Jurisprudentie

Rb: botsing tussen stilstaande auto en racefietser: overmacht art 185 WVW

  • Ongepubl. jurisprudentie, Rechtbank Den Haag
  • 26 januari 2017
  • 5116149 EJ VERZ 16-83110

Wielrenner passeert auto die op smalle weg stil staat om tegemoetkomende auto voorbij te laten, raakt daarbij spiegel en komt ten val en scheurt vingerkootje af. WAM-verzekeraar vraagt verklaring voor recht dat sprake is van overmacht in de zin van art 185 WVW. De kantonrechter oordeelt dat sprake is van overmacht. Van het feit dat de bestuurder zijn auto stil heeft gezet om de hem tegemoet komende auto door te laten, kan hem geen verwijt worden gemaakt. Hij had er op geen enkele wijze rekening mee heeft hoeven houden dat de hem achterop komende fietser zich in gevaar wilde brengen door zich met behoorlijke snelheid met zijn racefiets tussen de beide auto’s door te wringen. Bestuurder heeft er zonder meer vanuit mogen gaan dat de hem achterop komende fietsers achter hem stil zouden houden.

Lees verder

Jurisprudentie

Rb: automobilist naar Oostenrijks recht aansprakelijk voor dodelijk ongeval tijdens wielerwedstrijd

  • Ongepubl. jurisprudentie, Rechtbank Gelderland
  • 23 maart 2016
  • CI051277812 I HA ZA 15-83 I 557 I 357 I 167 I512

Deelnemer aan wielerwedstrijd in St. Johann, Tirol in Oostenrijk, wordt geschept door personenauto en overlijdt.
De erven van de overleden deelnemer stellen de WAM-verzekeraar van de auto aansprakelijk. Oostenrijks recht is van toepassing. De bestuurder van de auto werd in Oostenrijk strafrechtelijk veroordeeld, waarbij bij de straftoemeting werd vermeld dat de overleden deelnemer medeschuld had aan het ongeval. Partijen twisten met name over de eigen schuldvraag. De rechtbank geeft geen bindende kracht aan het oordeel van het in Oostenrijk gegeven strafrechtelijke vonnis, met name omdat er in de strafzaak feitelijk geen onderzoek is gedaan naar de eigen schuld. Op basis van de feiten en omstandigheden blijkt niets van eigen schuld. de rechtbank oordeelt dat er geen sprake is van eigen schuld en de WAM-verzekeraar dient de overlijdensschade naar Oostenrijks recht volledig te vergoeden. Het Oostenrijks recht heeft een volledig andere benadering van de omvang van de overlijdensschade. Daarover wordt verder geprocedeerd.

Lees verder

Vaknieuws

Verbond: Fietsers en voetgangers vaker betrokken bij ongevallen

  • Verbond van Verzekeraars
  • 26 november 2015

Het aantal ongevallen in het verkeer waarbij auto’s betrokken zijn, is het afgelopen jaar iets gedaald. Noteerden verzekeraars in 2013 nog ruim 483.000 particuliere schadeclaims na aanrijdingen, in 2014 daalde dat naar 462.000. Dat blijkt uit de eerste Risicomonitor Verkeer, die het Verbond van Verzekeraars op 26 november 2015 naar buiten heeft gebracht. Waar het totaal aantal schadeclaims in het verkeer daalt, geldt dat niet voor aanrijdingen van auto’s met fietsers en voetgangers. Dat aantal particuliere claims steeg van bijna 9.700 in 2010 naar 10.400 vorig jaar. Het Verbond constateert een opvallende piek in het aantal aanrijdingen met ‘zwakke’ verkeersdeelnemers vlak na de zomervakantie, als kinderen (voor het eerst) weer naar school gaan.

Lees verder

Jurisprudentie

Rb, deelgeschil: overlijdensschade, geen plaats voor nadere bewijslevering over vorderingsrecht samenwonende partner

  • Rechtbank Rotterdam
  • 16 februari 2015
  • ongepubliceerd
  • C/l 0/460585 / HA RK 14-811

Eenzijdig ongeval. Bestuurder snorfiets rijdt op fietspad, waar auto geparkeerd staat, tegen brievenbus die iets uitsteekt over het fietspad en overlijdt. Zijn partner met wie hij samenwoonde verzoekt verklaring voor recht dat verzekeraars van de wegbeheerder en de geparkeerde auto ex art. 6:108 BW aansprakelijk zijn voor het gederfde levensonderhoud. 1. De rechtbank overweegt dat verzoekster niet de echtgenote of geregistreerd partner van het slachtoffer was. De vraag of verzoekster behoort tot de kring van gerechtigden moet beoordeeld worden aan de hand van art. 6:108 lid 1 sub c BW. De rechtbank oordeelt dat verzoekster haar stellingen dat zij met de overledene in gezinsverband samenwoonde, de overledenen (voor het overgrote deel) van het gezinsinkomen zorgde en/of dit zonder zijn overlijden zou zijn voortgezet, tegenover de (gemotiveerde) betwisting daarvan onvoldoende heeft onderbouwd. Zij heeft geen enkel schriftelijk stuk overgelegd dat een aanwijzing bevat voor de juistheid van haar stellingen. Nadere bewijsvoering zou noodzakelijk zijn; de bijdrage aan de totstandkoming van een vaststellingsovereenkomst weegt echter niet op tegen de kosten en het tijdsverloop van de deelgeschilprocedure. Verzoek. afgewezen. 2. Los van het voorgaande overweegt de rechtbank dat de toedracht niet vast staat en dat ook hier nadere bewijslevering nodig is. 3. Kosten deelgeschil vastgesteld op € 3775,90 (gevorderd € 5650,51, maar aantal uren teruggebracht van 15,65 tot 11 uur; uurtarief teruggebracht van € 275 tot € 250).

Lees verder

Jurisprudentie

Rb, deelgeschil: reflexwerking art 185 WVW, plotseling linksaf slaande fietser is geen overmacht

  • 29 januari 2015
  • ECLI:NL:RBGEL:2015:1230
  • 275228

Botsing tussen inhalende motorfiets en plotseling linksaf slaande fietser. Motorrijder stelt fietser aansprakelijk voor het opgelopen beenletsel. De rechtbank stelt vast dat het geschil dient te worden beoordeeld aan de hand van de reflexwerking van art. 185 WVW (HR 6 februari 1987, NJ 1988, 57 en HR 4 mei 2001, NJ 2002, 214), waarbij de 100%- en 50%- regel niet reflecteert. De rechtbank overweegt dat indien het beroep op overmacht slaagt de ongemotoriseerde (verweerder) de schade van de gemotoriseerde (verzoeker) volledig dient te vergoeden (HR 6 februari 1987, NJ 1988, 57). De rechtbank verwerpt echter het beroep op overmacht. Ook als de motor niet te hard reed, de fietser niet voorgesorteerd was zonder waarschuwing en linksaf sloeg, is geen sprake van overmacht. De wegsituatie ter plaatse was overzichtelijk en de motorrijder had de fietser zien fietsen. De motorrijder had rekening moeten houden met de kans dat de fietser plotseling linksaf zou kunnen slaan. Verzoek afgewezen. Kosten deelgeschil € 9.730,13, uurtarief € 255,00
(geen verweer tegen kosten gevoerd).

Lees verder

Vaknieuws

‘Vaker letselschade bij fietsers’

  • AM-Signalen
  • 26 februari 2015

Het wordt steeds onveiliger op de tweewieler, zo concludeert de Stichting Achmea Rechtsbijstand uit de eigen letselcijfers: over het algemeen wordt het verkeer veiliger, “maar het aantal letselschadegevallen met fietsers, snorfietsers en bromfietsers neemt toe.” Sinds 2010 is het aantal verkeersgeschillen bij de stichting met 22% gedaald. “Opvallend genoeg steeg het aantal ongevallen met fietsers of scooters – waarbij sprake is van letsel – met 61% van 2.758 in 2010 naar 4.433 in 2014.”

Lees verder

Jurisprudentie

Hof: politie aansprakelijk voor val fietser over afzettouw in natuurgebied

  • Hof Den Bosch
  • 9 december 2014
  • ECLI:NL:GHSHE:2014:5184
  • HD 200.124.820_01

Politie zet ’s nachts deel natuurgebied af met lint en touw om ontsnapte paarden binnen de wildroosters te houden. De middag daarna komt fietser ten val over het nog steeds daar gespannen touw. Het hof toetst onder meer aan de Kelderluik-criteria en acht de politie aansprakelijk voor het opgelopen letsel. De Politie heeft door afzetting van het wildrooster met een oranje touw en door deze situatie daarna tot in de middag te laten voortbestaan, een situatie in het leven geroepen die voor (race)fietsers bij niet-inachtneming van de vereiste oplettendheid en voorzichtigheid gevaarlijk is. De Politie diende er rekening mee te houden dat op zondag overdag (race)fietsers ter plekke konden komen. De kans dat ongevallen met ernstige gevolgen zouden ontstaan was aanzienlijk. Het nemen van (extra) veiligheidsmaatregelen kan niet bezwaarlijk worden geacht. Aan de Politie kon de eis worden gesteld dat zij bepaalde veiligheidsmaatregelen zou nemen c.q. op afdoende wijze voor het voor het wildrooster gespannen touw zou waarschuwen. Geen eigen schuld fietser.

Lees verder

Jurisprudentie

Rb, deelgeschil: bewijsvoering ongeval met racefietser te uitgebreid voor deelgeschilprocedure

  • Rechtbank Overijssel
  • 15 december 2014
  • ECLI:NL:RBOVE:2014:6657
  • C/08/160070 / HA RK 14-113

Ongeval tussen racefietser en van rechts komende automobilist. De racefietser stelt automobilist aansprakelijk en ook de gemeente Borne, omdat het zicht werd belemmerd door hoogstaand gras en/of onkruid in de berm. De rechtbank oordeelt dat voor het beantwoorden van de aansprakelijkheidsvraag naar het zich laat aanzien (uitgebreide) bewijsvoering noodzakelijk zal zijn. Van een snelle beantwoording zal dan ook geen sprake kunnen zijn. De rechtbank is op grond daarvan van oordeel dat de bijdrage van de verzochte beslissing aan de totstandkoming van een vaststellingsovereenkomst niet opweegt tegen de kosten en het tijdsverloop van deze deelgeschilprocedure.

Lees verder

Jurisprudentie

Rb, deelgeschil: 50%-regel art. 185 WVW, omkeringsregelsregel van toepassing op dronken fietser

  • Rechtbank Amsterdam
  • 4 december 2014
  • ECLI:NL:RBAMS:2014:8085
  • C-13-569228 - HA RK 14-215

Aanrijding bij nacht op kruising in Amsterdam, tussen een (onopvallende) politieauto, die auto achtervolgt en een fietser, die onder invloed van alcohol is en geen voorrang verleent. Verzekeraar heeft aansprakelijkheid ex art. 185 WVW erkend en stelt eigen schuld op 50%. De rechtbank overweegt dat vast staat dat fietser onder invloed van alcohol verkeerde (0.92 milligram), waarmee hij de norm van art. 8 WVW heeft overtreden. De Hoge Raad heeft in zijn arrest van 8 april 2005 (ECLI:NL:HR:2005:AR8876) overwogen dat deze norm specifiek strekt tot het voorkomen van verkeersongevallen. Dit specifieke gevaar heeft zich verwezenlijkt in de vorm van de aanrijding tussen benadeelde en de politieauto. Dit betekent dat de omkeringsregel van toepassing is. De rechtbank ziet geen aanleiding om meer dan 50% van de schade ten laste van de verzekeraar te brengen. Noch de causale verdeling, noch de billijkheidscorrectie van art. 6:101 BW geven daartoe aanleiding. 2. Kosten deelgeschil begroot op € 3742,06, waarvan de verzekeraar 50% dient te vergoeden.

Lees verder

Jurisprudentie

HR: wegbeheerder niet aansprakelijk voor val fietser op gladde brug (art. 81 RO)

  • Hoge Raad
  • 9 mei 2014
  • ECLI:NL:HR:2014:1091
  • 13/04791

Benadeelde is met haar fiets ten val gekomen op een gladde brug. De gemeente had bij de brug borden geplaatst met daarop “Let op! Glad brugdek”. Het hof oordeelde dat reeds om die reden geen sprake kan zijn van aansprakelijkheid van de gemeente, noch ex art. 6:174 BW, noch ex art. 6:162 BW. De gemeente mocht verwachten dat de betreffende waarschuwing zou leiden tot een handelen of nalaten waardoor het gevaar op uitglijden op de fietsbrug werd vermeden. Dit bracht naar het oordeel van het hof mee dat deze waarschuwing als een afdoende maatregel met het oog op de bescherming tegen het betreffende gevaar kan worden aangemerkt (vgl. HR 28 mei 2004, NJ 2005, 105). De Hoge raad verwerpt het tegen dit oordeel ingestelde cassatieberoep zonder nadere motivering (art. 81 RO).
bij de fietsbrug heeft geplaatst. De gemeente heeft hiermee een afdoende maatregel getroffen met het oog op bescherming tegen het gevaar van een gladde brug en is niet aansprakelijk.
Dat betekent dat een normaal oplettende fietser het bord met de waarschuwing zal waarnemen. Het voorgaande brengt mee dat deze waarschuwing als een afdoende maatregel met het oog op de bescherming tegen het betreffende gevaar kan worden aangemerkt (vgl. HR 28 mei 2004, NJ 2005, 105).”
http://www.stichtingpiv.nl/zoekdetail/?article=763759

Lees verder

Jurisprudentie

Rb, deelgeschil: aanrijding fietser en rechts afslaande vrachtauto: overmacht

  • Rechtbank Gelderland
  • 3 februari 2014
  • ECLI:NL:RBGEL:2014:1217
  • 250552

Art 185 WVW. Ongeval rechts afslaande vrachtwagen en fietser die in dezelfde richting reed. Op basis van getuigenverklaringen en onderzoek tachograafschijf acht de rechtbank bewezen is dat de vrachtwagenchauffeur voor een rood stoplicht is gestopt, dat er zich op dat moment geen fietsers op het fietspad bevonden, dat hij bij groen licht is opgetrokken en dat de fietser tegen de rechterzijkant van de aanhangwagen is aangereden. De rechtbank is van oordeel dat de chauffeur rechtens geen verwijt kan worden gemaakt en dat de fout van de fietser (al dan niet bij rood licht het kruispunt oprijden terwijl er pal voor haar een zwaarbeladen rijdende vrachtwagen reed), zo onwaarschijnlijk was dat hij, daarmee naar redelijkheid geen rekening behoefde te houden. Kosten deelgeschil: € 7.383,26 (gevorderd: € 11.308,87), maar afgewezen; uurtarief € 255,-.

Lees verder

Jurisprudentie

Rb, deelgeschil: geen beroep op Waarborgfonds, want onvoldoende inspanning ter vaststelling van identiteit aanpsrakelijke persoon

  • Rechtbank Oost-Nederland
  • 21 maart 2013
  • ECLI:NL:RBONE:2013:3324
  • 237304

Benadeelde is tijdens een georganiseerde fietstocht met haar fiets ten val gekomen en heeft een
rugwervelbreuk opgelopen. Benadeelde heeft het Waarborgfonds ex art. 25 WAM aansprakelijk gesteld, stellende dat het ongeval is veroorzaakt door een vrachtwagen die na het ongeval is doorgereden en waarvan het kenteken onbekend is gebleven. De rechtbank is van oordeel dat benadeelde, door alleen contact op te nemen met organisator van de fietstocht en namen van getuigen te vragen onvoldoende inspanning heeft verricht ter vaststelling van de identiteit van de aansprakelijke persoon. Gelet op de ernst van het letsel en de toedracht van het ongeval had het op de weg van benadeelde gelegen om contact op te nemen met de politie. Door dit niet te doen heeft zij de politie de mogelijkheid ontnomen om onderzoek te doen naar de identiteit van de vrachtwagen en haar bestuurder.

Lees verder

Jurisprudentie

Rb, deelgeschil: toedracht ongeval is niet komen vast te staan na voorlopig getuigenverhoor

  • Rechtbank Oost-Brabant
  • 12 februari 2014
  • ECLI:NL:RBOBR:2014:719
  • C/01/269717 / EX RK 13-162

Deelgeschil na eerder voorlopig getuigenverhoor. Fietser stelt dat zij ten val is gekomen doordat bestuurder van geparkeerde bedrijfsbus het portier ineens opendeed, terwijl zij passeerde. Verzekeraar van de bus stelt dat zij zelf tegen de spiegel van de bedrijfsbus gereden. De rechtbank weegt de verschillende getuigenverklaringen en komt tot het oordeel dat geen sprake is van aanvullende bewijzen die zodanig sterk zijn dat zij de verklaring van benadeelde als partijgetuige, die voorts op onderdelen tegenstrijdig is met wat zij ter comparitie heeft verklaard, voldoende geloofwaardig maken. Verzoek afgewezen. Kosten deelgeschil begroot op € 3.080,26 (uurtarief € 225,-), maar afgewezen.

Lees verder

Jurisprudentie

Rb, deelgeschil: botsing fietser-bromfietser: geen omkeringsregel, geen proceskostenveroordeling

  • Rechtbank Den Haag
  • 12 december 2012
  • BY7119
  • 1178035 EJ / VERZ 12 - 81952

Botsing tussen fietser en tegemoetkomende bromfiets. Fietser (benadeelde) stelt dat bromfietser op zijn weghelft reed. De kantonrechter oordeelt dat op basis van de verklaringen van betrokkenen de toedracht niet kan worden vastgesteld. Geen omkering bewijslast.
Een overschrijding van de wettelijk toegestane maximumsnelheid met 5 km/u, is onder de gegeven omstandigheden te gering om de toepassing van de omkeringsregel te rechtvaardigen. Geen begroting kosten deelgeschil. Verzoek van verzekeraar om proceskostenveroordeling wordt afgewezen. Deelgeschil biedt hiervoor volgens parlementaire geschiedenis geen mogelijkheid. Dit zou slechts anders zijn indien het onrechtmatig zou zijn om een deelgeschilprocedure in te stellen.

Lees verder

Jurisprudentie

Rb: Paaltje op verhoging niet onrechtmatig voor inhalende fietser

  • Rechtbank Alkmaar
  • 5 december 2012
  • BY9725
  • 404692 CV EXPL 12-3009

Eiser rijdt met racefiets over smal fietspad haalt in over rijbaan voor auto’s en komt tegen een paaltje ten val. De verkeerssituatie vergt van een fietser dat hij slechts inhaalt wanneer dat kan. Van de wegbeheerder kan niet worden verlangd dat hij de situatie zo aanpast dat rekening wordt gehouden met fietsers die risico’s nemen. Eiser was bekend met de bestaande verhogingen. Het aanbrengen van waarschuwingsborden had eiser dan ook niet geholpen, nog afgezien van de vraag of in het algemeen verlangd kan worden van een wegbeheerder dat hij voor dwingers/verhoging met paaltjes, door middel van borden moet waarschuwen. Dat de gemeente de situatie ter plaatse een aantal malen heeft gewijzigd en ook de dwinger heeft weggehaald, maakt het oordeel niet anders. Dat de wegbeheerder een situatie veiliger tracht te maken rechtvaardigt niet de gevolgtrekking dat een eerdere situatie als onrechtmatig moet worden aangemerkt.

Lees verder