Jurisprudentie

Rb, deelgeschil: fietser niet aansprakelijk voor aanrijding met overstekende voetganger

  • Rechtbank Midden-Nederland
  • 23 maart 2016
  • ECLI:NL:RBMNE:2016:7441
  • C/16/402185 / HL RK 15-103

Voetganger, die fietspad oversteekt, wordt aangereden door fietser. 1. De rechtbank overweegt dat van een fietser in zijn algemeenheid mag worden verwacht dat deze anticipeert op voetgangers die het fietspad oversteken en dat hij daar zijn snelheid op aanpast. Maar de verkeersbeweging van de voetgang, die het fietspad overstak van achter een bloembak die voor de fietser het zicht op haar ontnam, terwijl het fietspad recht, overzichtelijk en vrij was, moet worden gezien als dusdanig onverwacht en ongebruikelijk dat hij daarop niet behoefde te anticiperen. Hieruit volgt dat de fietser niet in strijd heeft gehandeld met art. 19 RVV – namelijk dat de bestuurder in staat moet zijn zijn voertuig tot stilstand te brengen binnen de afstand waarover hij de weg kan overzien en waarover deze vrij is – en dat hij zich niet zodanig heeft gedragen dat hij gevaar op de weg heeft veroorzaakt als bedoeld in art. 5 WVW. 2. Kosten deelgeschil: € 4.685,- maar afgewezen.

Lees verder

deelgeschil: paaltje langs stoep geen gebrek van de weg

  • Rechtbank Rotterdam
  • 16 februari 2016
  • ECLI:NL:RBROT:2016:1219
  • 4703715 VZ VERZ 15-23405

Een voetganger valt over een paatje langs de stoep dat dient om auto’s van de stoep te weren. Vaststaat dat dit type paaltjes door heel de stad wordt geplaatst en dat gemeenten door heel het land gebruik maken van dit type paaltjes. Uit de foto’s blijkt dat sprake is van een overzichtelijke straatsituatie, het paaltje deel uitmaakte van een reeks paaltjes die op gezette afstand over de lengte van de stoep waren geplaatst, het paaltje c. q. de paaltjes een donkerder kleur hadden ten opzichte van de tegels van de stoep en voorts dat het paaltje en ook de overige paaltjes, mede gelet op de hoogte ervan, voor zowel voetgangers op de stoep als voor personen die de stoep willen opstappen goed zichtbaar zijn. Van een gebrek aan de weg is daarom geen sprake. Omdat aansprakelijkheid niet is komen vast te staan worden de kosten niet toegewezen.

Lees verder

Jurisprudentie

Hof: stoep niet gebrekkig door verhoging

  • Hof Den Bosch
  • 23 februari 2016
  • ECLI:NL:GHSHE:2016:667
  • 200. 159. 597_01

Een voetganger loopt achteruit van de straat de stoep op en valt daar over een betonnen verhoging, geplaatst door de gemeente om auto’s van de stoep te weren. Het hof oordeelt dat de weg niet gebrekkig was en dat de gemeente in redelijkheid had kunnen besluiten de verhoging te plaatsen. De kans dat het winkelend publiek over de verhoging zou vallen was betrekkelijk klein.

Lees verder

Vaknieuws

Verbond: Fietsers en voetgangers vaker betrokken bij ongevallen

  • Verbond van Verzekeraars
  • 26 november 2015

Het aantal ongevallen in het verkeer waarbij auto’s betrokken zijn, is het afgelopen jaar iets gedaald. Noteerden verzekeraars in 2013 nog ruim 483.000 particuliere schadeclaims na aanrijdingen, in 2014 daalde dat naar 462.000. Dat blijkt uit de eerste Risicomonitor Verkeer, die het Verbond van Verzekeraars op 26 november 2015 naar buiten heeft gebracht. Waar het totaal aantal schadeclaims in het verkeer daalt, geldt dat niet voor aanrijdingen van auto’s met fietsers en voetgangers. Dat aantal particuliere claims steeg van bijna 9.700 in 2010 naar 10.400 vorig jaar. Het Verbond constateert een opvallende piek in het aantal aanrijdingen met ‘zwakke’ verkeersdeelnemers vlak na de zomervakantie, als kinderen (voor het eerst) weer naar school gaan.

Lees verder

Jurisprudentie

Hof: IKEA aansprakelijk voor val door gladheid bij hoofdingang (indien gladheid wordt bewezen)

  • Hof Arnhem-Leeuwarden
  • 19 mei 2015
  • ECLI:NL:GHARL:2015:3531
  • 200.155.688

Benadeelde is ten val gekomen op het trottoir voor de winkel van IKEA en loopt een enkelbreuk op. Het hof oordeelt, dat IKEA de zorgplicht rust om in geval van winterse omstandigheden gladheid in het voetgangersgebied in de directe nabijheid van haar winkel te bestrijden. In verband met de massaliteit (gemiddeld 5000 bezoekers per dag) en beleving als dagje uit zullen de bezoekers van IKEA niet steeds voldoende oplettend zijn en is de kans op ongevallen in geval van gladheid min of meer aanzienlijk. Het hof draagt benadeelde op te bewijzen dat het ter plaatse van de hoofdingang van IKEA glad was en dat haar val een gevolg daarvan is. Indien zij hierin slaagt, staat voldoende vast door IKEA en de door IKEA ingeschakelde hulppersonen onvoldoende aan gladheidsbestrijding is gedaan.

Lees verder

Jurisprudentie

Rb, deelgeschil: botsing auto met uitgestapte bestuurder na slippartij op snelweg, geen eigen schuld art 185 WVW

  • Rechtbank Gelderland
  • 29 januari 2015
  • ECLI:NL:RBGEL:2015:1227
  • 270479

Benadeelde raakt bij gladheid op de snelweg in slip en botst op vangrail. Zij stapt uit en loopt letsel op, als gedaagde met zijn auto tegen de stilstaande auto botst, die daardoor doorschiet en tegen benadeelde botst. Tussen partijen staat vast dat art 185 WVW van toepassing is;
zij verschillen van mening over vraag of verzekeraar meer dan 50% moet vergoeden (50%-regel). Verzekeraar stelt dat sprake is van eigen schuld, a. omdat benadeelde een slippartij heeft veroorzaakt en b. omdat zij na de botsing heeft verzuimd om zich in veiligheid te brengen. De rechtbank verwerpt deze verweren. Gelet op de plotseling opgetreden extreme gladheid kan niet worden geoordeeld dat benadeelde zich anders heeft gedragen dan een redelijk mens onder de gegeven omstandigheden zou hebben gedaan. Benadeelde kan niet kan worden verweten dat zij niet onmiddellijk de tegenwoordigheid van geest heeft gehad om direct achter de vangrail te gaan staan. Kosten deelgeschil € 4.302,95 (uurtarief € 165,-).

Lees verder

Jurisprudentie

Rb, deelgeschil: gemeente niet aansprakelijk voor val over ontbrekende stoeptegel

  • Rechtbank Midden-Nederland
  • 22 oktober 2014
  • ECLI:NL:RBMNE:2014:6749
  • C/16/371806 / HA RK 14-138 MAR

Benadeelde komt ten val als zij in winkelcentrum met haar voet in gat van ontbrekende stoeptegel blijft haken en loopt letsel op. 1. De rechtbank overweegt dat niet van doorslaggevende betekenis of de stoeptegel al dan niet ontbrak. De rechtbank oordeelt op grond van door partijen overgelegd beeldmateriaal dat het om een relatief klein verschil in hoogte van maximaal 2 cm gaat. Een dergelijke kleine oneffenheid levert geen gebrek op in de zin van art. 6:174 BW. De omstandigheid dat meteen de volgende dag drie nieuwe tegels waren gelegd op de desbetreffende plek, maakt dit niet anders. De rechtbank acht de gemeente niet aansprakelijk ex art. 6:174 BW. 2. Kosten deelgeschil vastgesteld op € 2000, maar afgewezen (gevorderd: € 4416,50, maar aantal uren buitenproportioneel).

Lees verder

Jurisprudentie

Rb: Geen verplichting winkelier tot ijsvrij houden stoep

  • Rechtbank Overijssel
  • 21 mei 2014
  • ECLI:NL:RBOVE:2014:3424
  • C/08/144827/HA ZA 13-627

Wanneer men in winterse weersomstandigheden naar buiten gaat, dient men op gladheid bedacht te zijn. Valt men dan is men in beginsel zelf aansprakelijk voor zijn schade.
Een verplichting tot ijsvrij houden is slechts aan de orde in situaties die een bijzonder gevaar opleveren. De inspanningen tot het ijsvrij houden van de toegang tot de winkel moeten worden beschouwd als een service aan het winkelend publiek, welke service niet kan worden geacht dat publiek te ontslaan van haar eigen verantwoordelijkheid voor het voorkomen van een valpartij. De winkelier heeft eiseres niet aan een groter risico blootgesteld dan onder de gegeven omstandigheden verantwoord was en waarop zij beducht had moeten zijn.

Lees verder

Jurisprudentie

Rb: ongeval tram-voetganger: art. 185 WVW van analoge toepassing: 60-40

  • Rechtbank Den Haag
  • 2 mei 2012
  • BW5422
  • 399447 / HA ZA 11-2143

Botsing tussen tram en voetganger, die vlak voor de naderende tram overstak. 1. De rechtbank overweegt dat uit HR 14 juli 2000, NJ 2001, 417 volgt dat voor bestuurders van trams (geen motorrijtuig in WVW) in het kader van artikel 6:162 BW hetzelfde strenge regime geldt als voor bestuurders van motorrijtuigen op grond van artikel 185 WVW. 2. 50%-regel van toepassing, waarin Betriebsgefahr van tram is verdisconteerd. 3. Causale weging 60% (tram)- 40% (voetganger). Mogelijke billijkheidscorrectie na comparitie. 4. Gemeente niet aansprakelijk wegens gebrekkige weginrichting.

Lees verder