Vaknieuws

Eén op 15 werknemers heeft arbeidsongeval

  • Centr. Bureau voor Statistiek

In 2013 liepen 458 duizend werknemers lichamelijk letsel of geestelijke schade op door een ongeval tijdens het werk. Dat komt overeen met 1 op de 15 werknemers in Nederland. Bijna de helft van de slachtoffers verzuimde hierdoor één dag of langer. De meeste arbeidsongevallen deden zich voor in de horeca. Ongeveer 70 procent van de werknemers met een arbeidsongeval liep lichamelijk letsel op, zoals een wond, botbreuk, verstuiking of verbranding. Ruim 20 procent liep uitsluitend geestelijke schade op, zoals psychische schade door bedreiging of agressief gedrag.

Lees verder

Jurisprudentie

Rb: RSI, causaal verband werkzaamheden en schade te onzeker, werkgever niet aansprakelijk

  • Rechtbank Midden-Nederland
  • ECLI:NL:RBMNE:2014:815
  • 847470 UC EXPL 13-27

RSI. Werknemer – edelsmid/productiemedewerker – raakt in 1997 arbeidsongeschikt vanwege klachten aan arm, pols en hand; diagnose RSI.
De kantonrechter oordeelt dat niet is komen vast te staan dat werknemer in de uitoefening van zijn werkzaamheden is blootgesteld aan zodanige fysiek belastende arbeidsomstandigheden dat zijn chronisch geworden armklachten daardoor zijn veroorzaakt. Het (arbeidsgeneeskundig) expertiserapport biedt hiervoor onvoldoende steun. De kantonrechter oordeelt vervolgens dat werknemer niet kan profiteren van de in de rechtspraak ontwikkelde regel, dat wanneer een werknemer in de uitoefening van zijn werkzaamheden is blootgesteld aan voor de gezondheid gevaarlijke omstandigheden en hij schade heeft opgelopen, het oorzakelijk verband in beginsel moet worden aangenomen. (HR 17 november 2000 NJ 2001/596, Unilever). Het causaal verband is in dit geval te onzeker en te onbepaald is, wat toepassing van genoemde regel verhindert.

Lees verder

Jurisprudentie

Hof: vermoeden causaal verband tendovaginitis en werk

  • Hof Arnhem-Leeuwarden
  • ECLI:NL:GHARL:2013:5339
  • 200.044.328-01

De arbeidsrechtelijke omkeringsregel leidt niet tot een omkering van de bewijslast, maar drukt slechts het vermoeden uit dat de gezondheidsschade van de werknemer is veroorzaakt door de omstandigheden waarin deze zijn werkzaamheden heeft verricht. De werkgever hoeft niet te bewijzen dat de gezondheidsklachten niet zijn veroorzaakt door de omstandigheden waaronder de werknemer zijn werkzaamheden heeft verricht, maar kan volstaan met het ontzenuwen van het vermoeden dat dit het geval is. Voor de rechter geldt een beperkte motiveringsplicht ten aanzien van zijn beslissing om de bevindingen van deskundigen al dan niet te volgen. Wel dient hij bij de beantwoording van de vraag of hij de conclusies waartoe een deskundige in zijn rapport is gekomen in zijn beslissing zal volgen, alle terzake door partijen aangevoerde feiten en omstandigheden in aanmerking te nemen en op basis van die aangevoerde stellingen in volle omvang te toetsen of aanleiding bestaat van de in het rapport geformuleerde conclusies af te wijken. Aanvullende vragen worden aan de deskundige gesteld.

Lees verder

Jurisprudentie

HR: verband tussen RSI en arbeidsomstandigheden te onzeker

  • Hoge Raad
  • BZ1717
  • 12/01939

Werkgeversaansprakelijkheid RSI; art. 7:658 BW. De Hoge Raad vernietigt het arrest van het hof Amsterdam, waarin de werkgever aansprakelijk werd geacht voor de gevolgen van RSI van werkneemster (dossierbehandelaar SVB). De Hoge Raad oordeelt dat het hof zich te eenzijdig heeft gebaseerd op ‘de kennis, ervaring en intuïtie’ van een deskundige. Door de werkgever was gesteld dat over de aard en oorzaken van RSI veel onduidelijkheden bestaan en dat het daarom onwaarschijnlijk is dat de werkomstandigheden van de werkneemster haar RSI hebben veroorzaakt. Het hof heeft zich teveel laten leiden door een vermoeden van een verband tussen ziekte en werkomstandigheden terwijl dit verband te onzeker is. De Hoge Raad verwijst de zaak naar Hof Den Haag.

Lees verder

Jurisprudentie

Hof: Holland Casino aansprakelijk voor RSI werkneemster

  • Hof Amsterdam
  • BY5409
  • 200.033.139/01

Arrest na tegenstrijdige deskundigenrapporten. Bewijslast rust op werkneemster. 1. Het hof volgt het oordeel van de deskundigen die concludeerde dat de werkzaamheden van werkneemster als croupier in relatie kunnen staan tot het door haar ontwikkelde klachtenpatroon; de blanco voorgeschiedenis speelde hierbij een rol. Het hof overweegt dat niet bepalend is of een oorzakelijk verband kan worden vastgesteld tussen de klachten van en de werkzaamheden, maar of het aannemelijk is dat de klachten daarin hun oorzaak vinden. Het hof hecht betekenis aan het feit dat beide deskundigen hebben opgemerkt dat werkneemster de klachten reëel presenteerde. 2. Het hof oordeelt vervolgens dat de werkgever niet aan haar zorgplicht heeft voldaan. Getuigenverklaringen waarin gesteld werd dat in de opleiding geen aandacht is besteed aan de houding, zijn onvoldoende weersproken.

Lees verder

Jurisprudentie

HR: geen werkgeveraansprakelijkheid voor RSI (-achtige) klachten, cassatieberoep afgewezen (art. 81 RO)

  • BX7591
  • 11/05555

De Hoge Raad verwerpt het ingestelde cassatieberoep zonder nadere motivering (art 81 RO). Het betreft een zaak waarbij een uitzendkracht in 1998 arbeidsongeschikt is geworden door RSI-(achtige) klachten. Het Hof wijst de aansprakelijkheid van de inlener af. Het feitenmateriaal biedt onvoldoende steun dat de ‘opgelegde werkdruk’ zondanig hoog was dat er sprake was van een relevante schending van de zorgplicht. Uit het deskundigenrapport blijkt dat de schending van de verplichtingen met betrekking tot de inrichting van de werkplek (hoogte bureau, temperatuur en lichtinval) de klachten niet heeft veroorzaakt en daaraan ook niet wezenlijk heeft bijgedragen.

Lees verder

Jurisprudentie

Hof: geen hoger beroep van deelgeschil; RSI-zaak niet te ingewikkeld voor deelgeschil

  • Hof Den Haag
  • BW8517
  • 200.097.441/01

Het hof oordeelt dat geen hoger beroep mogelijk is van een deelgeschilprocedure en acht geen gronden aanwezig voor doorbreking van het appelverbod van artikel 1019bb Rv. De kantonrechter had geoordeeld dat de werkgever aansprakelijk was voor de RSI-klachten van de werknemer en dat de vordering niet was verjaard. Het hof oordeelt het geschil zich leent voor een deelgeschil; de rechter heeft in dit kader een ruime beoordelingsvrijheid. Het verzoek is naar zijn aard niet te ingewikkeld om in een deelgeschilprocedure te worden behandeld. Ook indien partijen geen noemenswaardige onderhandelingen hebben gevoerd, behoeft dat op zich niet in de weg te staan aan behandeling van het verzoek in een deelgeschilprocedure.

Lees verder

Jurisprudentie

Hof: RSI, Holland Casino aansprakelijk voor schade werkneemster

  • Hof Amsterdam
  • BU9685
  • 200.074.185/01

Het hof acht Holland Casino aansprakelijk voor de schade van werkneemster als gevolg van RSI. Het hof verwerpt de bezwaren die Holland Casino heeft gemaakt tegen het deskundigenbericht en tegen het eindoordeel van de kantonrechter dat de klachten van werkneemster arbeidsgerelateerd zijn. Bezwaren tegen het oordeel van de kantonrechter dat Holland Casino niet aan haar zorgplicht heeft voldaan, met name doordat zij onvoldoende heeft toegezien op naleving van gegeven instructies worden eveneens verworpen.

Lees verder

Jurisprudentie

Rb, deelgeschil: werkgever aansprakelijk voor RSI werknemer, tenzij beroep op verjaring slaagt

  • Rechtbank Den Haag
  • BU3478
  • 394120 / HA RK 11-284

Werkgever aansprakelijk ex art 7:658 BW voor RSI? 1. Werkgever beroept zich op verjaring. De kantonrechter acht voor dit verweer de tussen partijen gevoerde correspondentie van belang en stelt verzoeker in de gelegenheid deze over te leggen. 2. Indien het verjaringsverweer van de werkgever niet slaagt, acht de kantonrechter de werkgever ex art 7:658 BW aansprakelijk. Uit overgelegde rapporten blijkt dat benadeelde in de uitoefening van zijn werkzaamheden voor werkgever RSI-klachten heeft opgelopen en daardoor schade heeft geleden. Tevens moet worden geoordeeld dat PKF Wallast tekort is geschoten in de nakoming van haar zorgverplichting, onder meer voortvloeiend uit de Arbeidsomstandighedenwet (1980) en het Besluit Beeldschermwerk 1992.

Lees verder

Jurisprudentie

Hof: omkeringsregel, arbeidsomstandigheden oorzaak RSI

  • Hof Amsterdam
  • BT7387
  • 106.000.948/01

De deskundige was van mening dat de vastgestelde arbeidsomstandigheden als waarschijnlijke oorzaak kunnen worden aangemerkt voor de RSI waarvoor een percentage van 75% hanteerbaar is. Dat percentage komt niet uit de lucht vallen, maar is een op kennis, ervaring en intuïtie gebaseerde schatting. Het hof volgt de zienswijze van de deskundige. Voortbordurend op de omkeringsregel van HR 9 januari 2009 BF8875 (Landskroon/BAM), 23 juni 2006, NJ 2006, 354 (Havermans/Luyckx) en 17 november 2000, NJ 2001, 596 (Unilever/Dikmans) acht het hof bewezen dat appellante haar werkzaamheden moest verrichten onder omstandigheden die schadelijk kunnen zijn voor de gezondheid. Aannemelijk is dat de RSI door die omstandigheden kan zijn veroorzaakt. Daarmee is het oorzakelijk verband tussen de arbeidsomstandigheden en de RSI gegeven, behoudens indien de werkgever erin slaagt te bewijzen dat zij aan haar zorgplicht heeft voldaan.

Lees verder