, terwijl het DCFR in het geheel geen aansprakelijkheid kent van ouders voor deze leeftijdscategorie.

 

Een blik over de grens

Teneinde een breder inzicht te krijgen in het juridisch kader van de materie, is het interessant een blik te werpen op de regelgeving op dit onderwerp in de ons omringende landen. Vooruitlopend op een eventueel Europees Burgerlijk Wetboek is het immers zaak de regelingen met elkaar in overeenstemming te brengen en kunnen wij reeds nu van elkaars regelingen de voor- en nadelen ondervinden.

 

Duitsland en België

Opvallend genoeg kennen de landen direct grenzend aan Nederland geen risicoaansprakelijkheid van ouders voor hun kinderen. In Duitsland en België geldt een foutaansprakelijkheid met omgekeerde bewijslast9. De regelingen zijn vergelijkbaar met de huidige Nederlandse regeling voor veertien- en vijftienjarigen. Het kind kan onder bepaalde voorwaarden zelf ook aansprakelijk zijn. In België wordt in de rechtspraak hiervoor vaak een ondergrens van zeven jaar aangehouden.

 

Engeland

De Engelse wetgeving kent geen afzonderlijke wetgeving die de aansprakelijkheid van ouders regelt. Eventuele aansprakelijkheid van de ouders voor de gedragingen van hun kinderen hangt af van de vraag of er sprake is van een tekortkoming van de ouders bij het uitoefenen van toezicht, ofwel het nakomen van een zorgplicht. Het moet gaan om feitelijk en daadwerkelijk toezicht, waarmee de aansprakelijkheid beperkter is dan die in Nederland10.

 

Frankrijk

Het Franse aansprakelijkheidsrecht kent grotere overeenkomsten met de Nederlandse regelingen. De invloed van de overheersing door Napoleon laat zich hier nog gelden. Op grond van art. 1384 lid 1 C.C. kent het Franse aansprakelijkheidsrecht risicoaansprakelijkheid voor personen (la responsabilité du fait d’autrui). Ouders zijn aansprakelijk voor schade veroorzaakt door minderjarige thuiswonende kinderen, waarover zij de ouderlijke macht uitoefenen. Wij zien hier behalve overeenkomsten ook enkele verschillen met de Nederlandse regels. Zo moet het kind thuis wonen en is de leeftijdsgrens opgetrokken naar achttien jaar. Ook Frankrijk kent een disculpatiemogelijkheid voor ouders, maar deze is de laatste jaren in de Franse rechtspraak aanzienlijk aangescherpt. De ouders dienen aan te tonen dat er aan hun zijde sprake is van overmacht, of dat anderszins sprake is van eigen schuld van de schadelijdende partij. De bewijslast rust daarbij volledig op de schouders van de ouders11. Mede naar aanleiding van de rechtspraak heeft de Franse wetgever de aansprakelijkheidsverzekering voor particulieren verplicht gesteld12.

 

 

 

DCFR

(kinderen in jaren)

Nederlandse wet

(kinderen in jaren)

Kinderen

Aansprakelijk

7-18

14-18

 

Niet aansprakelijk

< 7

< 14

Ouders

Aansprakelijk

< 14

< 14

 

Niet aansprakelijk

14-18

16 -18

 

disculpatiegrond

0-14

14-15

Tabel: aansprakelijkheid minderjarigen en hun ouders

 

De verzekeringspraktijk

“Ieder draagt zijn eigen schade” is een grondbeginsel in het recht13. Het aansprakelijkheidsrecht geeft desalniettemin voldoende mogelijkheden voor een benadeelde om zijn vermogenspositie te waarborgen en waar mogelijk schade op de aansprakelijke partij te verhalen14. Wat wordt nu exact beoogd met de bestaande regelgeving, het DCFR en het wetsvoorstel 30519? Enerzijds is de wens door regelgeving rechtszekerheid te creëren. Anderzijds dienen door regelgeving verhaalsmogelijkheden voor de benadeelde van de geleden schade in het leven geroepen te worden. Als laatste kan nog genoemd worden het maatschappelijk streven om eigen verantwoordelijkheid bij de jongeren ingebakken te krijgen en daarnaast ook de ouders te verplichten op hun kroost te letten15. De verzekeringsaspecten zijn in het wetsvoorstel 30519 in beperkte mate aan de orde gekomen. In november 2012 heeft er in dat kader een oriënterend gesprek plaats gevonden tussen Oskam en vertegenwoordigers van het Verbond van Verzekeraars.

 

AVP-verzekering

Wettelijke verhaalsrechten zijn een prachtig instrument, maar in de praktijk relatief waardeloos indien het verhaalsobject bij gebrek aan middelen geen regres blijkt te bieden. Bij minderjarige kinderen zal dit al snel het geval zijn en ook de ouders bieden (zeker bij omvangrijke schades) lang niet altijd verhaal. Verhaal van de schade op de Aansprakelijkheidsverzekering voor Particulieren (AVP) van de dader geeft de grootste kans op daadwerkelijke compensatie van de schade. De vraag is dan natuurlijk wel of het maatschappelijk wenselijk moet worden geacht de gevolgen van bijvoorbeeld jeugdcriminaliteit af te doen via de verzekering. Nog afgezien van de premiegevolgen zal van enige (preventieve) corrigerende prikkel geen enkele sprake meer zijn, indien de verzekeraar betaalt.

 

De opzetclausule

Bijkomend probleem is dat in de polisvoorwaarden van de AVP altijd de zogenoemde opzetclausule is opgenomen. Na enkele arresten (Bierglas16; Aegon/Van der Linden17) op dit vlak hebben de meeste verzekeraars de polisvoorwaarden inmiddels wel zodanig geredigeerd dat opzet van de jongere zelf vrijwel altijd van dekking is uitgesloten.

Maar hoe zit dat met de ouders die op grond van hun (straks verruimde) risicoaansprakelijkheid worden aangesproken? Krijgen zij de opzetclausule eveneens tegengeworpen? Naar mijn bescheiden mening zou dit niet het geval mogen zijn, aangezien de ouders (uitzonderingen daargelaten) immers niet de (voorwaardelijke) opzet of het oogmerk op de gedraging en/of de schade hebben gehad, noch was de schade het zekere gevolg van het handelen van de ouders. Een en ander zal echter volledig afhangen van de inhoud van de polisvoorwaarden en de formulering van de uitsluitingen18.

 

Conclusie

Door de opzetuitsluiting blijft de schadelijdende partij alsnog in de kou staan. Aan de andere kant kan het toch niet de bedoeling zijn dat elke gedraging van minderjarigen maar op de AVP wordt afgeschoven. Dit zou immers een vrijbrief geven voor onbetamelijk gedrag en erger. Daarnaast zal zulks ongetwijfeld invloed hebben op de verzekeringspremie, waarmee een AVP-polis voor meer mensen een onbetaalbare verzekering wordt. Dit heeft weer gevolgen voor de verhaalbaarheid van wel gedekte schades en maatschappelijke gevolgen voor de daders die hun leven lang door hun schuldeisers worden achtervolgd en daardoor geen normaal bestaan kunnen opbouwen. In de afronding van dit artikel zal ik met een aantal aanbevelingen en conclusies komen op dit vlak.

 

Aanleiding voor het schrijven van dit artikel was een rechtsvergelijking te maken tussen de huidige Nederlandse regelgeving en het DCFR op het gebied van ouderaansprakelijkheid voor de gedragingen van hun minderjarige kinderen. Naast overeenkomsten blijken er toch ook een aantal significante verschillen op te treden tussen beide regelingen.

In het DCFR zijn kinderen zelf aansprakelijk voor hun onrechtmatige gedragingen, tenzij jonger dan zeven jaar. In Nederland ligt de grens momenteel bij kinderen jonger dan veertien jaar. Het DCFR dicteert een risicoaansprakelijkheid voor kinderen onder de veertien jaar, waarbij een disculpatiemogelijkheid bestaat. Het Nederlandse recht kent momenteel risicoaansprakelijkheid voor kinderen onder de zestien jaar, waarbij voor kinderen van veertien en vijftien een disculpatiemogelijkheid bestaat.

 

Aanbevelingen

Wat beogen al deze regelingen nu eigenlijk te bewerkstelligen? Voorop staat de breed gedragen maatschappelijke wens dat de schadelijdende partij zijn schade vergoed kan krijgen. Een ander belangrijk aspect is het bijbrengen en borgen van behoorlijk normbesef bij zowel ouders als de kinderen19. Kinderen dienen zich te gedragen en ouders moeten daarop toezicht uitoefenen door een consequente en eenduidige opvoeding. Daarvoor dienen naast het algemeen fatsoen aanvullende prikkels te bestaan.

Ik zou dan ook willen pleiten voor de mogelijkheid van aansprakelijkheid van minderjarigen, tenzij jonger dan veertien conform de huidige regeling. Onder die leeftijd is volgens mij de ontwikkeling van de hersenen en daarmee het normbesef bij kinderen nog niet voldoende voltooid om de gevolgen van hun gedragingen volledig te kunnen overzien. Daarnaast dient er risicoaansprakelijkheid voor de ouders te bestaan voor kinderen onder de achttien jaar zonder disculpatiemogelijkheid. Een ontsnappingsclausule staat in de weg van de verhaalswens en zorgt in de praktijk voor een onnodige extra belasting van de rechtsgang.

De aansprakelijkheid van de ouders dient te kunnen worden ondergebracht op een AVP-verzekering, waarbij de opzetclausule bij risicoaansprakelijkheid niet aan de ouders kan worden tegengeworpen. Om de mogelijkheden tot verhaal van schade door de schadelijdende partij te vergroten en verzekeraars de mogelijkheid te geven tot grotere risicospreiding, wordt de AVP-verzekering naar Frans voorbeeld een verplichte verzekering. De AVP-verzekeraar heeft in geval van opzet, waaronder vanzelfsprekend ook strafrechtelijke gedragingen, een tot een nader te bepalen maximum begrensd regresrecht op de minderjarige (ouder dan veertien jaar) eigen verzekerde. Eventueel kan nog gedacht worden aan een schifting tussen zuivere vermogensschade en letselschade, waarbij voor de eerstgenoemde categorie een eigen risico kan worden bepaald.

Op deze manier worden de risico’s gespreid en herverdeeld en ziet het slachtoffer zijn schade vergoed. Daarnaast blijven er voldoende (financiële) prikkels bij de kinderen en de ouders bestaan tot normconform gedrag en toezicht, zonder dat een regresvordering de rest van het (jonge) leven achtervolgt met alle maatschappelijke gevolgen van dien. Ik besef overigens ten volle dat nader wetenschappelijk onderzoek en empirische toetsing naar voorgaande aanbevelingen noodzakelijk is.

 

  1. Martijn Tuin is letselschaderegelaar bij Achmea Claims Organisatie en schrijft dit artikel op persoonlijke titel.
  2. Rb. Amsterdam 30 januari 2013, LJN BZ0489.
  3. S. van Gulijk, ‘De Draft Common Frame of Reference: een korte introductie’, Ars Aequi juni 2009, p. 1.
  4. C.C. van Dam, Aansprakelijkheidsrecht: een grensoverschrijdend handboek, Den Haag: Boom Juridische uitgevers 2003.
  5. J.M. van Dunné, Onrechtmatige daad: Overige verbintenissen, Deventer: Kluwer 2004.
  6. G.M. van Wassenaer, ‘Het voorstel Çörüz/Oskam, of de puberouder in de beklaagdenbank’, Verkeersrecht 2013, 4, p. 127.
  7. B.M. Paijmans, ‘Wetsvoorstel ter verruiming van de aansprakelijkheid van ouders voor kinderen’, Aansprakelijkheid, V & S 2007, 9, p. 1-2.
  8. Kamerstukken II, 2014/02, 30519, nr. G.
  9. Paijmans 2007, p. 4.
  10. Paijmans 2007, p. 5.
  11. Van Dam 2000, p. 46.
  12. P. de Tavernier, De buitencontractuele aansprakelijkheid voor schade veroorzaakt door minderjarigen, Antwerpen: Intersentia 2006.
  13. T. Hartlief, Ieder draagt zijn eigen schade, Deventer: Kluwer 1997.
  14. F.T. Oldenhuis & A. Kolder ’ Kroniek kwalitatieve aansprakelijkheid voor personen en zaken’, Aansprakelijkheid, V & S 2009, 1, p. 5.
  15. A.J. Verheij, Monografieën privaatrecht: onrechtmatige daad, Deventer: Kluwer 2005.
  16. HR 30 mei 1975, NJ 1976, 572.
  17. HR 16 november 1998, NJ 1999, 220.
  18. J. Kruijswijk Jansen, ‘Verruiming aansprakelijkheid ouders’, Beursbengel 2013, 824.
  19. J. Spier e.a., Verbintenissen uit de wet en Schadevergoeding, Deventer: Kluwer 2006.

 

Kort voor het ter perse gaan van bovenstaand artikel heeft de Eerste Kamer op 19 mei 2015 het initiatiefvoorstel uit­breiding aansprakelijkheid minderjarigen van het Tweede Kamerlid Oskam (CDA) verworpen. Alleen het CDA en PVV stemden voor. De Eerste Kamer stemde over het voorstel, nadat Oskam aankondigde af te zien van indiening van de eerder aangekondigde novelle.

Bent u deelnemer van het PIV? Vergeet dan niet om in te loggen Inloggen

Website by Webroots

Website by Webroots

hey