PIV-Bulletin 2016-4 Van de redactie

Samenvatting:

Het letselschadelandschap, een veelzijdig flora
Het letselschadelandschap kent een flora met, voor wie goed kijkt, een opmerkelijke variatie. Er zijn licht- en schaduwminnende soorten, schermbloemigen, wolfsklauwen en varens, uitbundige bloeiers, bodembedekkers, woekerende soorten, snelle groeiers en symbioten. En dan hebben we het nog niet over het gif en de stekels.  

Tot voor kort bloeide de Mooie Theo (vinum bonum), taxonomisch behorend tot de Kremerachtigen, die, stevig geworteld, het landschap voor langere tijd bepaalde. Een weelderige langbloeier die, eenmaal tot volle wasdom gekomen, hoog opschiet, veelsoortige vruchten draagt, en uit de kruin waarvan fraaie vergezichten lonken. Ook na de periode van de grote bloei kan de Mooie Theo, mits goed verzorgd, nog lang vrucht dragen.

Peter van Steen besteedt aandacht aan de Marjolein. Meer specifiek: de Wilde Marjolein (ik kan het ook niet helpen) ofwel origanum vulgare. De Wilde Marjolein is een stevige en niet kieskeurige lipbloemige, die het goed doet in diverse plantgemeenschappen, zoals grasland, zoom, muur, akker, ruigte, struweel, loofbos en, jawel: ruderale gemeenschappen. Fijn kruidig en aromatisch ruikend. Belangrijk voor het bouquet. Smaakmaker. In bijgaand bulletin leest u er meer over. 

Planten die op elkaar lijken, met elkaar kunnen kruisen en vruchtbare nakomelingen hebben, worden taxonomisch samengevoegd binnen een soort. In dit bulletin besteden wij uitgebreid aandacht aan een betrekkelijke nieuwkomer, de Herstelcoach; een hybride levensvorm die voortkomt uit een kruising tussen de registerexpert, de arbeidsdeskundige en geënt op de psychologie. Daarmee is de herstelcoach  taxonomisch nog niet helemaal helder te duiden, maar omdat hij toch het meest wegheeft van eerdergenoemde soorten, scharen wij hem vooralsnog onder het geslacht Deskundigae.

De ten onrechte vaak als exoot geduide herstelcoach lijkt toch al niet meer weg te denken uit onze habitat, waarbij ook dient te worden gewaarschuwd voor wildgroei. In een interview door Peter van Steen wordt uiteengezet hoe je de herstelcoach moet verzorgen om hem daadwerkelijk vrucht te laten dragen.

Aernout Santen gaat in zijn bijdrage in op de problematiek betreffende de symbiotische levensvorm der BGK, familie der Palsae, die zonder krachtige beheersmaatregelen door overgroei de perken te buiten woekert, een snelle groeier met veel dood hout. Hij geeft voorbeelden van hoe symbioten hun gastheer overgroeien en waarschuwt voor de gevolgen van overvloedige bemesting. Handmatig snoeien kan soelaas te bieden.

Banis en de Haan gaan in hun artikel over subrogatie en/of cessie uitgebreid in op de problematiek van het enten, op het zorgvuldig verpotten van vorderingen, en op de onomkeerbaarheid van keuzes. Een oproep om het enten en verpotten met zorg en aandacht uit te voeren, opdat de meest krachtige wortels gekozen worden en behouden blijven.

Jansen en Quist besteden aandacht  aan de opmerkelijke kiemkracht van de letselschadevordering, en de vraag hoe daar verstandig mee om te gaan. Tenslotte treft u nog een verslag van een vruchtbare Medas Meeting, en hoe daar de nodige zaadjes gestrooid zijn.

En oh ja! de Wilde Marjolein is een kalkindicator. Dat belooft wat.

 

 

 

  • Vaknieuws

  • Bron: PIV-bulletin
  • folder PIV-bulletin

Bent u deelnemer van het PIV? Vergeet dan niet om in te loggen Inloggen

Website by Webroots

Website by Webroots