Jurisprudentie

Rb, deelgeschil: beginsel hoor en wederhoor betekent niet dat arts zonder meer moet worden gehoord

  • 23 maart 2017
  • ECLI:NL:RBNHO:2017:2391
  • C/14/158417 / HA RK 14-155

Medische aansprakelijkheid, benadeelde acht ziekenhuis aansprakelijk wegens gemiste fractuur. Benadeelde verzoekt de rechtbank om te bepalen dat in het gezamenlijk verzoek aan de deskundige niet wordt opgenomen het verzoek om in het kader van hoor en wederhoor de betrokken arts te horen. 1. De rechtbank overweegt dat het aan de deskundige is om te bepalen op welke wijze hij zijn onderzoek inricht. Het staat de deskundige in dat kader vrij om, indien hij dat voor zijn onderzoek noodzakelijk of nuttig acht, de betrokken arts te horen. Dit is tot uitdrukking gebracht in de Leidraad deskundigen in civiele zaken. Het standpunt van de verzekeraar dat het beginsel van hoor en wederhoor er zonder meer toe noopt dat de betrokken arts wordt gehoord, onderschrijft de rechtbank niet. Aan dit beginsel wordt inhoud gegeven door beide partijen de gelegenheid te bieden om te reageren op het concept-rapport van de deskundige. De rechtbank wijst het verzoek toe en wijzigt de vraagstelling in “het staat u vrij de betrokken arts te horen indien u dat noodzakelijk acht (..) “. 2. Kosten deelgeschil: € 3.228,78.

Lees verder

Jurisprudentie

Rb: verzoek om een voorlopig deskundigenbericht door een psychiater vanwege seksueel misbruik toegewezen

  • Rechtbank Gelderland
  • 29 mei 2017
  • ECLI:NL:RBGEL:2017:2870
  • C/05/317275/HA RK 17-65

Benadeelde acht stichting jeugdbescherming aansprakelijk voor schade door seksueel misbruik in een pleeggezin van 1998 t/m 2000 en verzoekt om voorlopig deskundigenbericht door psychiater. Door Schadefonds Geweldsmisdrijven is smartengeld van € 25.000,- toegekend; de overige schade is afgewezen. De stichting stelt dat benadeelde geen belang heeft bij zijn verzoek omdat een eventuele vordering is verjaard. De rechtbank wil niet vooruit lopen op een eventuele procedure. Slechts indien zonder meer duidelijk is dat het beroep op verjaring zal slagen, kan worden geoordeeld dat verzoeker geen belang heeft bij het door hem verzochte onderzoek. Dat causaal verband volgens SJG ontbreekt staat aan toewijzing van het verzoek evenmin in de weg. Het verzoek strekt er juist toe het eventuele bestaan van een verdergaande schadevergoedingsplicht te doen onderzoeken. Verzoek toegewezen.

Lees verder

Jurisprudentie

Hof: deskundigenbericht over afsluiten behoorlijke verzekering (art 7:611 BW) onvoldoende controleerbaar

  • Hof Den Bosch
  • 9 mei 2017
  • ECLI:NL:GHSHE:2017:2028
  • 200.108.360_01 en 200.123.595_01

Vervolg HR 19 december 2008 (art 7:611 BW; behoorlijke verzekering). Arrest na deskundigenbericht waarin aan de deskundige was gevraagd welke mogelijkheden er in 1998 waren voor de werkgever (ambulancedienst) om een behoorlijke verzekering af te sluiten voor ongevallen in het verkeer. De deskundige heeft diverse mensen uit de branche geïnterviewd. Volgens de deskundige is het beeld voldoende representatief voor de gehele markt, maar het hof stelt vast dat dit op geen enkele wijze controleerbaar is. Het hof komt tot de slotsom dat het deskundigenbericht onvoldoende gegevens bevat om de bevindingen, gedachtegang en conclusies van de deskundige te kunnen volgen en controleren. De stelling van werknemer dat een deskundigenbericht als het onderhavige niet mogelijk is juist lijkt te zijn, aldus het hof. Het hof gelast een comparitie om met partijen te spreken over de gevolgen van het terzijde leggen van het rapport.

Lees verder

Jurisprudentie

Hof: behandeling schadeposten

  • Hof Den Haag
  • 25 mei 2017
  • ECLI:NL:GHDHA:2017:978
  • 200.179.055

De bestuurder van een fiets slaagde in het bewijs dat hij in botsing gekomen was met een hond. [appellant] zag af van het leveren van tegenbewijs. Een beroep op eigen schuld omdat [geïntimeerde], gelet op zijn beperking aan zijn hand, onverantwoord snel zou hebben gereden, is onvoldoende onderbouwd. Een vergoeding van € 28,00 per dag bij opname in een ziekenhuis is conform de letselschaderichtlijn en is toewijsbaar. De noodzaak van een beroep op derden voor huishoudelijke hulp en tuinwerkzaamheden als gevolg van het ongeval is onvoldoende onderbouwd. Een enkele verwijzing naar het rapport van een deskundige is onvoldoende.

Lees verder

Jurisprudentie

Hof: Het Nederlands Bureau mag niet vereenzelvigd worden met een buitenlandse verzekeraar

  • Hof Arnhem-Leeuwarden
  • 21 februari 2017
  • ECLI:NL:GHARL:2017:2867
  • 200.204.151/01

Bij een ongeval in Nederland heeft het Nederlands Bureau een deskundige benoemd voor het vaststellen van de letselgevolgen. AXA België heeft de benadeelde gedagvaard. De rechtbank oordeelde dat de schade door voorschotten reeds was vergoed. Daartegen ging de benadeelde in beroep. Naast deze procedure vraagt de benadeelde het hof een deskundige te benoemen. De gerekwestreerde, het Nederlands Bureau, voert verweer dat deze geen partij is in de procedure. Het Bureau kan niet vereenzelvigd worden met AXA. Verzoeker is daarom niet ontvankelijk jegens het Bureau. Het Hof roept mede daarom AXA op voor een mondelinge behandeling.

Lees verder

Jurisprudentie

Rb: de artsen behandelden bekwaam

  • Rechtbank Gelderland
  • 1 maart 2017
  • ECLI:NL:RBGEL:2017:2037
  • 273316

Cervicale myelopathie leidde tot letsel van een patiënte. Aan deskundigen wordt de vraag voorgelegd of het handelen van de neuroloog en de revalidatiearts voldeed aan de eisen die van een redelijk bekwaam en redelijk handelend vakgenoot onder dezelfde omstandigheden mocht worden verwacht. De deskundigenoordelen, de beantwoording van de aanvullende vragen en de gebezigde motiveringen, die inzichtelijk zijn en die mede gebaseerd zijn op bijzondere kennis en ervaring, komen overtuigend voor. De rechtbank komt tot het oordeel dat de artsen in de gegeven omstandigheden binnen de normen van een redelijk bekwaam redelijk handelend arts hebben gehandeld.

Lees verder

Jurisprudentie

Rb: eisen van zelfstandige onvoldoende onderbouwd

  • Rechtbank Limburg
  • 29 maart 2017
  • ECLI:NL:RBLIM:2017:3046

Verzekeraar heeft voor een ongeval in 2003 reeds € 270.000 betaald. De gewonde zelfstandige vordert een groot bedrag wegens VAV, mede aan de hand van een Duits rapport. De rechter acht het VAV onvoldoende onderbouwd omdat geen jaarrekeningen, begroting of strategisch plan zijn overgelegd. Onvoldoende is aangetoond dat het bedrijf winstgevend zou zijn geworden. Slechts op basis van veronderstellingen wordt van verliesgevend voor het ongeval naar winstgevendheid in de situatie zonder ongeval uitgegaan. De kosten van de door de benadeelde gestelde stakingskosten van de onderneming zijn enerzijds dubbel met andere posten en anderzijds niet onderbouwd. De vermindering van waarde van de onderneming is evenzeer onvoldoende onderbouwd omdat het Duitse rapport, waarop dit gebaseerd zou zijn, niet volledig is. Het smartengeld wordt afgewezen omdat ook dat onvoldoende is onderbouwd en niet toegelicht is. Het benoemen van een medisch deskundige wordt afgewezen omdat onvoldoende inzichtelijk is gemaakt waarom de ontvangen uitkering van Achmea niet toereikend is geweest.

Lees verder

Jurisprudentie

Hof: mesothelioom veroorzaakt door relevante blootstelling aan asbest

  • Hof Amsterdam
  • 25 oktober 2016
  • ECLI:NL:GHAMS:2016:4270
  • 200.175.693/01

De kantonrechter oordeelde na deskundigenbericht dat bij een werknemer in de periode 1961-1989 relevante blootstelling aan asbest had plaats gevonden en legde de bewijslast bij de werkgever ten aanzien van de stelling dat hij heeft voldaan aan haar zorgplicht. Het hof oordeelt dat de kantonrechter ten onrechte een inhoudelijke beoordeling van de vraag of de deskundigen hun oordeel gedegen gemotiveerd hebben, niet heeft toegelicht. Dat leidt echter niet tot vernietiging van het tussenvonnis, aangezien het hof vaststelt dat de deskundigen hun rapport voldoende hebben onderbouwd en aldus tot hun conclusie hebben kunnen komen. Daarmee hebben de deskundigen ook tot de conclusie kunnen komen dat van een relevante blootstelling sprake was. Van een relevante blootstelling kan ook sprake zijn indien de toentertijd geldende MAC-waarden niet werden overschreden. Werkgever had al vanaf 1965 op de hoogte had kunnen zijn van de risico’s van blootstelling aan asbest.

Lees verder

Jurisprudentie

Hof: rapport neuroloog niet consistent, partijen hieraan niet gebonden

  • Hof Den Bosch
  • 21 maart 2017
  • ECLI:NL:GHSHE:2017:1103
  • 200.182.121_01

Causaal verband tussen in 1975 opgelopen hersenletsel en decompensatie in 2008?
Op gezamenlijk verzoek van partijen heeft deskundigenonderzoek door neuroloog en neuropsycholoog plaatsgevonden. Het hof oordeelt dat de conclusie van de neuroloog dat de decompensatie in 2008 ook zonder ongeval zou zijn opgetreden, (te) veel vraagtekens op. Het rapport van de neuroloog beantwoordt naar het oordeel van het hof niet aan de daaraan te stellen eisen van consistentie, inzichtelijkheid en logica. Naar het oordeel van het hof is dan ook nader/nieuw onderzoek naar dat verband nodig en kunnen partijen niet worden aan de uitkomsten van het rapport van de neuroloog en het daarmee samenhangende rapport van de neuropsycholoog. Het nieuwe deskundigenonderzoek dient in het kader van de beoordeling van het integrale geschil tussen partijen te worden verricht en dus in de procedure ten principale.

Lees verder

Jurisprudentie

Hof: nieuw deskundigenbericht nodig ter vaststelling van causaal verband zware tilwerkzaamheden en rugklachten

  • Hof Den Haag
  • 21 maart 2017
  • ECLI:NL:GHDHA:2017:697
  • 200.157.778/01

Werknemer heeft van 1974 tot 2002 zware bierfusten getild en andere zware werkzaamheden verricht. In 2002 raakt hij arbeidsongeschikt door lage rugklachten. Hij stelt zijn werkgever aansprakelijk ex art 7:658 BW. Het hof stelt voorop dat de gezondheidsschade moet zijn veroorzaakt door de werkzaamheden. Het hof acht zich door het rapport van de in gezamenlijk overleg ingeschakelde deskundige (orthopeed), die geen causaal verband aanneemt, onvoldoende voorgelicht met betrekking tot het causaal verband. Hierbij speelt een rol dat een andere deskundige (bedrijfsarts-klinisch geneeskundige) in zijn rapport het causaal verband, wèl aannemelijk acht. Weliswaar is niet komen vast te staan dat de werkgever heeft ingestemd met de opdracht aan de tweede deskundige, maar dat betekent niet dat aan dat rapport geen enkele waarde kan worden toegekend. Het hof heeft behoefte aan een nieuw deskundig oordeel en benoemt twee deskundigen (bedrijfsarts-klinisch geneeskundige en neurochirurg).

Lees verder

Jurisprudentie

Hof: causaal verband tussen nekklachten en incident in bus niet bewezen

  • Hof Arnhem-Leeuwarden
  • 7 maart 2017
  • ECLI:NL:GHARL:2017:1936
  • 200.092.405/01

Elfjarige jongen wordt in 2006 door begeleider hardhandig uit bus gezet. De jongen stelt dat hij als gevolg hiervan de rug- en nekklachten heeft. Het hof stelt vast dat de deskundige het causaal verband tussen de klachten en het incident in de bus (minst genomen) discutabel acht. De deskundige acht het waarschijnlijk dat de klachten zich ook zouden hebben voorgedaan indien het incident niet was gebeurd. Het hof ziet geen reden om niet uit te gaan van de juistheid van het oordeel van de deskundige. Tussen partijen staat niet ter discussie dat de deskundige deskundig is. Het hof acht het rapport van de deskundige consistent en de conclusies niet zijn weerlegd met een rapport van een partijdeskundige. Het hof oordeelt dat niet bewezen is dat sprake is van causaal verband tussen de nekklachten en het incident.

Lees verder

Jurisprudentie

Hof: vier deskundigen benoemd ter vaststelling verband gezondheidsklachten en blootstelling aan oplosmiddelen

  • Hof Arnhem-Leeuwarden
  • 7 maart 2017
  • ECLI:NL:GHARL:2017:1960
  • 200.152.499/01

Beroepsziekte als gevolg van blootstelling aan oplosmiddelen bij schildersbedrijf in 1999-2000?
Het hof heeft in eerder tussenarrest overwogen dat nog niet vaststaat dat de gezondheidsklachten van werknemer zijn veroorzaakt (dan wel dat aannemelijk is dat ze kunnen zijn veroorzaakt) door de blootstelling aan gevaarlijke stoffen bij het schildersbedrijf en dat nader onderzoek noodzakelijk is. Het hof benoemt vier deskundigen benoemen die betrokken zijn bij Ika-Ned, een arbeidshygiënist, een neuroloog, een psycholoog en een psychiater. Het hof is met werknemer van oordeel dat niet volstaan kan worden met de IMWD-vraagstelling en neemt de door werknemer voorgestelde vraagstelling over.

Lees verder

Jurisprudentie

Rb: verzoek om nieuw deskundigenbericht afgewezen, onvoldoende zwaarwegende bezwaren tegen eerder onderzoek

  • Rechtbank Oost-Nederland
  • 22 december 2016
  • ECLI:NL:RBOBR:2016:7126
  • C/01/310312 / EX RK 16-130

Benadeelde loopt een naadlekkage na een darmoperatie op. Benadeelde heeft kritiek op eerder deskundigenbericht en verzoekt de rechtbank opnieuw een deskundigenonderzoek te bevelen.
Naar het oordeel van de rechtbank zal een dergelijk verzoek in het algemeen slechts kunnen worden ingewilligd indien sprake is van nieuwe feiten of omstandigheden die een nieuw deskundigenbericht rechtvaardigen, of indien sprake is van zwaarwegende en steekhoudende bezwaren tegen de wijze van totstandkoming en/of de inhoud van het eerder uitgebrachte deskundigenbericht. De rechtbank concludeert dat de bezwaren die benadeelde aanvoert tegen het eerdere deskundigenrapport niet zodanig zwaarwegend en steekhoudend zijn dat zij het gelasten van een nieuw deskundigenbericht rechtvaardigen. Dat benadeelde het met de inhoud en de conclusies niet eens is, levert onvoldoende grond op om een nieuw deskundigenbericht te gelasten.

Lees verder

Jurisprudentie

Rb: geen deskundigenbericht over gebitsschade in kort geding mogelijk, vordering afgewezen

  • Rechtbank Gelderland
  • 27 december 2016
  • ECLI:NL:RBGEL:2016:6972
  • 311629

Benadeelde vordert in kort geding vergoeding van gebitsschade door mishandeling. De rechtbank oordeelt dat nu vast staat dat gedaagde eiser tegen diens mond heeft geslagen en dat er tanden zijn afgebroken, het causaal verband vaststaat. Dat eiser een slecht gebit had maakt dit niet anders; de gevolgen predispositie van het slachtoffer moeten aan de dader worden toegerekend. De vraag welke schade voor vergoeding door gedaagde in aanmerking komt, kan alleen worden beoordeeld met behulp van een deskundige. Omdat voor benoeming van een deskundige in kort geding geen gelegenheid bestaat, is de vordering niet toewijsbaar.

Lees verder

Jurisprudentie

Rb: verzoek om voorlopig deskundigenbericht naast bodemprocedure afgewezen

  • Ongepubl. jurisprudentie, Rechtbank Zwolle-Lelystad
  • 30 december 2017
  • C/08/190149 / HA RK 16-116

Benadeelde verzoekt – naast de al lopende bodemprocedure- om een voorlopig deskundigenbericht door één of meer deskundigen. De rechtbank is van oordeel dat het verzoek wegens strijd met de goede procesorde moet worden afgewezen. De vraag of in de bodemprocedure bewijslevering door middel van het bevelen van deskundigenonderzoek(en) geboden zal zijn zal naar het oordeel van de rechtbank genoegzaam door de rechter in de bodemprocedure in de beoordeling worden betrokken. De rechtbank oordeelt dat verzoeker daaraan voorafgaand geen gewichtig belang heeft bij een afzonderlijke beoordeling door de rechter in de verzoekschriftprocedure. Verzoek afgewezen.

Lees verder