Jurisprudentie

Raad van Discipline: schorsing advocaat na excessief declareren in letselzaak

  • Raad van Discipline
  • 25 september 2017
  • ECLI:NL:TADRARL:2017:159
  • 16-1014

De Raad van Discipline oordeelt: Door aanspraak te maken op een resultaatgerelateerd honorarium van 30% van het behaalde resultaat, een ongelimiteerd urenhonorarium en op vergoeding van buitengerechtelijke kosten door de verzekeraar heeft de advocaat volgens eigen zeggen in deze zaak recht op een totaalbedrag van € 33.276,12. Door de verzekeraar is aan klaagster vergoed een bedrag van € 26.250,- aan schade. De vermeende aanspraken van de advocaat staan derhalve in geen verhouding tot het belang van de zaak en overstijgt het belang van de zaak dus ruimschoots: dit is circa 125 % van de schadevergoeding van € 26.250,-. De raad oordeelt dat deze wijze van declareren excessief is. In verhouding tot de door klaagster ontvangen schadevergoeding is dan geen sprake meer van een ‘redelijk salaris’ waarover Gedragsregel 25 spreekt. Naar het oordeel van de raad is een voorwaardelijke schorsing van 13 weken passend.

Lees verder

Jurisprudentie

Rb, deelgeschil: whiplashklachten onvoldoende onderbouwd, mede gezien pre-existente klachten, BGK en kosten deelgeschil afgewezen

  • Rechtbank Oost-Brabant
  • 8 september 2017
  • ECLI:NL:RBOBR:2017:4869
  • C/01/318769 / EX RK 17-42

Ongeval 2008, whiplash, eerdere (whiplash)klachten in 2000. 1. Naar het oordeel van de rechtbank heeft benadeelde onvoldoende gesteld om te kunnen aannemen dat sprake is van een consistent, consequent en samenhangend patroon van klachten. Het door benadeelde overgelegde huisartsenjournaal loopt maar tot 2013. Daarnaast valt op dat benadeelde pas 10 dagen na het ongeval voor het eerst zijn huisarts raadpleegt. Er is geen sprake van een consequent en blijvend patroon van de gestelde klachten. Het gaat immers op het eerst gezicht niet steeds om dezelfde klachten. Het voorgaande klemt temeer, nu vaststaat dat benadeelde relevante pre-existente klachten kende en nog kent. 2. BGK doorstaan dubbele redelijkheidstoets niet. 3. Kosten deelgeschil niet begroot, deelgeschil volstrekt onnodig ingesteld.

Lees verder

Jurisprudentie

Rb, deelgeschil: ongeval te hard rijdende inhaler en verzoekster: 80%-20% na billijkheidscorrectie

  • Rechtbank Midden-Nederland
  • 9 augustus 2017
  • ECLI:NL:RBMNE:2017:4058
  • 5946625

Aanrijding tussen verzoekster die met auto voorrangsweg opreed en de bij verweerder verzekerde auto, die met hoge snelheid aan het inhalen was. 1. Vast staat dat de inhaler te hard heeft gereden. De rechtbank overweegt dat verzoekster onvoldoende heeft geanticipeerd op de mogelijkheid dat auto’s harder rijden dan is toegestaan. Oversteken had vermeden moeten worden. 2. De kantonrechter komt tot een causale weging van 60% voor de hardrijdende auto en 40% voor verzoekster. 3. Na toepassing van billijkheidscorrectie 80%-20%. De kantonrechter weegt hierbij mee de ernst van het letsel, de nog steeds aanwezige lichamelijke en psychische klachten en het feit dat verzoekster geen dienstbetrekking meer heeft en zij dus inkomensverlies lijdt. 4. Kosten deelgeschil: € 2.678,- (x 80%).

Lees verder

Jurisprudentie

Rb, deelgeschil: letselschadezaak tegen beter weten in in volle omvang voorgelegd: verzoek en kosten afgewezen

  • Ongepubl. jurisprudentie, Rechtbank Amsterdam
  • 22 augustus 2017
  • 5845783 EA VERZ 17-268 en 5876221 EA VERZ 17-310

Benadeelde verzoekt de kantonrechter een uitspraak te doen over het causaal verband en de klachten, de kosten van psychologische hulp, arbeidsdeskundige begeleiding, studievertraging etc. (in totaal 11 punten, A t/m K). De kantonrechter stelt vast dat van een onderhandelingstraject tussen partijen geen sprake meer is. Het verzoek van benadeelde strekt zich uit over het gehele geschil tussen partijen. De feiten, het causaal verband, de omvang van de schade en de buitengerechtelijke kosten staan ter discussie. Als op al deze punten moet worden beslist zoals benadeelde verzoekt, zou deze procedure het karakter van een bodemprocedure krijgen. De kantonrechter concludeert dat geen sprake is van een geschil dat zich leent voor een deelgeschilprocedure. 2. De kosten van het deelgeschil worden afgewezen. Nu op basis van hetzelfde geschil al eerder een verzoek bij de rechtbank Midden-Nederland is ingediend met dezelfde uitkomst, kan niet anders worden geoordeeld dan dat benadeelde onderhavige verzoeken onnodig en tegen beter weten in heeft ingediend.

Lees verder

Jurisprudentie

Rb: uurtarief € 255,- redelijk in complexe zaak; voor dit uurtarief mag efficiënt werken worden verwacht

  • Rechtbank Gelderland
  • 6 januari 2016
  • ECLI:NL:RBGEL:2016:7169
  • C/05/286435/HA RK 15-104

Benadeelde wordt tijdens evenement van in het water liggend luchtkussen gelanceerd en loopt een nekwervelfractuur op. Aansprakelijkheid wordt eerst afgewezen, maar na latere overlegging filmbeelden alsnog erkend. Benadeelde verzoekt om betaling van € 42.203,30, waarvan € 21.749,69 ter zake van BGK (66 uur a € 255,-). 1. BGK. De rechtbank acht het uurtarief van 255,- niet onredelijk, gezien de complexiteit en het belang van de zaak. Dit relatief hoge uurtarief betekent wel dat verwacht mag worden dat efficiënt is gewerkt. In dat verband is het volgende van belang. Hoewel onzeker is of aansprakelijkheid zou zijn erkend als de filmbeelden eerder waren overgelegd, ligt dit wel voor de hand. Anderzijds is niet in geschil dat de advocaat van benadeelde meerdere keren heeft gerappelleerd. Al met al acht de rechtbank ongeveer de helft van de kosten van werkzaamheden in de periode maart 2014 tot oktober 2014 niet in redelijkheid gemaakt (9 uur). 2. Studievertraging afgewezen, want geen ongevalsgevolg. 3. Voorschot van € 25.000,- afgewezen. 4. Kosten deelgeschil: € 6.611,-.

Lees verder

Jurisprudentie

Rb, deelgeschil: verzekeraar niet aansprakelijk voor pensioenschade na faillissement werkgever

  • Rechtbank Den Haag
  • 18 juli 2017
  • ECLI:NL:RBDHA:2017:8443
  • 5953842 EJ VERZ 17-84009

Benadeelde is in 2009 volledig arbeidsongeschikt geraakt door ongeval waarvoor de werkgever aansprakelijk is. In 2010 gaat de werkgever failliet. Benadeelde claimt pensioenschade van verzekeraar. Verzekeraar betwist het causaal verband en stelt dat pensioenschade ontstaan door het faillissement en doordat benadeelde zelf geen gebruik heeft gemaakt van de mogelijkheid van vrijwillige voortzetting van de pensioenopbouw. 1. De kantonrechter stelt voorop dat een aansprakelijke partij op grond van de wet slechts gehouden is tot vergoeding van schade in de vorm van een geldsom. Benadeelde was gehouden om zelf tijdig de aanvraag te doen voor de vrijwillige voorzetting van het ouderdomspensioen en de daartoe verschuldigde premies te betalen. Wanneer hij daartoe financieel niet in staat was, had hij tijdig en uitdrukkelijk om een voorschot ten behoeve van de premiebetalingen moeten vragen. De kantonrechter acht de verzekeraar niet aansprakelijk voor de pensioenschade. 2. Kosten deelgeschil vastgesteld op , maar afgewezen, omdat werkgever niet aansprakelijk is voor de pensioenschade.

Lees verder

Jurisprudentie

Rb: deelgeschil over BGK heeft meer kenmerken van incassoprocedure dan van letselschadezaak: uurtarief hooguit € 100,-

  • Rechtbank Gelderland
  • 11 mei 2016
  • ECLI:NL:RBGEL:2016:7166
  • C/05/300965 / HA RK 16-89 / 167 / 512

Deelgeschil over BGK na eerder deelgeschil, waarin voorschot op BGK werd toegewezen. Verzekeraar verzet zich er in deze procedure tegen dat de deelgeschilprocedure wordt aangewend enkel om betaling van declaraties van de advocaat af te dwingen. Als verweer tegen het verzoek is dat bezwaar verworpen. Dit bezwaar is echter niet zonder belang in het kader van het te hanteren maximaal redelijke uurtarief bij de beoordeling in de zin van art. 1019aa Rv. Dit maximaal redelijke uurtarief hangt immers onder meer af van de aard van de procedure. De onderhavige procedure heeft meer kenmerken van een incassoprocedure dan van een letselschadezaak. Een voldoende rechtvaardiging voor het hanteren van een specialistentarief is er dan niet. De rechtbank acht daarom een uurtarief van hooguit € 100,00 exclusief 6% kantoorkosten en 21% nog redelijk. De rechtbank begroot de kosten van het deelgeschil op € 2.173,60 (€ 100,00 plus 6% plus 21% maal 10, plus € 15,00 plus € 876,00); gevorderd: € 9.635,03.

Lees verder

Jurisprudentie

Rb: gordelkwestie niet geschikt voor deelgeschil vanwege bewijslevering, kosten deelgeschil voor 100% toegewezen

  • Rechtbank Gelderland
  • 1 maart 2017
  • ECLI:NL:RBGEL:2017:4228
  • C/05/312030 / HA RK 16-244

Benadeelde verzoekt verklaring voor recht dat de verzekeraar volledige aansprakelijk is voor de gevolgen van het ongeval; verzekeraar beroep zich op eigen schuld wegens het niet dragen van de gordel. 1. De rechtbank oordeelt dit zonder bewijslevering niet is vast te stellen. Gezien de tijd en kosten die met bewijslevering gepaard zullen gaan zijn, is het verzoek niet geschikt voor een deelgeschil. 2. Indien de rechtbank ervan uitgaat dat verzoeker de gordel niet droeg, kan niet worden geoordeeld dat de billijkheid eist dat verzekeraar de schade toch volledig dient te vergoeden. Daarvoor vormt het niet dragen van de autogordel een te ernstig verwijt. 3. Kosten deelgeschil: € 7.534,69 (uurtarief € 270,- niet onredelijk). Kosten voor 100% toegewezen, ook al is mogelijk schade van eigen schuld. De rechtbank acht hierbij van belang dat de wetgever met art. 1019aa Rv heeft beoogd de financiële drempel voor de benadeelde te verlagen.

Lees verder

Jurisprudentie

Rb, deelgeschil: aansprakelijkheidsvraag gemeente voor val fietser niet geschikt voor deelgeschil vanwege bewijslevering

  • Rechtbank Gelderland
  • 16 januari 2017

Ter hoogte van varkensruggen (betonnen stootranden) komt fietser ten val. Zij stelt de gemeente ex art. 6:174 BW aansprakelijk. De rechtbank oordeelt dat de aanwezigheid van varkensruggen op het wegdek nog niet betekent dat de weg niet voldoet aan de eisen die men aan de weg mag stellen in de zin van art. 6:174 BW. Voor aansprakelijkheid is vereist dat vastgesteld kan worden dat het ongeval het gevolg is van de slechte zichtbaarheid van de varkensruggen en het onvoldoende waarschuwen voor het gevaar van de varkensruggen voor fietsers. De rechtbank kan niet tot een beslissing komen zonder bewijsopdracht en het horen van getuigen. De met dergelijke instructie gepaard gaande tijd en moeite staan naar het oordeel van de rechtbank niet in verhouding tot de kans dat een vaststellingsovereenkomst tot stand zal komen. Ook als de omkeringsregel van toepassing zou zijn, zou dit de noodzaak van bewijslevering niet wegnemen, maar slechts verleggen naar de gemeente. Verzoek afgewezen. 2. Kosten deelgeschil vastgesteld op: € 2.103,00 (uurtarief € 150,-).

Lees verder

Jurisprudentie

Rb, deelgeschil: aansprakelijk kwekerij voor val afgewezen; aantal uren deels tegen uurtarief van € 100,- redelijk

  • Rechtbank Gelderland
  • 13 januari 2016
  • ECLI:NL:RBGEL:2016:7170
  • C/05/286211 / HA RK 15-97

Benadeelde valt op het erf van een azaleakwekerij. Zij stelt de kwekerij aansprakelijk ex art 6:174 BW. 1. De rechtbank overweegt dat vast moet komen te staan dat verzoekster is gevallen door gladheid van de plaat waarop zij toen liep als gevolg van het ontbreken van ribbels of reliëf op die plaat. De rechtbank oordeelt dat benadeelde de toedracht onvoldoende heeft toegelicht. Verzoek afgewezen. 2. Kosten deelgeschil begroot op € 3.927,10: Uurtarief voor gedeelte van de uren: € 250,-; de rechtbank acht het aantal uren niet onredelijk te noemen, zeker niet in aanmerking genomen dat meer dan een derde van deze uren is gedeclareerd tegen € 100,00 per uur.

Lees verder

Jurisprudentie

Rb, deelgeschil: bezitter aansprakelijk voor letsel door onstuimige hond, geen eigen schuld

  • Rechtbank Gelderland
  • 11 oktober 2016
  • ECLI:NL:RBGEL:2016:7165
  • C/05/300449 / HA RK 16-80

Verzoekster wordt omver gelopen door de hond van gedaagde, die met zijn aan het spelen was en loopt letsel op. 1. De rechtbank acht verweer aansprakelijk ex art 6:179 BW. De rechtbank verwerpt het beroep op risicoaanvaarding. 2. De rechtbank oordeelt dat evenmin sprake is van eigen schuld. Gesteld noch gebleken is dat eiseres bekend was met het wilde gedrag van de hond. Gesteld is slechts dat gedaagde in algemene zin aan eiseres heeft aangegeven dat hond druk was, niet dat hij, eenmaal losgelaten, in volle vaart tegen personen kon aanrennen. Het loslaten van de hond en het niet uitwijken levert geen eigen schuld op. 3. Kosten deelgeschil afgewezen. Vast staat dat verzoekster is verzekerd tegen de kosten van rechtsbijstand en dat deze kosten ook daadwerkelijk worden gedragen door haar rechtsbijstandsverzekeraar. Niet valt dan in te zien waarom deze kosten voor verzoekster een schadepost vormen.

Lees verder

Jurisprudentie

Rb, deelgeschil: maandelijks voorschot toegekend wegens gemiste pgb’s voor zorg voor kinderen

  • Rechtbank Gelderland
  • 21 juli 2017
  • ECLI:NL:RBGEL:2017:3854
  • C/05/318357 / HZ RK 17-17

Verzoek om voorschot wegens verlies van arbeidsvermogen, onder meer door het missen van pgb’s. Benadeelde heeft 4 kinderen met autisme, voor wie hij vóór het ongeval de zorg had en waarvoor hij pgb’s ontving. Na het ongeval kon hij geen zorgtaken meer verrichten en ontving hij minder aan pgb’s. 1. De rechtbank stelt voorop dat het wettelijk systeem van de pgb’s met zich brengt dat de geïndiceerde zorg per definitie ‘bovengebruikelijke’ zorg betreft, hetgeen met zich brengt dat de vergoeding voor deze verrichte zorg – ook indien door een ouder verricht – moet worden aangemerkt als inkomen voor verrichte arbeid. De rechtbank oordeelt dat voldoende is dat benadeelde aannemelijk maakt dat zijn schade groter is dan de reeds verstrekte voorschotten en is nadere informatie op dit punt niet noodzakelijk. Bovendien is door de Sociale Verzekeringsbank reeds getoetst of de aan benadeelde verstrekte bedragen uit de pgb’s zijn gegrond op een met hem gesloten zorgovereenkomst en voldoen aan de afgegeven indicatie. De rechtbank veroordeelt verzekeraar om van september 2016 tot juli 2017 maandelijks een voorschot van € 2.000,00 te betalen. 2. Kosten deelgeschil: € 8.614,81.

Lees verder

Jurisprudentie

Rb, deelgeschil: fietser valt over betonnen randje, zaak vanwege bewijslevering niet geschikt voor deelgeschil

  • Rechtbank Gelderland
  • 18 januari 2016
  • ECLI:NL:RBGEL:2017:4129
  • c/05/290791 / HA RK 15-156

Benadeelde stapt bij wegafzetting van fiets, komt ten val over een betonnen randje en breekt haar bekken. Zij stelt de gemeente aansprakelijk ex art 6:174 BW. 1. De rechtbank overweegt dat doorslaggevend bewijs omtrent de situatie niet voorhanden is. Beide partijen hebben hun standpunt met foto’s toegelicht, die niet eenzelfde beeld van de situatie ter plaatste. Zonder nadere instructie, waarschijnlijk in de vorm getuigenverhoren, kunnen daarom de door benadeelde gestelde omstandigheden waaronder zij is gevallen niet worden vastgesteld. De met dergelijke instructie gepaard gaande tijd en moeite staan naar het oordeel van de rechtbank niet in verhouding tot de kans dat een vaststellingsovereenkomst tot stand zal komen. Het verzoek stuit daarom af op artikel 1019z Rv. 2. Kosten deelgeschil begroot op € 4.677,23 (gevorderd: € 8.455,97).

Lees verder

Jurisprudentie

Rb, deelgeschil: ziekenhuis moet meewerken aan voortzetting gezamenlijke expertise

  • Rechtbank Gelderland
  • 7 januari 2016
  • ECLI:NL:RBGEL:2016:7163
  • c/05/290461 HA RK 15-148

Na knieoperatie heeft benadeelde, die lijdt aan een ernstige botziekte, blijvende uitval van de nervus peroneus (kuitzenuw). Zij verzoekt de rechtbank voor recht te verklaren dat het ziekenhuis aansprakelijk is. De rechtbank komt tot het oordeel dat op basis van het expertiserapport van de op gezamenlijk verzoek ingeschakelde orthopeed (dr. Y) de aansprakelijkheid niet kan worden vastgesteld. Het primaire verzoek wordt afgewezen. 2. De rechtbank wijs het subsidiaire verzoek toe en bepaalt dat het ziekenhuis moet meewerken aan de verdere voortzetting en afronding van het gezamenlijk door partijen in gang gezette deskundigenonderzoek bij dr. Y. 3. Kosten deelgeschil: € 8.535,99.

Lees verder

Vaknieuws

Aanpassing vergoeding rechtsbijstandsverzekeraars in Convenant BGK-L en BGK-MA

  • Verbond van Verzekeraars
  • 27 juli 2017
  • Nicole Lemmen

De nieuwe tabel die geldt vanaf 1 juli 2017 t/m 31 december 2018 en die behoort bij het BGK-L-Convenant en het BGK-MA-convenant is nu beschikbaar op de site van het Verbond en op het PIV-Kennisnet. De rekenmodule op het PIV-Kennisnet was al aangepast. In Artikel 5.1 van het convenant BGK-L is voorzien dat rechtsbijstandsverzekeraars een andere kostenstructuur hebben dan de overige deelnemers. Aansprakelijkheidsverzekeraars vergoeden daarom het tabelbedrag uit de staffel exclusief BTW plus een compensatie. Vanaf 1 juli 2017 tot en met het einde van de looptijd van het convenant bedraagt deze compensatie 4% (tot 1 juli 2017 bedroeg deze compensatie 5%).

Lees verder