Jurisprudentie

Rb: whiplash naar Duits recht, deskundigenbericht ter vaststelling causaal verband

  • Rechtbank Gelderland
  • 28 juni 2017
  • ECLI:NL:RBGEL:2017:3987
  • C/05/302179 / HA ZA 16-245 / 167

Whiplash na aanrijding met hoge snelheid in Duitsland; Duits recht is van toepassing. De rechtbank stelt vast dat de verzekeraar niet heeft weersproken dat er in Duitsland vier categorieën whiplashtrauma (cat. 1: snelheid minder dan 10 km/uur: in beginsel geen letsel is. Cat. 2 snelheid tussen 10 en 50 km/uur. Cat. 3 snelheid tussen 50 en 80 km/uur en Cat 4. dodelijke ongevallen.) en dat sprake is van een cat. 3 ongeval. De rechtbank concludeert op grond van uitspraken dat naar Duits recht ten aanzien van de bewijslevering geen absolute of onomstotelijke zekerheid vereist is en evenmin een aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid, maar een in de praktijk bruikbare graad van zekerheid, “die twijfel het zwijgen oplegt”. De overgelegde rapportages van de arbeidsdeskundige en de verzekeringsarts leveren naar het oordeel van de rechtbank voldoende aanwijzingen op voor de conclusie dat sprake kan zijn (geweest) van een whiplash. De rechtbank ziet aanleiding om een deskundige te benoemen om te beoordelen of, en zo ja in hoeverre, de gestelde klachten het gevolg zijn van het ongeval.

Lees verder

Jurisprudentie

Rb: geen causaal verband ongeval en knie- en psychische klachten, schouderklachten wel

  • Rechtbank Gelderland
  • 14 juni 2017
  • ECLI:NL:RBGEL:2017:4006
  • C/05/249568 / HA ZA 13-586

De rechtbank oordeelt op basis van deskundigenberichten dat er geen causaal verband bestaat tussen de knieklachten en psychische klachten van benadeelde en het ongeval van 2002. Thans moet beoordeeld worden in hoeverre het door het ongeval veroorzaakte schouderletsel voor benadeelde schade heeft veroorzaakt. Hiertoe acht de rechtbank het inwinnen van deskundigenberichten door een verzekeringsarts, arbeidskundige en een financieel specialist noodzakelijk. De rechtbank gelast een comparitie om zich hierover uit te laten.

Lees verder

Jurisprudentie

Rb: whiplash, plausibel klachtenpatroon, aanvullende expertise na eerdere rechtmatige observatie

  • Rechtbank Overijssel
  • 30 november 2016
  • ECLI:NL:RBOVE:2016:5325
  • C/08/180451 / HA ZA 15-666

Eiser –exploitant van jachthaven-vordert verklaring voor recht dat hij als gevolg van ongeval arbeidsongeschikt is geworden en verzekeraar te veroordelen € 592.373,- te betalen. (Eerder had een deelgeschil plaats gevonden over een observatie van benadeelde; de rechter oordeelde toen dat de discrepantie tussen de presentatie van de klachten en de ontplooide activiteiten dusdanig was dat de verzekeraar fraude vermoedde en de onderhandelingen staakte.) Het geschil in deze procedure spitst zich toe op de vraag of bij eiser sprake is van een plausibel klachtenpatroon. De rechtbank verwijst naar Zwolsche Algemeene / De Greef en overweegt dat er sprake dient te zijn van een plausibel klachtenpatroon, d.w.z. een consistent, consequent en samenhangend patroon van klachten (Gerechtshof Leeuwarden 9 oktober 2012). Door eiser is na de observatie een eenzijdige expertise gevraagd door neuroloog; verzekeraar is toen niet in de gelegenheid geweest te reageren. De rechtbank stelt verzekeraar in de gelegenheid commentaar te geven op de eenzijdige rapportage, zodat deze dit kan verwerken in een aanvullende rapportage.

Lees verder

Jurisprudentie

Rb, deelgeschil: causaliteit staat niet vast: voorschot afgewezen; niet gespecificeerde BGK afgewezen

  • Rechtbank Midden-Nederland
  • 14 december 2016
  • ECLI:NL:RBMNE:2016:7598
  • C/16/420717 / HA RK 16-167

Benadeelde verzoekt om voorschot van € 24.000,- en maandelijks € 2000,-. 1. De rechtbank wijst het verzoek af. Zonder inzicht in de medische situatie is het voor de rechtbank niet mogelijk vast te stellen of, en zo ja in hoeverre, benadeelde sprake is van neurologisch en/of orthopedisch letsel, en beperkingen. Om te kunnen beoordelen of benadeelde in staat is zich een inkomen uit arbeid te verwerven is het bovendien nodig een verzekeringsgeneeskundige en een arbeidsdeskundige in te schakelen. Op dit moment bestaat nog geenszins duidelijkheid over de klachten en de daaruit voortvloeiende beperkingen die kunnen worden toegeschreven aan het ongeval, terwijl, binnen de deelgeschilprocedure geen ruimte bestaat voor (uitgebreide) bewijslevering. Nu het causaal verband (nog) niet kan worden vastgesteld bestaat ook te weinig duidelijkheid over de omvang van de schade. 2. BGK. Gevorderd: € 23.041,33. Bij gebreke van een urenspecificatie ziet de rechtbank aanleiding de kosten te begroten overeenkomstig het standpunt van de verzekeraar. € 1.000,- toegewezen.

Lees verder

Jurisprudentie

Rb, deelgeschil: verband tussen polsklachten en werk te onzeker en te onbepaald

  • Rechtbank Den Haag
  • 16 maart 2017
  • ECLI:NL:RBDHA:2017:2703

De rechter memoreert dat wanneer een werknemer in de uitoefening van zijn werkzaamheden is blootgesteld aan voor de gezondheid gevaarlijke omstandigheden en schade aan zijn gezondheid heeft opgelopen, het door de werknemer te bewijzen oorzakelijk verband tussen de werkzaamheden en die schade in beginsel moet worden aangenomen indien de werkgever heeft nagelaten de maatregelen te treffen die redelijkerwijs nodig zijn om te voorkomen dat de werknemer in de uitoefening van zijn werkzaamheden dergelijke schade lijdt (HR 9 januari 2009, ECLI:NL:HR:2009:BF8875 de arbeidsrechtelijke omkeringsregel). Deze regel drukt het vermoeden uit dat de gezondheidsschade van de werknemer is veroorzaakt door de omstandigheden waarin deze zijn werkzaamheden heeft verricht en dat voor dat vermoeden geen plaats is als het verband tussen de gezondheidsschade en de arbeidsomstandigheden te onzeker of te onbepaald is (HR 7 juni 2013 ECLI:NL:HR:2013:BZ1717 en ECLI:NL:HR:2013:BZ1721). Hoewel de stellingen van de werknemer ter zake het gebruik van de zaagmachine grotendeels ongegrond zijn blijft overeind dat deze weleens voor de pols pijnlijk terug kon slaan. Daardoor is sprake van werk dat schadelijk voor de gezondheid kan zijn. De werknemer heeft evenwel onvoldoende aannemelijk gemaakt dat zijn polsklachten door de arbeidsomstandigheden zijn veroorzaakt, het verband daarmede is te onzeker en te onbepaald.

Lees verder

Jurisprudentie

Hof: rapport neuroloog niet consistent, partijen hieraan niet gebonden

  • Hof Den Bosch
  • 21 maart 2017
  • ECLI:NL:GHSHE:2017:1103
  • 200.182.121_01

Causaal verband tussen in 1975 opgelopen hersenletsel en decompensatie in 2008?
Op gezamenlijk verzoek van partijen heeft deskundigenonderzoek door neuroloog en neuropsycholoog plaatsgevonden. Het hof oordeelt dat de conclusie van de neuroloog dat de decompensatie in 2008 ook zonder ongeval zou zijn opgetreden, (te) veel vraagtekens op. Het rapport van de neuroloog beantwoordt naar het oordeel van het hof niet aan de daaraan te stellen eisen van consistentie, inzichtelijkheid en logica. Naar het oordeel van het hof is dan ook nader/nieuw onderzoek naar dat verband nodig en kunnen partijen niet worden aan de uitkomsten van het rapport van de neuroloog en het daarmee samenhangende rapport van de neuropsycholoog. Het nieuwe deskundigenonderzoek dient in het kader van de beoordeling van het integrale geschil tussen partijen te worden verricht en dus in de procedure ten principale.

Lees verder

Jurisprudentie

Hof: nieuw deskundigenbericht nodig ter vaststelling van causaal verband zware tilwerkzaamheden en rugklachten

  • Hof Den Haag
  • 21 maart 2017
  • ECLI:NL:GHDHA:2017:697
  • 200.157.778/01

Werknemer heeft van 1974 tot 2002 zware bierfusten getild en andere zware werkzaamheden verricht. In 2002 raakt hij arbeidsongeschikt door lage rugklachten. Hij stelt zijn werkgever aansprakelijk ex art 7:658 BW. Het hof stelt voorop dat de gezondheidsschade moet zijn veroorzaakt door de werkzaamheden. Het hof acht zich door het rapport van de in gezamenlijk overleg ingeschakelde deskundige (orthopeed), die geen causaal verband aanneemt, onvoldoende voorgelicht met betrekking tot het causaal verband. Hierbij speelt een rol dat een andere deskundige (bedrijfsarts-klinisch geneeskundige) in zijn rapport het causaal verband, wèl aannemelijk acht. Weliswaar is niet komen vast te staan dat de werkgever heeft ingestemd met de opdracht aan de tweede deskundige, maar dat betekent niet dat aan dat rapport geen enkele waarde kan worden toegekend. Het hof heeft behoefte aan een nieuw deskundig oordeel en benoemt twee deskundigen (bedrijfsarts-klinisch geneeskundige en neurochirurg).

Lees verder

Jurisprudentie

Rb, deelgeschil: “whiplash-jurisprudentie” niet van toepassing op hondenbeet

  • Rechtbank Amsterdam
  • 9 maart 2017
  • ECLI:NL:RBAMS:2017:1538
  • C/13/617300 / HA RK 16-388

Benadeelde vraagt verklaring voor recht dat hand- en polsklachten het gevolg zijn van de hondenbeet in 2010. 1. De rechtbank constateert dat de stelling van benadeelde dat het conditio sine qua non-verband is gegeven, aangezien zij voor de hondenbeet geen klachten had, een alternatieve oorzaak niet is gegeven en de klachten zonder de hondenbeet niet zouden zijn opgetreden, lijkt te zijn ontleend aan de “whiplash-jurisprudentie”. Die jurisprudentie kan naar het oordeel van de rechtbank niet (naar analogie) worden toegepast in de onderhavige situatie waar sprake is van een hondenbeet in de hand en die dus wezenlijk anders is dan een whiplash, waar dikwijls medisch ‘objectieve’ afwijkingen ontbreken. Het enkele feit dat benadeelde thans klachten heeft die zij daarvoor niet had, is derhalve onvoldoende om het csqn-verband aan te nemen. 2. De rechtbank acht op basis van de medische gegevens causaal verband niet aangetoond. 3. Kosten deelgeschil: € 8.865,39 (uurtarief € 265,- ) toegewezen.

Lees verder

Jurisprudentie

Hof: causaal verband tussen nekklachten en incident in bus niet bewezen

  • Hof Arnhem-Leeuwarden
  • 7 maart 2017
  • ECLI:NL:GHARL:2017:1936
  • 200.092.405/01

Elfjarige jongen wordt in 2006 door begeleider hardhandig uit bus gezet. De jongen stelt dat hij als gevolg hiervan de rug- en nekklachten heeft. Het hof stelt vast dat de deskundige het causaal verband tussen de klachten en het incident in de bus (minst genomen) discutabel acht. De deskundige acht het waarschijnlijk dat de klachten zich ook zouden hebben voorgedaan indien het incident niet was gebeurd. Het hof ziet geen reden om niet uit te gaan van de juistheid van het oordeel van de deskundige. Tussen partijen staat niet ter discussie dat de deskundige deskundig is. Het hof acht het rapport van de deskundige consistent en de conclusies niet zijn weerlegd met een rapport van een partijdeskundige. Het hof oordeelt dat niet bewezen is dat sprake is van causaal verband tussen de nekklachten en het incident.

Lees verder

Jurisprudentie

Hof: vier deskundigen benoemd ter vaststelling verband gezondheidsklachten en blootstelling aan oplosmiddelen

  • Hof Arnhem-Leeuwarden
  • 7 maart 2017
  • ECLI:NL:GHARL:2017:1960
  • 200.152.499/01

Beroepsziekte als gevolg van blootstelling aan oplosmiddelen bij schildersbedrijf in 1999-2000?
Het hof heeft in eerder tussenarrest overwogen dat nog niet vaststaat dat de gezondheidsklachten van werknemer zijn veroorzaakt (dan wel dat aannemelijk is dat ze kunnen zijn veroorzaakt) door de blootstelling aan gevaarlijke stoffen bij het schildersbedrijf en dat nader onderzoek noodzakelijk is. Het hof benoemt vier deskundigen benoemen die betrokken zijn bij Ika-Ned, een arbeidshygiënist, een neuroloog, een psycholoog en een psychiater. Het hof is met werknemer van oordeel dat niet volstaan kan worden met de IMWD-vraagstelling en neemt de door werknemer voorgestelde vraagstelling over.

Lees verder

Jurisprudentie

Rb, deelgeschil: twijfel over causaliteit niet weggenomen, verzoek afgewezen

  • Rechtbank Midden-Nederland
  • 18 januari 2017
  • ECLI:NL:RBMNE:2017:995
  • 5040510 UC EXPL 16-6964

Whiplash. Verzoeker verzoekt de kantonrechter te bepalen dat de gezondheidsklachten die zij ervaart het gevolg zijn van ongeval van 2011. De kantonrechter oordeelt dat verzoeker de aanwezige twijfel over de causaliteit naar aanleiding van het neurologisch expertiserapport niet kunnen wegnemen. Daarbij wordt in aanmerking genomen dat er kennelijk een eerder ongeval is geweest, waarvan geen (medische) informatie bekend is. Het kan niet worden uitgesloten dat er tussen 2004 en 2009 ook sprake is geweest van klachten. Dat betekent dat het onvoldoende aannemelijk is geworden dat de gezondheidsklachten geheel dan wel gedeeltelijk het gevolg zijn van het ongeval van 2011. Verzoek afgewezen. 2. Voorschot van € 2500,- op BGK toegewezen. 3. Kosten deelgeschil gematigd; € 4.054,50 (uurtarief € 255,-) toegewezen (gevorderd: € 8.094,81 (uurtarief € 285,-)).

Lees verder

Jurisprudentie

Rb, deelgeschil: whiplash, causaal verband niet vast te stellen op basis van (alleen) medische gegevens uit behandelend sector; voorschot en BGK afgewezen

  • Rechtbank Midden-Nederland
  • 12 oktober 2016
  • ECLI:NL:RBMNE:2016:7597
  • C/16/416926 / HA RK 16-120

Verzoeker ((prof)voetballer) heeft na ongeval nek-, hoofdpijn en knieklachten en verzoekt om verklaring voor recht dat verzekeraar aansprakelijk is voor verlies van arbeidsvermogen. 1. De rechtbank is van oordeel dat op basis van de thans beschikbare medische informatie niet kan worden geconcludeerd dat sprake is van causaal verband tussen het ongeval en de gestelde klachten. De medische informatie betreft immers (alleen) medische gegevens uit de behandelend sector. Daarvan maakt een onderzoek door een neuroloog bovendien geen deel uit. Tot op heden is de neuroloog vooralsnog de meest aangewezen specialist om de vraag naar het (medisch) oorzakelijk verband tussen klachten en een ongeval te beantwoorden. Op dit moment bestaat dus nog geen duidelijkheid over de causaliteit, terwijl binnen de deelgeschilprocedure geen ruimte bestaat voor (uitgebreide) bewijslevering. 2. Voorschot afgewezen. 3. BGK afgewezen. Hoewel het redelijk is dat verzoeker kosten maakt, waaronder kosten van rechtsbijstand is de rechtbank van oordeel dat i.v.m. de onduidelijkheid over het causaal verband en daarmee over de omvang van de schade, de verzekeraar niet gehouden is tot het voldoen van de gevorderde BGK. 4. Kosten deelgeschil: € 2.450,25.

Lees verder

Jurisprudentie

Hof: geen causaal verband tussen medische fouten en CVA

  • Hof Den Bosch
  • 31 januari 2017
  • ECLI:NL:GHSHE:2017:311
  • 200.134.547_01

Door een medische fout krijgt benadeelde na operatie geen antistolling toegediend; 9 dagen later treedt CVA (beroerte) op. 1. Het hof concludeert op basis van deskundigenbericht dat er een fout is gemaakt, maar dat er in de concrete situatie van dit geval geen enkele aanwijzing dat het CVA negen dagen later in enig oorzakelijk verband tot deze fout zou kunnen staan. 2. Informed consent. Het hof concludeert dat het weliswaar als een fout moet worden aangemerkt dat benadeelde niet op de hoogte is gebracht van de verhoogde risico’s welke in haar geval met het nemen van een biopt gepaard konden gaan, maar dat er geen begin van bewijs voorhanden is dat het nemen van dit biopt in enig oorzakelijk verband staat tot het CVA 9 dagen later.

Lees verder

Jurisprudentie

Rb, deelgeschil: geen duidelijkheid over klachten en beperkingen, verzoek afgewezen; BGK niet redelijk

  • Ongepubl. jurisprudentie, Rechtbank Midden-Nederland
  • 16 december 2016
  • C/16/420717 / HA RK 16-167 MAR

Ongeval, medewerker schoonmaakbedrijf, jaarcontract na ongeval ontbonden in proeftijd. Verzoeker verzoekt om voorschot van € 24.000,- , maandelijkse betaling van € 2000,- en € 23.041,33 aan BGK. Partijen verschillen van mening over de causaliteit. 1. In verband met de discussie of al dan niet sprake is van neurologisch en/of orthopedisch is een voorlopig deskundigenbericht verzocht. De rapporten zijn echter nog niet beschikbaar. De rechtbank oordeelt dat op dit moment nog geenszins het stadium is bereikt dat duidelijkheid bestaat over de klachten en beperkingen. Binnen de deelgeschilprocedure bestaat geen ruimte voor uitgebreidere bewijslevering. De rechtbank kan derhalve niet vaststellen of de schade de reeds verstrekte voorschotten van € 35.000,- overtreft. 2. BGK. Verzoek afgewezen. BGK doorstaan de dubbele redelijkheidstoets niet, nu benadeelde al vier belangenbehartigers heeft gehad. 3. Kosten deelgeschil: €1000,-. Bij gebreke van een urenspecificatie ziet de rechtbank aanleiding de kosten te begroten op het door de verzekeraar redelijk geachte bedrag.

Lees verder

Jurisprudentie

Rb: elektrocutieongeval, aanknoping bij whiplashjurisprudentie, klachten plausibel en toegerekend

  • Rechtbank Overijssel
  • 28 december 2016
  • ECLI:NL:RBOVE:2016:5157
  • 659775 CV 13-1811

Werknemer heeft hoofdpijn,vermoeidheid en concentratieproblemen na elektrocutieongeval op het werk. 1. De kantonrechter overweegt dat uit de deskundigenberichten blijkt dat er geen
medisch-wetenschappelijk bewijs dat een elektrocutie leidt tot klachten en beperkingen.
Dit betekent niet dat de beperkingen niet in causaal verband kunnen staan met het ongeval. De kantonrechter zoekt, gelet op de gelijkenis met de neuro(psycho)logische klachten, aansluiting bij de jurisprudentie over het causaliteitsvraagstuk in geval van ‘whiplash’ (ZA/De Greef).
De kantonrechter neemt dan ook tot uitgangspunt dat bij werknemer sprake is van een consistent, consequent en samenhangend en daarmee van een plausibel klachtenpatroon en stelt vast dat de klachten en beperkingen niet al aan de orde waren voor het ongeval. 2. De kantonrechter overweegt dat, indien er al vanuit moet worden gegaan dat werknemer meer dan een ander vatbaar zou zijn voor vermoeidheidsklachten (predispositie) dit op zichzelf aan volledige toerekening niet in de weg staat. De aansprakelijke (rechts)persoon heeft het slachtoffer immers te nemen zoals die is. Vordering toegewezen.

Lees verder