Jurisprudentie

Rb, deelgeschil: geen causaal verband tussen whiplashklachten en ongeval met geringe snelheid

  • Ongepubl. jurisprudentie, Rechtbank Rotterdam
  • 13 november 2017
  • C/10/531771/HA RK 17-664

In november 2015 is benadeelde als passagier betrokken bij een achterop aanrijding. In februari 2016 meldt hij zich bij de huisarts met klachten aan hoofd, nek en schouder en psychische klachten. 1. De rechtbank stelt vast dat bij de botsing het snelheidsverschil tussen de bij het ongeval betrokken voertuigen zeer laag is geweest. Dat de impact van de botsing de oorzaak is van de klachten ligt niet zonder meer voor de hand, te meer nu benadeelde zich ruim drie maanden na het ongeval, bij zijn huisarts heeft gemeld. Zeer wel denkbaar is dat de klachten het gevolg waren van griep, waarvoor hij zich in die periode had ziek gemeld. De stelling dat de klachten het gevolg zijn van het ongeval worden niet ondersteund door medische rapportages. Ook de eigen medisch adviseur van benadeelde heeft niet tot een causaal verband tussen het ongeval en de klachten geconcludeerd. Verzoek afgewezen. Kosten deelgeschil begroot op € 2.726,36.

Lees verder

Jurisprudentie

Rb: deelgeschilprocedure ingezet om onderhandelingen af te dwingen, verzoek afgewezen

  • Rechtbank Rotterdam
  • 3 november 2017
  • ECLI:NL:RBROT:2017:8541
  • 6195393 VZ VERZ 17-19776

Kapitein valt in douchecabine van schip en loopt hersenletsel op. Hij stelt zijn werkgever(s) aansprakelijk ex art 7:658 BW. De kantonrechter overweegt dat het gaat om een zaak met diverse feitelijke en juridische aspecten die vastgesteld en beoordeeld moeten worden. Verder speelt bij de aansprakelijkheidsvraag mee of verzoeker de onveiligheid van de doucheruimte voorafgaand aan het incident heeft gemeld. De kantonrechter oordeelt dat de zaak zich, gezien de (uitvoerige) bewijsvoering, niet leent voor een deelgeschil. Daarnaast heeft verzoeker het standpunt van werkgevers t.a.v. de aansprakelijkstelling niet afgewacht. Dit duidt er naar het oordeel van de kantonrechter op dat de deelgeschilprocedure is ingezet om werkgevers aan de onderhandelingstafel te dwingen en daarvoor is deze procedure niet in het leven geroepen. Het middel van de deelgeschilprocedure is prematuur heeft ingezet. Verzoek afgewezen, kosten deelgeschil afgewezen.

Lees verder

Jurisprudentie

Rb: shockschade en affectieschadeschade na dodelijk ongeval met vuilnisauto afgewezen

  • Rechtbank Rotterdam
  • 4 oktober 2017
  • ECLI:NL:RBROT:2017:8894
  • C/10/512371 / HA ZA 16-1018

Frans meisje, au pair in Nederland, wordt op haar fiets aangereden door vuilnisauto en overlijdt. Haar moeder en broer vorderen shockschade en affectieschade.1. Shockschade. De rechtbank neemt de criteria van het Taxibus-arrest en Hoge Raad 27-09-2016 (strafzaak) tot uitgangspunt. 2. Vast staat dat eisers het ongeval zelf niet ter plaatse hebben waargenomen. Zij hebben wel later een filmpje van een bewakingscamera gezien van het begin van het ongeval; dat het meisje onder de wielen terechtkomt is niet te zien. Naar het oordeel van de rechtbank is het waarnemen van dat filmpje daarom niet te beschouwen als het waarnemen van het ongeval. Dat betekent dat aan het confrontatievereiste niet is voldaan 3. Affectieschade afgewezen. De rechtbank stelt voorop dat, waar het wetgevingsproces nog gaande is zeer terughoudend moet worden omgegaan met de mogelijkheid van anticipatie. Ook als het wetsvoorstel ongewijzigd in werking treedt zal het louter gelden voor gevallen waarin het overlijden zich voordoet na die inwerkingtreding.

Lees verder

Jurisprudentie

Rb: uitkering uit ongevallenverzekering mag worden verrekend

  • Rechtbank Rotterdam
  • 18 augustus 2017
  • ECLI:NL:RBROT:2017:6371
  • 4887115

Werkgeversaansprakelijkheid voor letsel aan hand. Diverse schadeposten. 1. Toekomstige huishoudelijke hulp tot aan het 70ste levensjaar onaannemelijk. 2. Smartengeld: € 5000,- beperkingen aan hand, grijpfunctie beperkt). 3. Voordeelsverrekening. De kantonrechter oordeelt dat, uitgaande van de nieuwe maatstaf die de Hoge Raad hanteert, het beroep op voordeelstoerekening slaagt. Werknemer heeft uit hoofde van ongevallenverzekering (sommenverzekering), die de werkgever vrijwillig) heeft afgesloten, een bedrag van € 5.708,06 ontvangen. Dit bedrag zou werknemer niet hebben ontvangen, indien er geen bedrijfsongeval zou hebben plaatsgevonden. Thans vordert werknemer schadevergoeding op grond van artikel 7:658 BW. Dit betekent dat er zowel sprake is van conditio sine qua non-verband als van voordeel, omdat dezelfde schade (door de verzekeraar én de werkgever) wordt vergoed. Nu vaststaat dat er een bedrag van € 5.708,06 aan sommenverzekering reeds is uitgekeerd, dient dit bedrag in mindering te komen op het toewijsbare schadebedrag.

Lees verder

Jurisprudentie

Rb: eigenaar hond aansprakelijk voor zwaar letsel door hondenbeet

  • Rechtbank Rotterdam
  • 27 september 2017
  • ECLI:NL:RBROT:2017:7453
  • C/10/521778 / HA ZA 17-214

Eiseres is in haar arm gebeten door de hond van gedaagde. Pas nadat gedaagde de hond met een mes verwondt laat de hond de arm van eiseres los. Zij loopt ernstig letsel op en raakt volledig arbeidsongeschikt. De rechtbank acht gedaagde aansprakelijk ex art 6:179 BW. Het verweer van gedaagde dat sprake is van eigen schuld van eiseres, omdat zij met een brillenkoker een stap zette richting de hond in de woning zette wordt verworpen.

Lees verder

Jurisprudentie

Rb: vervoerder niet aansprakelijk voor rugletsel na tocht op RIB-boot

  • Rechtbank Rotterdam
  • 20 september 2017
  • ECLI:NL:RBROT:2017:7232
  • C/10/516188 / HA ZA 16-1363

Benadeelde loopt ernstig rugletsel op tocht op RIB-boot tijdens bedrijfsuitje. ij stelt de vervoerder aansprakelijk. 1. Naar het oordeel van de rechtbank heeft benadeelde onvoldoende feiten en omstandigheden gesteld die kunnen leiden tot de conclusie dat zijn letsel tijdens de boottocht is veroorzaakt door een omstandigheid die een zorgvuldig vervoerder heeft kunnen vermijden. Het verwijt van benadeelde komt er op neer dat het niet anders kan dan dat er te hard is gevaren dan wel dat er gebreken waren aan de boot omdat eiser rugletsel heeft overgehouden aan de boottocht. Het lag op de weg van benadeelde gelegen om concreet aan te geven op welke feiten en omstandigheden hij zijn stelling baseert. 2. Geen toepassing van de omkeringsregel. De omkeringsregel is pas aan de orde als vast staat dat er sprake is van een normschending. 3. De rechtbank komt tot het oordeel dat de vervoerder niet aansprakelijk is op grond van art. 6:74 BW en/of art. 6:162 BW en/of art. 8:81 BW en/of art. 8:974 BW en/of art. 8:504 lid 5 BW.

Lees verder

Jurisprudentie

Rb, arbeidsongeval met betwiste toedracht leent zich niet voor deelgeschil; procedure volstrekt onnodig ingesteld

  • Rechtbank Rotterdam
  • 14 april 2017
  • ECLI:NL:RBROT:2017:7335
  • 5740839 VZ VERZ 17-2808

Stuurman valt overboord van binnenvaartschip en overlijdt. Verzoekster verzoekt verklaring voor recht dat de werkgever aansprakelijk is ex art 7:658 BW. 1. De kantonrechter overweegt dat, gezien de uiteenlopende standpunten van partijen, zonder verder bewijs, niet vast dat de kapitein verzuimd heeft de stuurman te wijzen op zijn verplichting zijn zwemvest aan te trekken. Sterker nog, er staat niet eens vast of [de stuurman het zwemvest al dan niet droeg. Bij deze stand van zaken is naar het oordeel van de kantonrechter bewijslevering dan ook geïndiceerd. De kantonrechter komt tot het oordeel dat het verstrekken van een of meerdere bewijsopdrachten naar verwachting zal leiden tot een zodanig uitvoerige procedure, met alle daarmee gepaard gaande hoeveelheid tijd, kosten en moeite, dat dit zich niet verhoudt met de aard van de onderhavige deelgeschilprocedure. 2. De kosten van de procedure worden niet begroot, nu de procedure volstrekt onnodig of onterecht is ingesteld.

Lees verder

Jurisprudentie

Rb: voorlopig deskundigenbericht bevolen met verzekeringsarts als regisseur

  • Rechtbank Rotterdam
  • 30 juni 2017
  • ECLI:NL:RBROT:2017:5073
  • C/10/519443 / HA RK 17-84

Verzoek om voorlopig deskundigenbericht na twee ongevallen (zwembadongeval en verkeersongeval). Partijen hebben overeenstemming over de benoeming van een orthopedisch chirurg en een neuroloog. De rechtbank beveelt een onderzoek door een verzekeringsarts met de taak van regisseur. De regievoerend deskundige wordt echter niet aangesteld om een klassieke eigen rapportage als verzekeringsarts in te dienen, maar om (pro)actief de totstandkoming van een geïntegreerd rapport omtrent de toestand van benadeelde en de relatie tot de ongevallen te bevorderen. Daarbij is het uiteraard niet de bedoeling dat de regievoerend deskundige de taak van de rechtbank overneemt en tot juridische gevolgtrekkingen komt, maar wel dat alle medische informatie die de rechtbank nodig heeft om tot beslissingen te komen wordt verzameld en dat zij daarop een medische visie geeft.

Lees verder

Jurisprudentie

Rb: eigenaar portiekwoning niet aansprakelijk voor val over opstap

  • Rechtbank Rotterdam
  • 3 mei 2017
  • ECLI:NL:RBROT:2017:3479
  • C/10/513255 / HA ZA 16-1066

Benadeelde komt ten val op opstap bij voordeur van portiekwoning en breekt haar been. Zij stelt de eigenaar van de woning aansprakelijk ex aft 6:174 BW. De rechtbank oordeelt dat er geen sprake is van een opstal die niet voldeed aan de eisen die daaraan in de gegeven omstandigheden mogen worden gesteld, dan wel dat de toestand dusdanig was dat deze een wezenlijk gevaar opleverde dat uit het oogpunt van veiligheid door de eigenaar voorkomen had moeten worden.

Lees verder

Jurisprudentie

Rb: bezitter hond aansprakelijk

  • Rechtbank Rotterdam
  • 10 juli 2017
  • ECLI:NL:RBROT:2015:10173
  • 3776018 CV EXPL 15-2491

Gedaagde is zonder bericht van verhindering niet meer ter zitting verschenen. Dit brengt met zich dat er in rechte van wordt uitgegaan dat de hond niet was aangelijnd en plotseling op het fietspad vlak vóór de fiets van eiser tot stilstand is gekomen, waardoor hij met de hond in botsing is gekomen en is gevallen. Dit leidt tot het oordeel dat het onderhavige ongeval is veroorzaakt door de eigen gedraging van de hond en dat gedaagde als bezitter van de hond aansprakelijk is voor de door de hond aangerichte schade als bedoeld in artikel 6: 179 BW.

Lees verder

Jurisprudentie

Rb: werkgever aansprakelijk voor val over losliggende stenen

  • Rechtbank Rotterdam
  • 24 februari 2017
  • ECLI:NL:RBROT:2017:1924
  • 5282968 CV EXPL 16-32564

Eiser, ZZP-er en uitgeleend via detacheringsbureau aan het bedrijf van gedaagde, stelt dat hij ten val is gekomen door losliggen stenen op een tankwal. Hij stelt gedaagde aansprakelijk ex art 7:658 BW. De kantonrechter overweegt dat de exacte toedracht van de valpartij niet is komen vast te staan. Ook is niet komen vast te staan dat eiser zich na de valpartij heeft laten verplaatsen. De kantonrechter oordeelt dat niet is komen vast te staan dat de werkgever aan haar zorgplicht voor een veilige werkomgeving heeft voldaan. Vaststaat immers dat ten tijde van het ongeval stenen loslagen op de tankwal. Zoals de Inspectie SZW ook al heeft vastgesteld, was de arbeidsplaats daardoor niet veilig toegankelijk en was het gevaar voor de veiligheid van de werknemers niet zoveel mogelijk voorkomen.

Lees verder

Jurisprudentie

Rb, deelgeschil: gemiste diagnose waardoor reële overlevingskans verloren is gegaan: smartengeld € 200.000,-

  • Rechtbank Rotterdam
  • 21 maart 2017
  • ECLI:NL:RBROT:2017:2139
  • C/10/513740 / HA RK 16-977

Uroloog heeft bij patiënte tumor in de nier niet onderkend. De aansprakelijkheid voor een verwijtbaar delay in de diagnose is erkend vanaf 2008. Door het verwijtbaar delay is de overlevingskans van 92% (2008) gedaald naar 13% (2013). In 2014 is patiënte aan de gevolgen van kanker overleden. Verzoekers vorderen € 500.000,- smartengeld. 1. De rechtbank wijst € 200.000,- toe. De rechtbank overweegt hierbij dat door het ernstig verwijtbaar medisch handelen heeft geleid tot een delay van vijf jaar waardoor de aanvankelijke reële kans op overleving verloren is gegaan. Dit heeft geresulteerd in een lijdensweg van dertien maanden waarin patiënte werd geconfronteerd met veel pijn, angst en verdriet totdat zij op de relatief jonge leeftijd van 50 jaar overleed. Niet in geschil is dat in andere landen in vergelijkbare gevallen door de rechter hogere bedragen worden toegekend dan in Nederland. Deze omstandigheid is echter van beperkt gewicht. De ontwikkeling van de maatschappelijke opvattingen over de hoogte van smartengeld in Nederland weegt zwaarder. Die maatschappelijke opvattingen zijn in de loop van de jaren gewijzigd. 2. BGK: verwijzing naar PIV-staffel. 3. Kosten deelgeschil: € 7.823,27.

Lees verder

Jurisprudentie

Rb: Securitas en R.E.T aansprakelijk voor mishandeling door conducteur

  • Rechtbank Rotterdam
  • 8 februari 2017
  • ECLI:NL:RBROT:2017:1063
  • C/10/498279 / HA ZA 16-320

Handgemeen in tram tussen eiser en conducteur. Eiser stelt Securitas en R.E.T. ex art 6:170 en art 6:162 BW aansprakelijk voor het opgelopen letsel. 1. De rechtbank oordeelt dat de conducteur onrechtmatig heeft gehandeld; een rechtvaardigingsgrond ontbreekt. 2. De rechtbank oordeelt dat naast Securitas ook R.E.T. zeggenschap had over de conducteur ten tijde van de mishandeling. De conducteur verrichtte werkzaamheden ter uitoefening van het bedrijf van de R.E.T. in een tram van de R.E.T. De conducteur was door Securitas op last van de R.E.T. ingehuurd. Gelet op deze omstandigheden staat reeds vast dat sprake was van een ondergeschiktheidsverhouding. 3. Eigen schuld eiser 25% nu hij ook klappen heeft uitgedeeld. (NB: uitspraak heeft al eerder op Kennisnet gestaan, nog niet eerder in de nieuwsbrief.)

Lees verder

Jurisprudentie

Rb: niet melden zeer zeldzame bijwerking medicijn is geen beroepsfout

  • Rechtbank Rotterdam
  • 1 februari 2017
  • ECLI:NL:RBROT:2017:793
  • C/10/497238 / HA ZA 16-257

Benadeelde heeft evenwichtsproblemen na gebruik van medicijn. 1. Indien benadeelde de evenwichtsproblemen heeft gemeld, zouden nacontroles noodzakelijk geweest zijn.. Benadeelde dient te bewijzen dat hij de evenwichtsproblemen heeft gemeld. Omkeringsregel niet van toepassing. 2. Schending informatieplicht door ziekenhuis? Voor het antwoord op de vraag over welke bekende risico’s de hulpverlener de patiënt dient voor te lichten, is onder meer van belang de grootte van de kans dat een bepaald risico zich zal realiseren, alsmede de aard en ernst van dat risico. Het risico op schade aan het evenwichts- en/of gehoororgaan bij gebruik van Gentamicine is 0,01%. De rechtbank oordeelt dat het niet melden van deze zeer zeldzame bijwerking geen beroepsfout is.

Lees verder

Jurisprudentie

Rb: omstandigheden en directe confrontatie onvoldoende onderbouwd, shockschade afgewezen

  • Rechtbank Rotterdam
  • 2 december 2016
  • ECLI:NL:RBROT:2016:10062
  • C/10/501115 / HA ZA 16-449

Vrouw wordt vermoord door ex-partner. De vader van de vermoorde vrouw (eiser) vordert shockschade van de ex-partner (gedaagde). De rechtbank overweegt dat de vraag of gedaagde aansprakelijk is voor shockschade beantwoord te worden aan de hand van de criteria van het Taxibus-arrest. De rechtbank overweegt dat het voor eiser een schokkende gebeurtenis moet zijn geweest om met het ontzielde lichaam van zijn dochter te worden geconfronteerd, maar dat gesteld noch gebleken is wanneer, waar, op welke wijze en onder welke omstandigheden dit is gebeurd. Er is dan ook onvoldoende en onderbouwd gesteld dat er sprake is geweest van een directe confrontatie met de onrechtmatige daad zoals vereist voor toewijzing van shockschade. Vordering afgewezen.

Lees verder