Jurisprudentie

Rb, deelgeschil: gemeente niet aansprakelijk voor val fietser over los op de weg liggende verkeerspaal

  • Ongepubl. jurisprudentie, Rechtbank Overijssel
  • 29 augustus 2017
  • C/08/197460 / HA RK 17-23 

Verzoeker komt met zijn fiets ten val en stelt de gemeente als wegbeheerder aansprakelijk ex art 6:174 BW. Verzoeker stelt dat dat hij tegen een op de rijbaan liggende (verkeers-)paal is aangereden en daardoor is gevallen; dit wordt door de gemeente betwist. 1. De rechtbank overweegt dat palen die op of langs de weg zijn geplaatst, deel uitmaken van de weg. De palen hebben in hun oorspronkelijke verschijning, verticaal verankerd in de grond, ten doel om een scheiding naar gebruikers op de weg te bewerkstelligen. Naar het oordeel van de rechtbank is dat anders indien een paal “een eigen leven is gaan leiden” en los op de weg ligt. Die paal behoort niet langer tot de weg in de zin van artikel 6:174 BW. Elke functionaliteit daarvan voor de functie van weg is immers afwezig. De herkomst c.q. de oorspronkelijke functie en de oorzaak voor het op de weg liggen van de paal, acht de rechtbank niet van belang. Verzoek afgewezen. 2. Kosten deelgeschil begroot op € 5.406,30.

Lees verder

Jurisprudentie

Rb: botsing tussen auto die bus voorbij rijdt en uitgestapte passagier: overmacht art 185 WVW

  • Rechtbank Overijssel
  • 27 september 2017
  • ECLI:NL:RBOVE:2017:3839
  • C/08/199037 / HA ZA 17-113

Art 185 WVW. Benadeelde (scholier) stapt uit bus en loopt langs de stilstaande bus om de rijbaan over te steken en bij de bushalte aan de overzijde in een andere stadsbus te stappen. Tijdens het oversteken wordt hij geraakt door de auto van verweerder, die de bus inhaalde. De maximale toegestane snelheid 50 km was per uur is. De rechtbank overweegt dat de automobilist door zijn snelheid aan te passen naar 20 à 25 km per uur goed geanticipeerd op de bestaande verkeerssituatie. De rechtbank is dan ook van oordeel dat de automobilist rechtens geen enkel verwijt kan worden gemaakt ten aanzien van de wijze waarop hij destijds aan het verkeer heeft deelgenomen en honoreert het beroep op overmacht. Vordering afgewezen.

Lees verder

Jurisprudentie

Rb: voorlopig deskundigenbericht door verzekeringsgeneeskundige als te prematuur afgewezen

  • Ongepubl. jurisprudentie, Rechtbank Overijssel
  • 13 februari 2017
  • C/08/194999 / HA RK 16-185

Benadeelde verzoekt om een voorlopig deskundigenbericht door verzekeringsgeneeskundige. De rechtbank wijst het verzoek af. De rechtbank oordeelt dat de verzekeraar terecht heeft aangevoerd dat uit het op gezamenlijk verzoek gedane neurologische expertiseonderzoek volgt dat er geen (neurologische) beperkingen zijn vastgesteld. Gelet hierop is er dan ook nog geen overeenstemming over het al dan niet bestaan van ongevalsgerelateerde klachten en beperkingen, met andere woorden: het causaal verband tussen de door benadeelde gestelde klachten en beperkingen en het ongeval staan (nog) niet vast en daarmee is het benoemen van een verzekeringsarts als deskundige prematuur te noemen. Het belang van benadeelde bij een voorlopig deskundigenbericht ontbreekt derhalve in dit stadium.

Lees verder

Jurisprudentie

Rb: whiplash, plausibel klachtenpatroon, aanvullende expertise na eerdere rechtmatige observatie

  • Rechtbank Overijssel
  • 30 november 2016
  • ECLI:NL:RBOVE:2016:5325
  • C/08/180451 / HA ZA 15-666

Eiser –exploitant van jachthaven-vordert verklaring voor recht dat hij als gevolg van ongeval arbeidsongeschikt is geworden en verzekeraar te veroordelen € 592.373,- te betalen. (Eerder had een deelgeschil plaats gevonden over een observatie van benadeelde; de rechter oordeelde toen dat de discrepantie tussen de presentatie van de klachten en de ontplooide activiteiten dusdanig was dat de verzekeraar fraude vermoedde en de onderhandelingen staakte.) Het geschil in deze procedure spitst zich toe op de vraag of bij eiser sprake is van een plausibel klachtenpatroon. De rechtbank verwijst naar Zwolsche Algemeene / De Greef en overweegt dat er sprake dient te zijn van een plausibel klachtenpatroon, d.w.z. een consistent, consequent en samenhangend patroon van klachten (Gerechtshof Leeuwarden 9 oktober 2012). Door eiser is na de observatie een eenzijdige expertise gevraagd door neuroloog; verzekeraar is toen niet in de gelegenheid geweest te reageren. De rechtbank stelt verzekeraar in de gelegenheid commentaar te geven op de eenzijdige rapportage, zodat deze dit kan verwerken in een aanvullende rapportage.

Lees verder

Jurisprudentie

Rb: toestemming tot geld opnemen van een BEM-rekening

  • Rechtbank Overijssel
  • 12 april 2017
  • ECLI:NL:RBOVE:2017:1628
  • 5773043 \ BH VERZ 17-1673

De moeder van twee kinderen is gescheiden van de na de scheiding overleden vader. De kinderen erfden beiden € 25000, hetgeen op een BEM-rekening is gestort. De gemeente heeft het bijstandsbeleid dat geld van een BEM-rekening tot totaal € 25000 vrijgelaten wordt. Omdat er totaal € 50000 aanwezig is geeft de gemeente slechts een lening onder de verplichting dat de moeder een verzoek indient bij de kantonrechter om te mogen beschikken over het vermogen dat boven het bedrag van € 25.000,00 uitkomt. De rechter geeft de beschikking voor € 360 per maand totdat € 25000 overblijft. De vader droeg voor zijn overlijden dat bedrag bij als alimentatie.

Lees verder

Jurisprudentie

Rb (in kort geding): whiplash, Delta V tussen 6,5 en 14 km/uur, vordering afgewezen

  • Ongepubl. jurisprudentie, Rechtbank Overijssel
  • 17 februari 2017
  • ongepubliceerd
  • C/08/196779 /KGZA 17-17

Whiplash. Benadeelde stelt dat hij na ongeval o.a. nekklachten en concentratiestoornissen heeft, waardoor hij niet in staat zou zijn enige werkzaamheden te verrichten en vordert een voorschot. De voorzieningenrechter wijst de vorderingen af, nu zowel het bestaan als de omvang van de vordering allesbehalve in hoge mate aannemelijk is. Daartoe overweegt de voorzieningenrechter dat uit het Delta V onderzoek blijkt dat de Delta V tussen 6,5 en 14 km/uur ligt en de G-krachten 1,5 tot 4,0 G hebben bedragen. en dat die waarden gering zijn. Uit dat onderzoek kan voorshands worden afgeleid dat de aanrijding niet hard ging en dat benadeelde niet heeft blootgestaan aan dermate hevige krachten dat die de langdurige en heftige gevolgen zoals door benadeelde gesteld kunnen verklaren. Dit wordt nog bevestigd door (a) het feit dat de airbags niet werden geactiveerd en (b) de geringe schade aan die auto.

Lees verder

Jurisprudentie

Rb, deelgeschil: aansprakelijkstelling van Commissie voor Beentumoren niet geschikt voor deelgeschil, kosten afgewezen

  • Rechtbank Overijssel
  • 9 december 2016
  • ECLI:NL:RBOVE:2016:5158
  • C/08/186414 / HA RK 16-73

In 2009 heeft de behandelend arts van verzoekster advies ingewonnen bij de Commissie voor Beentumoren, omdat geen eenduidige diagnose was te stellen. Verzoekster stelt de leden van de Commissie aansprakelijk voor de schade die zij lijdt, omdat het uitgebracht advies volgens haar getuigt van verwijtbaar onzorgvuldig handelen. 1. De rechtbank oordeelt dat het geschil zich niet leent voor een deelgeschil. Het verzoek betreft immers een principiële zaak, die nog niet ten principale bij de rechter aanhangig is gemaakt. De rechtbank stelt vast dat de Commissie geen juridische entiteit c.q. rechtspersoon is met een bestuur. De vraag of hiervoor een grondslag kan worden gevonden is van principiële aard. Bovendien vergt het beslissen op het verzoek een uitvoerig onderzoek. Zulk uitvoerig onderzoek alsmede dat naar een rechtsverhouding gaat de reikwijdte van een beslissing in deelgeschil te buiten. Een beslissing die zou kunnen bijdragen aan de totstandkoming van een vaststellingsovereenkomst is dan ook niet te geven. De rechtbank verklaart verzoekster niet-ontvankelijk. 2. Kosten deelgeschil afgewezen, omdat verzoekster in redelijkheid had moeten voorzien dat een deelgeschilprocedure niet de geëigende procedure is.

Lees verder

Jurisprudentie

Rb: elektrocutieongeval, aanknoping bij whiplashjurisprudentie, klachten plausibel en toegerekend

  • Rechtbank Overijssel
  • 28 december 2016
  • ECLI:NL:RBOVE:2016:5157
  • 659775 CV 13-1811

Werknemer heeft hoofdpijn,vermoeidheid en concentratieproblemen na elektrocutieongeval op het werk. 1. De kantonrechter overweegt dat uit de deskundigenberichten blijkt dat er geen
medisch-wetenschappelijk bewijs dat een elektrocutie leidt tot klachten en beperkingen.
Dit betekent niet dat de beperkingen niet in causaal verband kunnen staan met het ongeval. De kantonrechter zoekt, gelet op de gelijkenis met de neuro(psycho)logische klachten, aansluiting bij de jurisprudentie over het causaliteitsvraagstuk in geval van ‘whiplash’ (ZA/De Greef).
De kantonrechter neemt dan ook tot uitgangspunt dat bij werknemer sprake is van een consistent, consequent en samenhangend en daarmee van een plausibel klachtenpatroon en stelt vast dat de klachten en beperkingen niet al aan de orde waren voor het ongeval. 2. De kantonrechter overweegt dat, indien er al vanuit moet worden gegaan dat werknemer meer dan een ander vatbaar zou zijn voor vermoeidheidsklachten (predispositie) dit op zichzelf aan volledige toerekening niet in de weg staat. De aansprakelijke (rechts)persoon heeft het slachtoffer immers te nemen zoals die is. Vordering toegewezen.

Lees verder

Jurisprudentie

Rb: toewijzing verklaring voor recht dat verzekeraar voldoende betaalde

  • Rechtbank Overijssel
  • 29 juni 2016
  • ECLI:NL:RBOVE:2016:4677
  • C/08/169802 / HA ZA 15-187

Er is sprake van ongevalsgerelateerde klachten. Niet is komen vast te staan dat deze tot de door benadeelde gestelde beperkingen hebben geleid. Benadeelde is niet in staat gebleken zijn stellingen omtrent de beperkingen voldoende te concretiseren en te onderbouwen. Bewijslevering op dit punt, bijvoorbeeld aan de hand van een deskundigenonderzoek, is daarom niet aan de orde. De vordering van verzekeraar in conventie om voor recht te verklaren dat het ongeval niet heeft geleid tot meer schade dan reeds door middel van betaling van voorschotten is vergoed, wordt toegewezen.

Lees verder

Jurisprudentie

Rb: geen gebrek aan ladder van sluis, geen verplichting tot maatregelen

  • Rechtbank Overijssel
  • 13 juli 2016
  • ECLI:NL:RBOVE:2016:4630
  • C/08/174012 / HA ZA 15-366

De duim van de benadeelde scheurde gedeeltelijk af doordat een ladder in een sluis verschoof. De loodzware ladder kon niet handmatig en zonder extra externe kracht verschoven worden. Volgens sluiswachters schoof de ladder vermoedelijk doordat met de boot van benadeelde gas werd gegeven en in de tegenovergestelde richting is gevaren dan de bedoeling was. Mogelijk is door de trekkracht van een andere boot de ladder verschoven. In ieder geval moet het ervoor worden gehouden dat de ladder is verschoven door de uitoefening van extra externe kracht. Bij gebreke aan een onderzoek naar de ladder neemt de rechtbank aan dat deze geen gebrek kende. Gesteld noch gebleken is dat de bezitter van de ladder op de hoogte was of had moeten zijn van de mogelijkheid van verschuiven. Geen andere ongevallen over 60 jaar zijn bekend. De bezitter was niet gehouden was tot het nemen van veiligheidsmaatregelen.

Lees verder

Jurisprudentie

Rb, deelgeschil: instructie niet in vreemde taal, werkgever aansprakelijk voor arbeidsongeval

  • Rechtbank Overijssel
  • 25 oktober 2016
  • ECLI:NL:RBOVE:2016:4149
  • 5101211 HA VERZ 16-72

Hongaarse uitzendkracht heeft bij werkzaamheden op de slachtbaan van slachterij letsel opgelopen. 1. De kantonrechter gaat aan de betwisting van de ongevalstoedracht voorbij. Het had op de weg van de werkgever gelegen concreet te maken dat er sprake is van een andere toedracht. 2. De kantonrechter oordeelt dat de werkgever niet heeft voldaan aan haar zorgplicht. Uit de toepasselijke richtlijnen in samenhang met art. 7:658 BW volgt dat op werkgever niet alleen de verplichting rust om te zorgen voor een veilige werkplek (inclusief geschikte noodstopvoorziening en beschermingsmiddelen) maar ook dat haar werknemers, met inbegrip van tijdelijke arbeidskrachten, voldoende zijn geïnstrueerd. De voorlichting dient goed afgestemd te zijn op de doelgroep en dus ook geschikt voor medewerkers die de Nederlandse taal niet machtig zijn. Zo nodig dient de voorlichting en instructie in een vreemde taal te geschieden. Dat werkgever aan deze verplichtingen heeft voldaan is naar het oordeel van de kantonrechter niet komen vast te staan. 3. Kosten deelgeschil: € 5.121,66.

Lees verder

Jurisprudentie

Rb: discotheek aansprakelijk voor letsel door glas op vloer in discotheek

  • Rechtbank Overijssel
  • 7 september 2016
  • ECLI:NL:RBOVE:2016:3592
  • C/08/169740/ HA ZA 15-184

Benadeelde heeft letsel opgelopen door glas op vloer in discotheek. De vraag of sprake is van een onrechtmatige daad in een gevaarscheppende situatie dient beantwoord te worden aan de hand van door criteria van het Kelderluikarrest. De rechtbank is o.g.v. de afgelegde getuigenverklaringen van oordeel dat benadeelde in de bewijsopdracht is geslaagd. De discotheek had er op bedacht moeten zijn dat bezoekers niet altijd op glasscherven op de vloer bedacht zijn, niet op voorhand stevig schoeisel aan doen, en dat de kans op ook ernstig letsel door glasscherven reëel is. De discotheek had op betrekkelijk eenvoudige wijze voorzorgsmaatregelen kunnen nemen door in plaats van glazen, plastic te gebruiken en haar personeel te instrueren dat zij met regelmaat de vloeren adequaat schoonmaken.

Lees verder

Jurisprudentie

Rb: causaal verband ongeval en klachten niet vastgesteld, voorschot in kort geding afgewezen

  • Rechtbank Overijssel
  • 11 augustus 2016
  • ECLI:NL:RBOVE:2016:3300
  • C/08/188297 / KG ZA 16-231 (ib)

Benadeelde heeft psychische klachten na ongeval in Zweden in 2015; sinds juli 2016 is hij vrijwillig opgenomen op psychiatrische afdeling. Hij vordert in kort geding –onder meer- een voorschot van € 20.000,-. De rechtbank overweegt dat terughoudendheid op zijn plaats is in een kort geding. De rechtbank oordeelt dat, gelet op de gemotiveerde betwisting van de verzekeraar het oorzakelijke verband tussen het ongeval en de door benadeelde gestelde klachten, beperkingen en het arbeidsverlies thans (nog) niet worden vastgesteld. In de kort gedingprocedure is voor nader (deskundigen)onderzoek c.q. bewijslevering geen plaats. Vordering afgewezen.

Lees verder

Jurisprudentie

Rb (in kort geding): belangenbehartiger persoonlijk aansprakelijk voor niet doorbetalen schadevergoeding vanwege beslag

  • Rechtbank Overijssel
  • 13 april 2016
  • ECLI:NL:RBOVE:2016:1381
  • C/08/184146 / KG ZA 16-98

De rechtbank veroordeelt gedaagde –bestuurder van [X] B.V- tot betaling van € 50.000,= aan eiser. [X] B.V trad op als belangenbehartiger van eiser na een bedrijfsongeval. In 2015 was tussen de verzekeraar van de werkgever en eiser een vaststellingsovereenkomst gesloten, waarin was bepaald dat door verzekeraar € 50.000,- zal worden overgemaakt op de derdenrekening van [X] B.V. Op deze rekening was echter beslag gelegd door de fiscus. Eiser vordert veroordeling van gedaagde tot betaling van € 50.000,= stellende dat gedaagde , als bestuurder van [X] B.V., jegens hem onrechtmatig heeft gehandeld door de bijschrijving van de smartengelduitkering op de derdenrekening te verzoeken, terwijl voor gedaagde duidelijk was dat door de fiscus een boekenonderzoek was ingestelden nadien beslag was gelegd op deze bankrekening. De rechtbank oordeelt dat gedaagde hiervan persoonlijk een ernstig verwijt valt te maken en wijst de vordering toe.

Lees verder

Jurisprudentie

Rb, deelgeschil: ongeval racefietser/auto, beroep op overmacht art. 185 WVW gehonoreerd, gemeente aansprakelijk voor hoog gras, 65% eigen schuld

  • Ongepubl. jurisprudentie, Rechtbank Overijssel
  • 18 april 2016
  • 181481 HARK 16-12

Racefietser steekt na passeren van chicane de weg over en wordt aangereden door van rechts komende auto. Het zicht werd ter plaatse werd belemmerd door hoogstaand gras en onkruid. Hij stelt de automobilist en de gemeente aansprakelijk. 1. Automobilist (art 185 WVW). Uitverklaringen volgt dat de automobilist door de hoge begroeiing de racefietser niet heeft kunnen zien naderen en dat hij ongeveer 30 km per uur reed, terwijl de maximaal toegestane snelheid 50 km per uur bedraagt. Van automobilist kan niet verwacht worden dat hij zijn auto tot stilstand brengt om zich ervan te vergewissen dat er geen racefietsers naderen die door de hoge begroeiing geen zicht hebben op verkeer van rechts waaraan zij voorrang dienen te verlenen. Beroep op overmacht gehonoreerd. 2 Gemeente (art 6:174 BW). 3. Gemeente (art 6:162 BW). De rechtbank acht de gemeente aansprakelijk ex art 6:162 BW. De gemeente is verplicht is tot het onderhouden van de berm en daarmee de begroeiing van de strook grond tussen de twee rijbanen. De gemeente heeft een gevaarlijke situatie gecreëerd die door haar met geringe financiële middelen voorkomen had kunnen worden door vaker te maaien. 4. Eigen schuld racefietser 65%. 5. Kosten deelgeschil: € 4.184,20 (gevorderd: € 9.434,80); aantal uren bovenmatig. Gelet op de factoren ervaring en expertise die in het uurtarief zijn verdisconteerd, matigt de rechtbank het aantal uren.

Lees verder