Vaknieuws

De Letselschade Raad werkt aan code beroepsziekte

  • ANP
  • 6 juli 2017

Een nieuwe gedragscode moet de afhandeling van financiële claims vereenvoudigen voor mensen die een beroepsziekte hebben opgelopen. Dat schrijft minister Lodewijk Asscher (Sociale Zaken) donderdag aan de Tweede Kamer. Via De Letselschade Raad worden onder meer het Verbond van Verzekeraars, de ANWB, Slachtofferhulp Nederland en letselschade-experts betrokken bij het opstellen van de code. Veel voorkomende beroepsziekten zijn bijvoorbeeld doofheid, longkanker, nekklachten en ziektes door werken met lood of asbest. Voor de brief van Asscher lees verder

Lees verder

Jurisprudentie

Hof: werkgever niet aansprakelijk voor ongeval tijdens woon-werkverkeer

  • Hof Den Bosch
  • 20 juni 2017
  • ECLI:NL:GHSHE:2017:2802
  • 200.137.578_01

Werknemer in dienst van tankstation is onderweg van zijn werk naar huis op de fiets is aangereden en heeft letsel opgelopen. 1. Het hof oordeelt dat er geen causaal verband is tussen het verstrekken van onjuiste informatie door de werkgever en de weigering van de uitkering door de ongevallenverzekeraar. 2. Het hof acht de werkgever niet aansprakelijk ex art. 7:658 BW en art. 7:611 BW. Werknemer heeft geen bijzondere feiten of omstandigheden aangevoerd op grond waarvan kan worden geoordeeld dat een dermate nauw verband bestaat tussen het ongeval en de uit te voeren werkzaamheden dat de werkgever aansprakelijk kan worden gehouden voor de gevolgen. De omstandigheden dat de werkzaamheden op onregelmatige tijden verricht moesten worden en dat de arbeidsplaats niet met het openbaar vervoer of te voet bereikbaar was zijn daartoe niet voldoende.

Lees verder

Jurisprudentie

Hof: blootstelling aan asbest niet aannemelijk gemaakt, werkgever niet aansprakelijk

  • Hof Amsterdam
  • 6 juni 2017
  • ECLI:NL:GHAMS:2017:2121
  • 200.184.617/01

Werknemer is in 2014 overleden aan mesothelioom. Zijn erfgename stelt de werkgever aansprakelijk. 1. Het hof volgt appellante niet in haar stelling dat zij in het kader van bewijslevering kon volstaan met het aannemelijk maken dat werknemer aan asbest is blootgesteld, in die zin dat hij werkzaam is geweest in gebouwen of schepen waarin asbest was verwerkt. appellante zal in voldoende mate aannemelijk moeten maken, dat hij in aanraking is geweest met asbesthoudende vezels. 2. Het hof oordeelt dat de omkeringsregel niet van toepassing is, aangezien deze niet ziet op de schadeveroorzakende gebeurtenis maar slechts op de bewijslast ten aanzien van de causaliteit. 3. Appellante heeft naar het oordeel van het hof niet bewezen dat werknemer in de uitoefening van zijn werkzaamheden is blootgesteld aan asbest.

Lees verder

Jurisprudentie

Rb: werkgever aansprakelijk voor letsel door omgevallen pallets

  • Rechtbank Midden-Nederland
  • 14 juni 2017
  • ECLI:NL:RBMNE:2017:2812
  • 468556

Werknemer stelt werkgever aansprakelijk ex art 7:658 BW voor schade door bedrijfsongeval (een tweehoog gestapelde pallet valt op werknemer met een verbrijzeld onderbeen als gevolg). Of de toedracht is geweest zoals werkgever stelt (de stapel is omgevallen omdat deze instabiel was geworden) of zoals werknemer stelt (de stapel is omgevallen omdat de tussenliggende pallet brak), in beide situaties is werkgever aansprakelijk omdat hij niet aan zijn zorgplicht heeft voldaan. Als een tussenliggende pallet is gebroken was het materiaal niet in goede staat en is werkgever op die grond aansprakelijk. Als de stapel door het instabiel worden is omgevallen is de werkgever aansprakelijk omdat hij geen enkele instructie heeft gegeven dat pallets niet gestapeld mochten worden vervoerd, terwijl deze wel gestapeld in de loods stonden opgeslagen. Hieraan doet niet af dat het voor werknemer wellicht duidelijk had moeten zijn dat het gestapeld verplaatsen gevaarlijk kan zijn. Geen opzet of bewuste roekeloosheid bij werknemer. Toewijzing verklaring voor recht. Voorschot € 15.000, .

Lees verder

Vaknieuws

Scriptieprijs Stichting Beer impuls voor scriptie ‘De zorgverlener als tweede slachtoffer’

  • 15 juni 2017

Stichting Beer impuls, een initiatief van zes Amsterdamse slachtofferadvocaten, heeft in 2016 net als in 2015 een landelijke scriptieprijs uitgeschreven. De vakjury bestaande uit prof. mr. C.C. van Dam, mr. dr. F.Th. Kremer en mr. J.M. Beer, heeft zich over de inzendingen gebogen en op 15 juni 2017 werd de scriptieprijs uitgereikt aan de winnares mr. ChiChi de Haan en de Vakgroep Privaatrecht van de UvA. Het onderwerp van haar scriptie ‘De zorgverlener als tweede slachtoffer’. Deze scriptie behandelt de vraag of een ziekenhuis o.g.v. art 7:658 BW jegens de zorgverlener de juridische plicht heeft om deze na een calamiteit of incident op te vangen, en bij gebreke daaraan aansprakelijk kan zijn voor daaruit voortvloeiende psychische gezondheidsschade.

Lees verder

Jurisprudentie

Rb, deelgeschil: nu toedracht niet vast staat, kan werkgever ook niet aantonen dat aan zorgplicht is voldaan

  • Rechtbank Oost-Nederland
  • 1 juni 2017
  • ECLI:NL:RBOBR:2017:3039
  • 5270310

Werknemer, ervaren betontimmerman, loopt in 2010 rugletsel op als tijdens het opruimen van losse stempels een houten balk op zijn rug valt. De exacte toedracht van het ongeval komt niet vast te staan. 1. De kantonrechter oordeelt dat het feit dat de oorzaak van het ongeval niet is vastgesteld en niet meer kan worden vastgesteld voor risico en rekening van de werkgever komt. De omstandigheid dat de exacte oorzaak van het bedrijfsongeval niet vast staat, brengt mee dat aan de hand van de veiligheidsmaatregelen zoals deze door de werkgever zouden zijn genomen (toezicht, toolboxmeetings, risico-inventarisatie etc.) niet kan worden vastgesteld dat de werkgever aan haar zorgplicht, gericht op het voorkomen van dat ongeval, heeft voldaan. 2. Kosten deelgeschil: € 2.501,07.

Lees verder

Jurisprudentie

Hof: werknemer toegelaten tot bewijs dat collega werkgever heeft gevraagd om extra steiger

  • Hof Amsterdam
  • 30 mei 2017
  • ECLI:NL:GHAMS:2017:2057
  • 200.192.008/01

Werknemer –dakdekker- loopt in 2009 schouderklachten op, als hij een draai maakt om vuilniszakken van het dak naar beneden te laten zakken. Hij stelt zijn werkgever aansprakelijk ex art. 7:658 BW, omdat niet aan de zorgplicht is voldaan. Het hof neemt als vaststaand aan dat schouderklachten zijn opgelopen in de uitoefening van de werkzaamheden. Het debat van partijen spitst zich toe op de vraag of werkgever gehouden was ook aan de achterzijde van het pand een steiger te plaatsen. Daartoe bestond naar het oordeel van het hof bij de aanvang van de werkzaamheden geen aanleiding omdat de chef monteur, die de situatie ter plaatse tevoren had beoordeeld, niet kon weten dat er in de goot aan de achterzijde een aanzienlijke hoeveelheid vuil lag. Werknemer heeft echter gesteld dat werkgever hiervan later op de hoogte is gebracht, wat door de werkgever wordt betwist. Het hof laat werknemer toe zijn stelling te bewijzen zijn collega heeft gebeld en heeft gevraagd om plaatsing van een extra steiger aan de achterzijde van het pand.

Lees verder

Vaknieuws

Inspectie SZW: meer dodelijke arbeidsongevallen in 2016

  • Min. van Sociale Zaken
  • 17 mei 2017

Het stijgend aantal arbeidsongevallen en uitbuiting baren de Inspectie SZW grote zorgen. De Inspectie vindt dat ‘mensen altijd boven productie moeten gaan’. In 2016 kwamen 70 mensen door arbeidsongevallen om het leven, 19 meer dan in 2015. Dit staat te lezen in het Jaarverslag 2016 van de Inspectie SZW. Het totaal aantal slachtoffers van arbeidsongevallen steeg in 2016 met 14% ten opzichte van het jaar daarvoor. De meeste slachtoffers vallen in de bouw, industrie, handel en afvalbeheer.

Lees verder

Jurisprudentie

Hof: deskundigenbericht over afsluiten behoorlijke verzekering (art 7:611 BW) onvoldoende controleerbaar

  • Hof Den Bosch
  • 9 mei 2017
  • ECLI:NL:GHSHE:2017:2028
  • 200.108.360_01 en 200.123.595_01

Vervolg HR 19 december 2008 (art 7:611 BW; behoorlijke verzekering). Arrest na deskundigenbericht waarin aan de deskundige was gevraagd welke mogelijkheden er in 1998 waren voor de werkgever (ambulancedienst) om een behoorlijke verzekering af te sluiten voor ongevallen in het verkeer. De deskundige heeft diverse mensen uit de branche geïnterviewd. Volgens de deskundige is het beeld voldoende representatief voor de gehele markt, maar het hof stelt vast dat dit op geen enkele wijze controleerbaar is. Het hof komt tot de slotsom dat het deskundigenbericht onvoldoende gegevens bevat om de bevindingen, gedachtegang en conclusies van de deskundige te kunnen volgen en controleren. De stelling van werknemer dat een deskundigenbericht als het onderhavige niet mogelijk is juist lijkt te zijn, aldus het hof. Het hof gelast een comparitie om met partijen te spreken over de gevolgen van het terzijde leggen van het rapport.

Lees verder

Jurisprudentie

Rb, deelgeschil: werkgever aansprakelijk voor val van trap met bureaustoel

  • Rechtbank Noord-Holland
  • 7 maart 2017
  • ECLI:NL:RBNHO:2017:1759
  • 5346388 \ EJ VERZ 16-363 (H.K.)

Werkneemster, filiaalchef bij een reisbureau valt van de trap, als zij bureaustoel die in de weg staat naar boven sjouwt. Zij raakt volledig arbeidsongeschikt. 1. De kantonrechter acht de werkgever aansprakelijk ex art 7:658 BW. De stelling dat sprake zou zijn van een huis-tuin-en-keukenongeval, wordt verworpen nu de situatie zich in de winkel afspeelde en niet was gecreëerd door werkneemster, terwijl zij vanuit haar verantwoordelijkheid als manager van het reisbureau handelend moest optreden. 2. Kosten deelgeschil: € 5.663,88.

Lees verder

Jurisprudentie

Rb: niet voldaan aan relativiteitsvereiste, werkgever niet aansprakelijk voor schade dochter door beroepsziekte vader

  • Rechtbank Midden-Nederland
  • 22 maart 2017
  • ECLI:NL:RBMNE:2017:2000
  • C/16/409379 / HA ZA 16-112

Vader raakt tijdens dienstverband bij gemeente arbeidsongeschikt als gevolg van de ziekte van Lyme. Hij stelt dat zijn minderjarige dochter hierdoor klachten heeft ontwikkeld en is blijven zitten en hij vordert (als wettelijke vertegenwoordiger) de schade die zij heeft geleden. De rechtbank overweegt art. 6:163 BW bepaalt dat er geen verplichting tot schadevergoeding bestaat, wanneer de geschonden norm niet strekt tot bescherming van de schade zoals de benadeelde die heeft geleden ( relativiteitsvereiste). De gemeente diende op basis van de publiekrechtelijke variant van art 7:658 BW– te zorgen voor veilige werkomstandigheden van de vader. Deze norm geldt naar het oordeel van de rechtbank alleen in de verhouding tussen het bestuursorgaan en de ambtenaar die bij dit bestuursorgaan in dienst is of was. Geen schending art 8 EVRM. Vordering afgewezen.

Lees verder

Jurisprudentie

Hof: werkgever niet aansprakelijk voor letsel tijdens BHV-cursus

  • Hof Amsterdam
  • 25 april 2017
  • ECLI:NL:GHAMS:2017:1633
  • 200.188.213/01

Werknemer loopt letsel op als hij tijdens training als Bedrijfs Hulp Verlener (BHV)een man moet verslepen en ten val komt. Hij stelt zijn werkgever aansprakelijk ex art 7:658 BW. Het hof oordeelt niet kan worden aangenomen dat [de werkgever dan wel het trainingsinstituut door werknemer te laten deelnemen aan de cursus BHV een situatie in het leven hebben geroepen die andere en verdergaande maatregelen vereiste dan is geschied. Werkgever is niet aansprakelijk jegens werknemer door hem naar een cursus te sturen die verzorgd werd door een erkend/gecertificeerd instituut en het trainingsinstituut , als hulppersoon van werkgever, is dat evenmin omdat niet aannemelijk is geworden dat zij bij het verzorgen van de desbetreffende cursus de veiligheid van werknemer uit het oog heeft verloren.

Lees verder

Jurisprudentie

Rb (kort geding): letsel door vallende wand, vordering jegens werkgever afgewezen

  • Ongepubl. jurisprudentie, Rechtbank Oost-Brabant
  • 20 april 2017

Uitzendkracht loopt ernstig letsel op als bij het verplaatsen van een losse wand een wanddeel (339 kg) op hem valt. Hij stelt de materiele werkgever aansprakelijk. De kantonrechter oordeelt dat, gezien de diverse getuigenverklaringen het geenszins uitgesloten is dat de werkgever er in een bodemprocedure in zal slagen aan te tonen dat de werknemer door of namens de werkgever de werkinstructie heeft gehad dat hij niet alleen aan de wanden mocht werken en dat werknemer ook in dit specifieke geval nog de instructie heeft gekregen niet alleen met de onderhavige wand aan de gang te gaan. Vordering in kort geding afgewezen.

Lees verder

Jurisprudentie

Rb, deelgeschil: werkgever niet aansprakelijk voor losmaken van afscherming

  • Rechtbank Den Haag
  • 22 maart 2017
  • ECLI:NL:RBDHA:2017:3461
  • 5553653 EJ VERZ 16-87820

Op een bouwplaats is in de betonnen vloer een opening aanwezig die door een plank die met meerdere spijkerpluggen door de werkgever was dichtgemaakt. Een onbekende heeft de afscherming met kracht losgemaakt en verlegd. De werknemer is in het gat gevallen. De werkgever kan geen schending van enige zorgplicht als bedoeld in artikel 7:658 BW worden verweten. De vloer was voldoende geborgd. Niet gesteld noch gebleken is dat de verwijdering door een persoon gebeurde voor wie de werkgever aansprakelijk was. De rechter acht het gehanteerde uurtarief, voor een particuliere cliënt in een niet bijzonder complexe zaak als deze, bovenmatig en stelt het vast op € 250,00 p.u en het aantal uren op 13 zonder toewijzing daarvan.

Lees verder

Jurisprudentie

Rb, deelgeschil: verband tussen polsklachten en werk te onzeker en te onbepaald

  • Rechtbank Den Haag
  • 16 maart 2017
  • ECLI:NL:RBDHA:2017:2703

De rechter memoreert dat wanneer een werknemer in de uitoefening van zijn werkzaamheden is blootgesteld aan voor de gezondheid gevaarlijke omstandigheden en schade aan zijn gezondheid heeft opgelopen, het door de werknemer te bewijzen oorzakelijk verband tussen de werkzaamheden en die schade in beginsel moet worden aangenomen indien de werkgever heeft nagelaten de maatregelen te treffen die redelijkerwijs nodig zijn om te voorkomen dat de werknemer in de uitoefening van zijn werkzaamheden dergelijke schade lijdt (HR 9 januari 2009, ECLI:NL:HR:2009:BF8875 de arbeidsrechtelijke omkeringsregel). Deze regel drukt het vermoeden uit dat de gezondheidsschade van de werknemer is veroorzaakt door de omstandigheden waarin deze zijn werkzaamheden heeft verricht en dat voor dat vermoeden geen plaats is als het verband tussen de gezondheidsschade en de arbeidsomstandigheden te onzeker of te onbepaald is (HR 7 juni 2013 ECLI:NL:HR:2013:BZ1717 en ECLI:NL:HR:2013:BZ1721). Hoewel de stellingen van de werknemer ter zake het gebruik van de zaagmachine grotendeels ongegrond zijn blijft overeind dat deze weleens voor de pols pijnlijk terug kon slaan. Daardoor is sprake van werk dat schadelijk voor de gezondheid kan zijn. De werknemer heeft evenwel onvoldoende aannemelijk gemaakt dat zijn polsklachten door de arbeidsomstandigheden zijn veroorzaakt, het verband daarmede is te onzeker en te onbepaald.

Lees verder