Jurisprudentie

Hof: blootstelling aan asbest niet aannemelijk gemaakt, werkgever niet aansprakelijk

  • Hof Amsterdam
  • 6 juni 2017
  • ECLI:NL:GHAMS:2017:2121
  • 200.184.617/01

Werknemer is in 2014 overleden aan mesothelioom. Zijn erfgename stelt de werkgever aansprakelijk. 1. Het hof volgt appellante niet in haar stelling dat zij in het kader van bewijslevering kon volstaan met het aannemelijk maken dat werknemer aan asbest is blootgesteld, in die zin dat hij werkzaam is geweest in gebouwen of schepen waarin asbest was verwerkt. appellante zal in voldoende mate aannemelijk moeten maken, dat hij in aanraking is geweest met asbesthoudende vezels. 2. Het hof oordeelt dat de omkeringsregel niet van toepassing is, aangezien deze niet ziet op de schadeveroorzakende gebeurtenis maar slechts op de bewijslast ten aanzien van de causaliteit. 3. Appellante heeft naar het oordeel van het hof niet bewezen dat werknemer in de uitoefening van zijn werkzaamheden is blootgesteld aan asbest.

Lees verder

Jurisprudentie

Hof: werknemer toegelaten tot bewijs dat collega werkgever heeft gevraagd om extra steiger

  • Hof Amsterdam
  • 30 mei 2017
  • ECLI:NL:GHAMS:2017:2057
  • 200.192.008/01

Werknemer –dakdekker- loopt in 2009 schouderklachten op, als hij een draai maakt om vuilniszakken van het dak naar beneden te laten zakken. Hij stelt zijn werkgever aansprakelijk ex art. 7:658 BW, omdat niet aan de zorgplicht is voldaan. Het hof neemt als vaststaand aan dat schouderklachten zijn opgelopen in de uitoefening van de werkzaamheden. Het debat van partijen spitst zich toe op de vraag of werkgever gehouden was ook aan de achterzijde van het pand een steiger te plaatsen. Daartoe bestond naar het oordeel van het hof bij de aanvang van de werkzaamheden geen aanleiding omdat de chef monteur, die de situatie ter plaatse tevoren had beoordeeld, niet kon weten dat er in de goot aan de achterzijde een aanzienlijke hoeveelheid vuil lag. Werknemer heeft echter gesteld dat werkgever hiervan later op de hoogte is gebracht, wat door de werkgever wordt betwist. Het hof laat werknemer toe zijn stelling te bewijzen zijn collega heeft gebeld en heeft gevraagd om plaatsing van een extra steiger aan de achterzijde van het pand.

Lees verder

Jurisprudentie

Rb, deelgeschil: beginsel hoor en wederhoor betekent niet dat arts zonder meer moet worden gehoord

  • 23 maart 2017
  • ECLI:NL:RBNHO:2017:2391
  • C/14/158417 / HA RK 14-155

Medische aansprakelijkheid, benadeelde acht ziekenhuis aansprakelijk wegens gemiste fractuur. Benadeelde verzoekt de rechtbank om te bepalen dat in het gezamenlijk verzoek aan de deskundige niet wordt opgenomen het verzoek om in het kader van hoor en wederhoor de betrokken arts te horen. 1. De rechtbank overweegt dat het aan de deskundige is om te bepalen op welke wijze hij zijn onderzoek inricht. Het staat de deskundige in dat kader vrij om, indien hij dat voor zijn onderzoek noodzakelijk of nuttig acht, de betrokken arts te horen. Dit is tot uitdrukking gebracht in de Leidraad deskundigen in civiele zaken. Het standpunt van de verzekeraar dat het beginsel van hoor en wederhoor er zonder meer toe noopt dat de betrokken arts wordt gehoord, onderschrijft de rechtbank niet. Aan dit beginsel wordt inhoud gegeven door beide partijen de gelegenheid te bieden om te reageren op het concept-rapport van de deskundige. De rechtbank wijst het verzoek toe en wijzigt de vraagstelling in “het staat u vrij de betrokken arts te horen indien u dat noodzakelijk acht (..) “. 2. Kosten deelgeschil: € 3.228,78.

Lees verder

Jurisprudentie

Rb, deelgeschil: toedracht ongeval staat niet vast, geen aansprakelijkheid

  • Rechtbank Amsterdam
  • 1 juni 2017
  • ECLI:NL:RBAMS:2017:3760
  • C/13/613294 / HA RK 16-298

Botsing tussen scooter (verzoeker) en motorfiets (verweerder). 1. Naar het oordeel van de rechtbank is de door verzoeker gestelde toedracht van het ongeval niet vast komen te staan. Met verzoeker is de rechtbank van oordeel dat het een ernstig feit is dat verweerder tijdens het getuigenverhoor een onjuist beeld heeft geschetst over het eerste contact met de getuige. Dit betekent echter niet dat de verklaring van verweerder als ongeloofwaardig dient te worden beschouwd. De rechtbank kent geen doorslaggevende betekenis toe aan de verklaring van verzoeker, omdat hij partijgetuige is. Verzoek afgewezen. 2. Kosten deelgeschil vastgesteld op € 3.801,63.

Lees verder

Jurisprudentie

Hof: toedracht waterski-ongeval bewezen –behoudens tegenbewijs-, comparitie gelast

  • Hof Den Bosch
  • 23 mei 2017
  • ECLI:NL:GHSHE:2017:2271
  • 200.172.274/01

Benadeelde gaat op boot van buurman meevaren en waterskiën. Hij loopt –als onervaren waterskiër- ernstig letsel op als hij tijdens het waterskiën uit de bocht vliegt en op de stenen terecht komt. Benadeelde acht de buurman aansprakelijk, omdat hij onrechtmatig heeft gehandeld, door een gevaarlijke manoeuvre uit te halen door tijdens een grote ronde de waterkant te snel en te dicht te naderen, waardoor hij is ‘gekatapulteerd’. De buurman stelt dat het incident het gevolg is van een ongelukkige samenloop van omstandigheden en heeft plaatsgevonden in een – recreatieve – sport- en spelsituatie. 1. Het hof acht op grond van verklaringen voorshands – behoudends tegenbewijs – bewezen dat benadeelde letsel heeft opgelopen doordat hij met zijn lichaam op of tegen de waterkant is geklapt. 2. Het hof gelast, alvorens verder te oordelen, een comparitie om te spreken over eventueel tegenbewijs, de vraag of sprake is van een onrechtmatige daad of van een sport- en spelsituatie, eigen schuld en de schade.

Lees verder

Jurisprudentie

Rb: verzoek om een voorlopig deskundigenbericht door een psychiater vanwege seksueel misbruik toegewezen

  • Rechtbank Gelderland
  • 29 mei 2017
  • ECLI:NL:RBGEL:2017:2870
  • C/05/317275/HA RK 17-65

Benadeelde acht stichting jeugdbescherming aansprakelijk voor schade door seksueel misbruik in een pleeggezin van 1998 t/m 2000 en verzoekt om voorlopig deskundigenbericht door psychiater. Door Schadefonds Geweldsmisdrijven is smartengeld van € 25.000,- toegekend; de overige schade is afgewezen. De stichting stelt dat benadeelde geen belang heeft bij zijn verzoek omdat een eventuele vordering is verjaard. De rechtbank wil niet vooruit lopen op een eventuele procedure. Slechts indien zonder meer duidelijk is dat het beroep op verjaring zal slagen, kan worden geoordeeld dat verzoeker geen belang heeft bij het door hem verzochte onderzoek. Dat causaal verband volgens SJG ontbreekt staat aan toewijzing van het verzoek evenmin in de weg. Het verzoek strekt er juist toe het eventuele bestaan van een verdergaande schadevergoedingsplicht te doen onderzoeken. Verzoek toegewezen.

Lees verder

Jurisprudentie

Hof: deskundigenbericht over afsluiten behoorlijke verzekering (art 7:611 BW) onvoldoende controleerbaar

  • Hof Den Bosch
  • 9 mei 2017
  • ECLI:NL:GHSHE:2017:2028
  • 200.108.360_01 en 200.123.595_01

Vervolg HR 19 december 2008 (art 7:611 BW; behoorlijke verzekering). Arrest na deskundigenbericht waarin aan de deskundige was gevraagd welke mogelijkheden er in 1998 waren voor de werkgever (ambulancedienst) om een behoorlijke verzekering af te sluiten voor ongevallen in het verkeer. De deskundige heeft diverse mensen uit de branche geïnterviewd. Volgens de deskundige is het beeld voldoende representatief voor de gehele markt, maar het hof stelt vast dat dit op geen enkele wijze controleerbaar is. Het hof komt tot de slotsom dat het deskundigenbericht onvoldoende gegevens bevat om de bevindingen, gedachtegang en conclusies van de deskundige te kunnen volgen en controleren. De stelling van werknemer dat een deskundigenbericht als het onderhavige niet mogelijk is juist lijkt te zijn, aldus het hof. Het hof gelast een comparitie om met partijen te spreken over de gevolgen van het terzijde leggen van het rapport.

Lees verder

Jurisprudentie

Rb, deelgeschil: betrokkenheid bij aanrijding aangenomen ondanks vrijspraak in strafzaak

  • Rechtbank Midden-Nederland
  • 29 maart 2017

Verzoekster stelt dat zij is aangereden door A, dat A vervolgens na discussie is weggereden en tweemaal tegen haar lichaam is aangereden. A ontkent betrokkenheid en is strafrechtelijk vrijgesproken. Verzoekster stelt de WAM-verzekeraar van A en (subsidiair) het Waarborgfonds aansprakelijk. 1. De rechtbank overweegt dat de vrijspraak van A niet automatisch betekent dat daarmee in deze civiele procedure vaststaat dat hij niet betrokken is geweest bij de aanrijding. De rechtbank komt op basis van getuigenverklaringen tot het oordeel dat met een redelijke mate van zekerheid kan worden vastgesteld dat A betrokken was bij het ongeval. 2. Kosten deelgeschil: € 5.611,00 (gevorderd: € 7.875,16, aantal uren gematigd).

Lees verder

Jurisprudentie

Rb, deelgeschil: causaliteit staat niet vast: voorschot afgewezen; niet gespecificeerde BGK afgewezen

  • Rechtbank Midden-Nederland
  • 14 december 2016
  • ECLI:NL:RBMNE:2016:7598
  • C/16/420717 / HA RK 16-167

Benadeelde verzoekt om voorschot van € 24.000,- en maandelijks € 2000,-. 1. De rechtbank wijst het verzoek af. Zonder inzicht in de medische situatie is het voor de rechtbank niet mogelijk vast te stellen of, en zo ja in hoeverre, benadeelde sprake is van neurologisch en/of orthopedisch letsel, en beperkingen. Om te kunnen beoordelen of benadeelde in staat is zich een inkomen uit arbeid te verwerven is het bovendien nodig een verzekeringsgeneeskundige en een arbeidsdeskundige in te schakelen. Op dit moment bestaat nog geenszins duidelijkheid over de klachten en de daaruit voortvloeiende beperkingen die kunnen worden toegeschreven aan het ongeval, terwijl, binnen de deelgeschilprocedure geen ruimte bestaat voor (uitgebreide) bewijslevering. Nu het causaal verband (nog) niet kan worden vastgesteld bestaat ook te weinig duidelijkheid over de omvang van de schade. 2. BGK. Gevorderd: € 23.041,33. Bij gebreke van een urenspecificatie ziet de rechtbank aanleiding de kosten te begroten overeenkomstig het standpunt van de verzekeraar. € 1.000,- toegewezen.

Lees verder

Jurisprudentie

Hof: studievertraging na seksueel misbruik toegerekend, behoudens tegenbewijs

  • Hof Den Bosch
  • 25 april 2017
  • ECLI:NL:GHSHE:2017:1847
  • 200.186.862_01

Benadeelde vordert schade, waaronder studievertraging – na seksueel misbruik. Appellant betwist het causaal verband. Het hof overweegt dat het een feit van algemene bekendheid dat seksueel misbruik tot aanzienlijke schadelijke gevolgen – zowel lichamelijk als geestelijk – voor het slachtoffer kunnen leiden. Die schade moet in beginsel als gevolg van het handelen van appellant aan hem worden toegerekend, tenzij appellant aannemelijk maakt dat de schade ook zonder het seksueel misbruik zou zijn ontstaan. Daaraan doet niet af een eventuele vóór het incident bestaande bijzondere lichamelijke of geestelijke kwetsbaarheid (predispositie). Het hof laat appellant toe tot bewijslevering, maar gelast hieraan voorafgaand een comparitie.

Lees verder

Vaknieuws

Aantal verkeersdoden gestegen, omgekomen autorijders vaak jong of oud

  • Centr. Bureau voor Statistiek
  • 2 mei 2017

In 2016 kwamen 629 mensen om in het verkeer. Dat zijn 8 personen meer dan in 2015, het jaar waarin het aantal verkeersdoden met 51 toenam. Onder bestuurders van personenauto’s vielen naar verhouding de meeste dodelijke verkeersslachtoffers (30 procent). Onder automobilisten van 18 tot 25 jaar en 75 jaar of ouder was het percentage dat verongelukte het grootst. Dat blijkt uit nieuwe cijfers van het CBS.

Lees verder

Jurisprudentie

Rb, deelgeschil: geen ruimte voor uitgebreide bewijslevering, kosten zijn niet redelijk

  • Rechtbank Midden-Nederland
  • 14 december 2016
  • ECLI:NL:RBMNE:2016:7598
  • C/16/420717 / HA RK 16-167

In het kader van een deelgeschilprocedure kan een verzoek tot het bepalen van een voorschot worden gedaan. Niet te zware eisen moeten worden gesteld aan de voorwaarde van een deelgeschil dat de verzochte beslissing een bijdrage kan leveren aan de totstandkoming van een vaststellingsovereenkomst. Geen ruimte bestaat voor uitgebreide bewijslevering. Een neuroloog en een orthopeed zijn in een ander verzoek als deskundigen benoemd. De rapporten zijn nog niet beschikbaar. De rechtbank kan niet vaststellen dat een vorderingsrecht bestaat dat het totaal van de reeds verstrekte voorschotten overstijgt. Het verzoek wordt afgewezen. De thans gevorderde buitengerechtelijke kosten voldoen niet aan de dubbele redelijkheidstoets van artikel 6:96 lid 2 onder b BW. Het is niet (meer) redelijk dat [verzoeker] al vier verschillende belangenbehartigers in de arm heeft genomen. Daarom en in verband met de op dit moment nog bestaande onduidelijkheid over het causaal verband en daarmee over de omvang van de schade, is de verzekeraar niet gehouden tot het voldoen van het thans gevorderde bedrag aan buitengerechtelijke kosten. De rechtbank begroot de kosten van de procedure mede bij gebreke van een urenspecificatie overeenkomstig het standpunt van verzekeraar op € 1.000,00.

Lees verder

Jurisprudentie

Hof: behandeling schadeposten

  • Hof Den Haag
  • 25 mei 2017
  • ECLI:NL:GHDHA:2017:978
  • 200.179.055

De bestuurder van een fiets slaagde in het bewijs dat hij in botsing gekomen was met een hond. [appellant] zag af van het leveren van tegenbewijs. Een beroep op eigen schuld omdat [geïntimeerde], gelet op zijn beperking aan zijn hand, onverantwoord snel zou hebben gereden, is onvoldoende onderbouwd. Een vergoeding van € 28,00 per dag bij opname in een ziekenhuis is conform de letselschaderichtlijn en is toewijsbaar. De noodzaak van een beroep op derden voor huishoudelijke hulp en tuinwerkzaamheden als gevolg van het ongeval is onvoldoende onderbouwd. Een enkele verwijzing naar het rapport van een deskundige is onvoldoende.

Lees verder

Jurisprudentie

Rb: onvoldoende onderbouwing van schadeposten

  • Rechtbank Limburg
  • 26 mei 2017
  • ECLI:NL:RBLIM:2017:3843
  • 4641603 \ CV EXPL 15-12534

De kantonrechter is van oordeel dat de noodzaak van ergonomische aanpassingen van keuken, toilet en badkamer op onvoldoende wijze zijn onderbouwd. Zo ontbreken medische verklaringen die de zienswijze van eiseres zouden kunnen ondersteunen. Daarbij komt dat eiseres offertes heeft overgelegd die niet zien op aanpassingen van de diverse ruimtes, maar complete vervanging van zowel keuken, toilet en badkamer. Niet valt in te zien waarom complete vervanging noodzakelijk is. Eiseres heeft daaromtrent niets althans volstrekt onvoldoende gesteld, toewijzing € 500. Kosten van kapper en pedicure zijn niet noodzakelijkerwijs direct voortvloeiend uit het ongeval. Ook in een normale situatie zouden dergelijke kosten wellicht eveneens zijn gemaakt. Verder staat niet vast dat de kosten voor juridische bijstand voor rekening van eiseres zullen komen. Verder toewijzing fysiotherapie € 3.744,00.

Lees verder

Jurisprudentie

Hof: Het Nederlands Bureau mag niet vereenzelvigd worden met een buitenlandse verzekeraar

  • Hof Arnhem-Leeuwarden
  • 21 februari 2017
  • ECLI:NL:GHARL:2017:2867
  • 200.204.151/01

Bij een ongeval in Nederland heeft het Nederlands Bureau een deskundige benoemd voor het vaststellen van de letselgevolgen. AXA België heeft de benadeelde gedagvaard. De rechtbank oordeelde dat de schade door voorschotten reeds was vergoed. Daartegen ging de benadeelde in beroep. Naast deze procedure vraagt de benadeelde het hof een deskundige te benoemen. De gerekwestreerde, het Nederlands Bureau, voert verweer dat deze geen partij is in de procedure. Het Bureau kan niet vereenzelvigd worden met AXA. Verzoeker is daarom niet ontvankelijk jegens het Bureau. Het Hof roept mede daarom AXA op voor een mondelinge behandeling.

Lees verder