Jurisprudentie

Hof: vordering verjaard, absolute termijn niet van toepassing

  • Hof Arnhem-Leeuwarden
  • 23 mei 2017
  • ECLI:NL:GHARL:2017:4609
  • 200.180.257

Benadeelde liep letsel op door een gebrekkige gasbuis. Zij ontving het rapport van de Raad voor Transportveiligheid in 2002 waardoor zij op de hoogte was van de aansprakelijke rechtspersoon. In de jaren 2002-2003 al onderhandelde zij over haar letselschade. Zij verkeerde toen in de positie waarop zij zowel met de schade als met de daarvoor aansprakelijke bekend was geworden. De aansprakelijkstelling van de netbeheerder in 2012 valt buiten de korte verjaringstermijn. De vordering is daarmee verjaard op de voet van artikel 3:310 lid 1 BW. Daardoor is de absolute verjaringstermijn van art. 3:310 lid 1 BW noch die van lid 2 in geval van een gebrekkige zaak van toepassing.

Lees verder

Vaknieuws

Een nieuwe episode in de serie ‘overgangsperikelen bij verjaring van verzekeringsvorderingen’

  • PIV-bulletin
  • 1 juni 2017
  • Martine Kos – Bosselaar en Strengers Advocaten

Moet de onmiddellijke werking van het verjaringsregime in het verzekeringsrecht zoals dat in 2006 is ingevoerd, buiten toepassing blijven op de grond dat die onmiddellijke werking onder de naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar zou zijn (op de voet van art. 75 Overgangswet nieuw Burgerlijk Wetboek)? Na de Hoge Raad[1] heeft het Hof Amsterdam zich in zijn arrest van 14 februari 2017[2] gebogen over deze vraag. Het hof overweegt dat onmiddellijke werking van het verjaringsregime tot een enorme administratieve en financiële last voor de verzekeraar zou leiden en oordeelt op basis daarvan dat de onmiddellijke werking van het nieuwe verjaringsregime inderdaad buiten toepassing moet blijven.

Lees verder

Vaknieuws

PIV-Bulletin 2016-3 1 Overgangsrechtperikelen bij verjaring van verzekeringsvorderingen

  • 1 juli 2016
  • Mevrouw mr. S.P.A. Wensink-Vergunst, Bosselaar Strengers Advocaten
  • ECLI:NL:HR:2015:3618

Annotatie bij Hoge Raad, 18 december 2015 (ECLI:NL:HR:2015:3618)

Op 1 januari 2006 is bij de invoering van het nieuwe verzekeringsrecht een specifieke bepaling opgenomen ten aanzien van de verjaring van een rechtsvordering tegen een verzekeraar tot het doen van een uitkering. In art. 7:942 BW is de zogenoemde ‘duurstuiting’ geïntroduceerd: nadat schriftelijk aanspraak is gemaakt op uitkering, gaat pas een nieuwe verjaringstermijn lopen nadat de verzekeraar de aanspraak ofwel erkent, ofwel de aanspraak afwijst op de in het artikel voorgeschreven wijze. Laat de verzekeraar dit na of voldoet de afwijzing niet aan de vereisten uit het artikel, dan loopt er in het geheel geen verjaringstermijn.

Lees verder

Vaknieuws

De (subjectieve) bekendheidscriteria van de verjaringstermijn

  • Mr. A.N.L. de Hoogh

De (subjectieve) bekendheidscriteria van de verjaringstermijntwee uitspraken nader besproken Mr. A.N.L. de HooghKBS Advocaten[1] [Foto De Hoogh] Uit een tweetal recente uitspraken blijkt dat de aangesproken schuldenaar onder bepaalde omstandigheden met succes het verjaringsverweer kan voeren[2]. Het ging in deze zaken om de aansprakelijkheid van respectievelijk een psychiater en een ziekenhuis. Deze uitspraken en het […]

Lees verder

Jurisprudentie

Rb: verjaring vordering PTSS Srebrenica

  • Rechtbank Den Haag
  • ECLI:NL:RBDHA:2013:BZ7184
  • AWB 08/3831

De Rb. onderschrijft het standpunt van de Minister van Defensie dat eiser voor 12 februari 2002 bekend was met de schade en de daarvoor aansprakelijke (rechts)persoon en dat eiser voor die datum zijn aanspraak aan verweerder bekend had kunnen en ook had moeten maken. Aan het betoog van eiser dat hij eerst na het gesprek met zijn raadsman begin 2007 over de kwaliteit van de nazorg heeft begrepen dat verweerder de veroorzaker van de schade was, kan niet dat gewicht worden toegekend dat eiser daaraan wil toekennen. Van eisers psychische klachten kan niet gezegd worden dat de herkomst daarvan voor hem niet zonder meer duidelijk was. Deze gezondheidsschade is in maart 2000 nadrukkelijk als een PTSS gekwalificeerd en in relatie gebracht met de uitzending van eiser naar Srebrenica. Er is geen geschreven of ongeschreven regel dat de dienstfunctionarissen op de mogelijkheid verweerder aansprakelijk te stellen moeten wijzen.

Lees verder

Jurisprudentie

HR: belangenbehartiger aansprakelijk voor verjaring vordering jegens veroorzakers; benadeelde heeft voldoende geklaagd (art 6:89 BW)

  • Hoge Raad
  • BY4124
  • 11/05380

Benadeelde heeft letsel opgelopen bij ongeval. Zij heeft haar belangenbehartiger aansprakelijk gesteld, omdat zij een beroepsfout heeft gemaakt door de vordering jegens de aansprakelijke veroorzakers te laten verjaren. Door de belangenbehartiger is gesteld dat benadeelde niet binnen bekwame tijd erover heeft geklaagd dat advocaat geen rechtstreekse stappen jegens de feitelijke veroorzakers heeft ondernomen, zodat benadeelde zijn recht heeft verloren (= art 6:89 BW). De Hoge Raad oordeelt dat het oordeel van het hof dat benadeelde voldoende heeft geklaagd als bedoeld in art. 6:89 BW, ook wat betreft het laten verjaren van de vorderingen op juist is. De advocaat had zich, aldus het hof, behoren te realiseren dat de rechtstreekse vorderingen op de verzekeraars waren verjaard en zij had benadeelde erop moeten wijzen dat alleen het instellen van vorderingen jegens veroorzakers nog mogelijk was. In dat geval zou benadeelde daartoe opdracht aan de advocaat hebben kunnen geven. Daarom is, zo oordeelt het hof, de advocaat aansprakelijk voor het laten verjaren van de vorderingen op veroorzakers.

Lees verder

Jurisprudentie

Rb: Omstandigheid dat fax bij ontvanger in het ongerede is geraakt komt voor risico ontvanger

  • Rechtbank Den Bosch
  • BX0021
  • 812027

Eiser heeft aanmaningsbrief per fax gestuurd naar het faxnummer van gedaagde in Thailand. Eiser heeft van het faxverzending een ‘tx rapport’ in het geding gebracht waarin als resultaat van de verzending naar het door gedaagde opgegeven faxnummer is vermeld ‘ok’. Op grond hiervan moet worden aangenomen dat de verzending van de brief scuccesvol heeft plaatsgevonden en dat het faxbericht binnen het bereik van gedaagde is gebracht. Gedaagde stelt dat de fax mogelijk bij hem door omstandigheden in het ongerede is geraakt. Dat komt echter voor zijn rekening en risico.

Lees verder