Jurisprudentie

Hof: werkgever aansprakelijk voor val werknemer van ongeschikte steiger

  • Hof Den Bosch
  • 10 oktober 2017
  • ECLI:NL:GHSHE:2017:4431
  • 200.190.625_01

Werknemer is heeft trapje/bankje op steiger geplaatst en is door een misstap van het trapje/bankje en de steiger gevallen. Tussen partijen is niet in geschil dat de door werknemer gebruikte kamersteiger niet geheel geschikt was voor de te verrichten werkzaamheden, omdat deze niet hoog genoeg was. Werkgever heeft niet betwist dat werknemer al jaren gebruik maakte van het trapje/bankje werkte. 1. Het hof oordeelt dat de werkgever is zij tekortgeschoten in haar zorgplicht: het werk is door werkgever niet aldus georganiseerd dat gebruik gemaakt werd van een voor de benodigde werkhoogte wel geschikte steiger en er werd toegestaan dat in de praktijk van alledag een op zichzelf ongeschikte steiger werd gebruikt door deze te verhogen met een trapje/bankje. Het hof acht de werkgever aansprakelijk art 7:658 BW. 2. Het hof oordeelt dat werknemer terecht op staande voet is ontslagen vanwege ernstige bedreiging van de directeur.

Lees verder

Jurisprudentie

Rb: werkgever aansprakelijk voor knieletsel van dierenarts kopstoot van koe

  • Hof Den Bosch
  • 10 oktober 2017
  • ECLI:NL:GHSHE:2017:4429
  • 200.187.375_01

Dierenarts in loondienst loopt in 2006 knieletsel op na een kopstoot van een koe. Zij stelt haar werkgever aansprakelijk ex art 7:658 BW. 1. Het hof oordeelt dat de werkgever haar zorgplicht heeft geschonden, omdat een touw om het dier mee in bedwang te houden ontbrak in de standaarduitrusting. Nu het opnemen van een touw in de standaarduitrusting van een dierenarts een eenvoudige maatregel is, terwijl een touw in de uitoefening van de werkzaamheden kennelijk nodig is had van werkgever mogen worden verwacht dat zij voor het benodigde touw in de standaarduitrusting had zorggedragen. 2. Het hof oordeelt dat onvoldoende is onderbouwd dat er causaal verband bestaat tussen psychische klachten van de werknemer en onzorgvuldige begeleiding bij re-integratie onvoldoende is onderbouwd.

Lees verder

Vaknieuws

Dirkzwager: Werkgeveraansprakelijkheid: kenbaarheid van een verhoogd risico op psychische schade

  • Assurantie Magazine
  • 12 oktober 2017
  • Pauline Janssen
  • ECLI:NL:RBDHA:2017:9803

Dirkzwager advocaten bespreekt het vonnis van de Rechtbank Den Haag van 31 augustus 2017. Uit dit vonnis volgt dat een werkgever niet bedacht behoeft te zijn op een eventuele bijzondere psychische kwetsbaarheid van een werknemer teneinde werkgeversaansprakelijkheid te voorkomen. Zolang een werknemer niet op een of andere wijze kenbaar heeft gemaakt dat hij een verhoogd risico op psychische schade loopt, mag de werkgever veronderstellen dat een werknemer tegen een normale werklast en een normale bedrijfscultuur opgewassen is. De verantwoordelijkheid ligt daarmee niet bij de werkgever, maar bij de werknemer. Deze conclusie sluit aan bij een uitspraak van het Hof Arnhem.

Lees verder

Jurisprudentie

Hof: geen bindende eindbeslissing in deelgeschil over materiële rechtsverhouding; hoger beroep niet ontvankelijk

  • Hof Arnhem-Leeuwarden
  • 27 juni 2017
  • ECLI:NL:GHARL:2017:5372
  • 200.163.655

Benadeelde, werkzaam als ZZP-er, loopt in 2009 bij eenzijdig verkeersongeval in auto van het bedrijf van zijn ouders ernstig letsel op. Hij heeft het bedrijf aansprakelijk gesteld op grond van het feit dat geen behoorlijke verzekering was afgesloten voor deelname aan het verkeer (art 7:611 BW). De rechtbank heeft het verzoek afgewezen, omdat nader onderzoek en bewijslevering was, waarvoor de deelgeschilprocedure niet geschikt is en heeft het verzoek afgewezen. Het hof verklaart benadeelde niet-ontvankelijk is in zijn vorderingen in hoger beroep. Nu de grieven in wezen aanvoeren dat de deelgeschilrechter ten onrechte géén bindende eindbeslissingen heeft genomen, maar zich overigens niet richten tegen in de beschikking als zodanig aan te wijzen bindende eindbeslissingen omtrent de materiële rechtsverhouding, concludeert de rechtbank dat benadeelde niet-ontvankelijk is in zijn vorderingen in hoger beroep.

Lees verder

Jurisprudentie

Rb: causaal verband tussen schoonmaakwerkzaamheden en polsletsel onvoldoende onderbouwd, werkgever niet aansprakelijk

  • Rechtbank Midden-Nederland
  • 20 september 2017
  • ECLI:NL:RBMNE:2017:4692
  • 5496570

Interieurverzorgster heeft polsletsel opgelopen en stelt haar werkgever aansprakelijk ex art 7:658 BW/ art 7:611 BW voor de schade door het niet ter beschikking stellen van afdoende ergonomische schoonmaakmiddelen.1.Het is in het kader van de toepassing van art.7:658 BW aan de werknemer om te bewijzen dat de schade in de uitoefening van het werk is ontstaan. Het beroep dat werkneemster doet op arbeidsrechtelijke omkeringsregel wordt verworpen. Voor een vermoeden dat de gezondheidsschade is veroorzaakt door de omstandigheden waarin de werkzaamheden zijn verricht is geen plaats in het geval het verband tussen de gezondheidsschade en de arbeidsomstandigheden te onzeker of te onbepaald is. 2. De stelplicht en bewijslast omtrent dat causaal verband rusten dus onverminderd op werkneemster. Zij heeft haar stelling dat de schade in de uitoefening van het werk is ontstaan onvoldoende onderbouwd.

Lees verder

Jurisprudentie

Hof: werkgever niet bekend met gevaar van rugklachten door til- en duwwerk, zorgplicht niet geschonden

  • Hof Den Bosch
  • 12 september 2017
  • ECLI:NL:GHSHE:2017:3928
  • 200.111.783_01

Werknemer heeft lage rugklachten opgelopen en stelt zijn werkgever aansprakelijk ex art 7:658 BW. Het hof heeft in eerder arrest overwogen dat algemeen bekend is dat zwaar til- en duwwerk lage rugklachten kunnen veroorzaken. Daarmede is niet gezegd dat sprake is geweest van een blootstelling aan een zodanige mate van duw- en trekkrachten dat dit gevaar voor het ontstaan van lage rugklachten tot gevolg zou hebben en dat dit gevaar voor werkgever kenbaar was. Het hof stelt op basis van het deskundigenbericht vast de werkgever niet wist en niet behoorde te weten dat de blootstelling van werknemer aan de concrete mate van duw- en trekkrachten op het werk het gevaar op het ontstaan van lage rugklachten met zich bracht. Zij heeft haar zorgplicht jegens werknemer niet geschonden.

Lees verder

Jurisprudentie

Rb, arbeidsongeval met betwiste toedracht leent zich niet voor deelgeschil; procedure volstrekt onnodig ingesteld

  • Rechtbank Rotterdam
  • 14 april 2017
  • ECLI:NL:RBROT:2017:7335
  • 5740839 VZ VERZ 17-2808

Stuurman valt overboord van binnenvaartschip en overlijdt. Verzoekster verzoekt verklaring voor recht dat de werkgever aansprakelijk is ex art 7:658 BW. 1. De kantonrechter overweegt dat, gezien de uiteenlopende standpunten van partijen, zonder verder bewijs, niet vast dat de kapitein verzuimd heeft de stuurman te wijzen op zijn verplichting zijn zwemvest aan te trekken. Sterker nog, er staat niet eens vast of [de stuurman het zwemvest al dan niet droeg. Bij deze stand van zaken is naar het oordeel van de kantonrechter bewijslevering dan ook geïndiceerd. De kantonrechter komt tot het oordeel dat het verstrekken van een of meerdere bewijsopdrachten naar verwachting zal leiden tot een zodanig uitvoerige procedure, met alle daarmee gepaard gaande hoeveelheid tijd, kosten en moeite, dat dit zich niet verhoudt met de aard van de onderhavige deelgeschilprocedure. 2. De kosten van de procedure worden niet begroot, nu de procedure volstrekt onnodig of onterecht is ingesteld.

Lees verder

Jurisprudentie

Rb: werkgever niet aansprakelijk voor depressie werknemer

  • Rechtbank Den Haag
  • 31 augustus 2017
  • ECLI:NL:RBDHA:2017:9803
  • 5818040 RL EXPL 17-7132

Werknemer stelt werkgever ex art 7:658 en 6:162 BW aansprakelijk voor depressie als gevolg van slechte werkomstandigheden, onder meer door pesten en hoge werkdruk. Werkgever stelt dat werknemer geen bewijs heeft geleverd van de omstandigheden en dat er sprake was van een recidiverende psychische stoornis. De kantonrechter overweegt dat er causaal verband moet bestaan tussen die werkzaamheden en die psychische schade en dat een werkgever pas maatregelen kan nemen als hij bekend is met de klachten van de werknemer. Werkgever heeft onweersproken naar voren gebracht dat werknemer geen klachten heeft geuit. Onder deze omstandigheden was het onmogelijk voor de werkgever om rekening te houden met een bijzondere kwetsbaarheid van werknemer. Werkgever droeg daarvan simpelweg geen kennis. Dat betekent dat werkgever geen maatregelen heeft kunnen treffen om schade te voorkomen.

Lees verder

Jurisprudentie

Hof: burn-out, werknemer moet bewijzen dat hij voldoende heeft geklaagd over overbelasting

  • Hof Amsterdam
  • 4 april 2017
  • ECLI:NL:GHAMS:2017:1181
  • 200.177.091/01

Werkgeversaansprakelijkheid. Werknemer – Hoofd Economisch-Administratieve Dienst -acht werkgever aansprakelijk voor burn-out als gevolg van ziekmakende omstandigheden, zoals extreem hoge werkdruk en onderbezetting. De rechtbank had zijn vordering afgewezen. 1. Het hof oordeelt dat de arbeidsrechtelijke omkeringsregel niet van toepassing is. 2. Veronderstellenderwijs ervan uitgaande dat de door werknemer ontwikkelde klachten het gevolg zijn van overbelasting in de uitoefening van zijn werkzaamheden en dat die klachten uiteindelijk tot een burn-out hebben geleid, doet zich de vraag voor of werknemer op voldoende klemmende wijze heeft geklaagd over de overbelasting. Gelet op de gemotiveerde betwisting door werkgever is het aan werknemer zijn stelling te bewijzen.

Lees verder

Jurisprudentie

Hof: werkgever aansprakelijk voor visusklachten na smeltspat, deskundigenbericht ter vaststelling hoofdpijnklachten

  • Hof Den Bosch
  • 29 augustus 2017
  • ECLI:NL:GHSHE:2017:3803
  • 200.154.171_01

Werknemer – ovenoperator – krijgt in 2005 smeltspat in oog bij (schoon)werkzaamheden van de oven en loopt een hoornvliesbeschadiging op. Ondanks het herstel van het hoornvlies houdt werknemer visus- en hoofdpijnklachten en raakt hij volledig arbeidsongeschikt.1. Het hof acht de werkgever aansprakelijk voor de visusklachten. De omstandigheid dat de werkgever ter afwering van het gevaar van smeltspatten veiligheidsmaatregelen heeft genomen (het ter beschikking stellen van beschermingsmiddelen) brengt nog niet mee dat de werkgever zich van zijn voormelde verplichtingen heeft gekweten of dat het treffen van andere, meer effectieve, maatregelen (“maanmannetjeskostuum”) niet van hem kon worden gevergd. 2. Het hof acht voorlichting door deskundigen (neuroloog en psychiater) noodzakelijk om zich een oordeel te kunnen vormen over het causaal verband tussen het ongeval en de hoofdpijnklachten.

Lees verder

Jurisprudentie

Rb: werkgever aansprakelijk wegens onvoldoende instructies aan werknemer die geen Nederlands spreekt

  • Rechtbank Limburg
  • 9 augustus 2017
  • ECLI:NL:RBLIM:2017:7743
  • 04 5648784

Ingeleende werknemer loopt tijdens werkzaamheden bij betonbedrijf letsel op, doordat één of meer betonmatten op hem vallen. Hij stelt het betonbedrijf als materiele werkgever aansprakelijk. 1. De kantonrechter oordeelt dat wanneer die toedracht onduidelijk blijkt, dat niet voor rekening en risico van de werknemer komt, maar van de werkgever. 2. De kantonrechter oordeelt dat de werkgever zijn zorgplicht heeft geschonden. Op het betonbedrijf rust namelijk de verplichting om haar werknemers te voorzien van goede instructies. Niet blijkt dat werknemer is gewezen op veiligheidsrisico’s alsmede dat hem is gewezen hoe hij zijn werkzaamheden op een zo veilig mogelijke manier diende te verrichten. Dat werknemer de Nederlandse taal niet machtig is en het inwerken door een Poolse medewerker is gedaan, is een omstandigheid die voor rekening en risico van betonbedrijf dient te komen. Zij kiest er immers voor om een buitenlandse werknemer te werk te stellen, zodat een taalbarrière niet aan die werknemer mag worden tegengeworpen.

Lees verder

Jurisprudentie

Rb: vaststelling schade door CTE na blootstelling aan oplosmiddelen

  • Rechtbank Midden-Nederland
  • 16 augustus 2017
  • ECLI:NL:RBMNE:2017:4180
  • 2568518 UC EXPL 13-19141 LH/1040

Blootstelling aan oplosmiddelen; in eerder tussenvonnis is de werkgever ex art 7:658 BW door de kantonrechter aansprakelijk geacht voor schade door CTE (chronische toxische encephalopathie). 1. Schatting gevolgen CTE. 2. Geen verlies verdienvermogen na vergoedingen in ontslagzaak. 3. Smartengeld: € 20.000,- (ingrijpende cognitieve beperkingen tzv geheugen, oriëntatie en concentratie, pijn, vermoeidheid en psychische klachten; gevorderd : € 75.000,-). 4. Zelfwerkzaamheid naar billijkheid begroot op 60% van het normbedrag van de Letselschade Richtlijn voor duur van 10 jaar. 5. Eigen bijdrage PGB vastgesteld op € 36.720,- ( 10 jaar x € 306,- per maand).

Lees verder

Vaknieuws

De Letselschade Raad werkt aan code beroepsziekte

  • ANP
  • 6 juli 2017

Een nieuwe gedragscode moet de afhandeling van financiële claims vereenvoudigen voor mensen die een beroepsziekte hebben opgelopen. Dat schrijft minister Lodewijk Asscher (Sociale Zaken) donderdag aan de Tweede Kamer. Via De Letselschade Raad worden onder meer het Verbond van Verzekeraars, de ANWB, Slachtofferhulp Nederland en letselschade-experts betrokken bij het opstellen van de code. Veel voorkomende beroepsziekten zijn bijvoorbeeld doofheid, longkanker, nekklachten en ziektes door werken met lood of asbest. Voor de brief van Asscher lees verder

Lees verder

Jurisprudentie

Hof: werkgever niet aansprakelijk voor ongeval tijdens woon-werkverkeer

  • Hof Den Bosch
  • 20 juni 2017
  • ECLI:NL:GHSHE:2017:2802
  • 200.137.578_01

Werknemer in dienst van tankstation is onderweg van zijn werk naar huis op de fiets is aangereden en heeft letsel opgelopen. 1. Het hof oordeelt dat er geen causaal verband is tussen het verstrekken van onjuiste informatie door de werkgever en de weigering van de uitkering door de ongevallenverzekeraar. 2. Het hof acht de werkgever niet aansprakelijk ex art. 7:658 BW en art. 7:611 BW. Werknemer heeft geen bijzondere feiten of omstandigheden aangevoerd op grond waarvan kan worden geoordeeld dat een dermate nauw verband bestaat tussen het ongeval en de uit te voeren werkzaamheden dat de werkgever aansprakelijk kan worden gehouden voor de gevolgen. De omstandigheden dat de werkzaamheden op onregelmatige tijden verricht moesten worden en dat de arbeidsplaats niet met het openbaar vervoer of te voet bereikbaar was zijn daartoe niet voldoende.

Lees verder

Jurisprudentie

Hof: blootstelling aan asbest niet aannemelijk gemaakt, werkgever niet aansprakelijk

  • Hof Amsterdam
  • 6 juni 2017
  • ECLI:NL:GHAMS:2017:2121
  • 200.184.617/01

Werknemer is in 2014 overleden aan mesothelioom. Zijn erfgename stelt de werkgever aansprakelijk. 1. Het hof volgt appellante niet in haar stelling dat zij in het kader van bewijslevering kon volstaan met het aannemelijk maken dat werknemer aan asbest is blootgesteld, in die zin dat hij werkzaam is geweest in gebouwen of schepen waarin asbest was verwerkt. appellante zal in voldoende mate aannemelijk moeten maken, dat hij in aanraking is geweest met asbesthoudende vezels. 2. Het hof oordeelt dat de omkeringsregel niet van toepassing is, aangezien deze niet ziet op de schadeveroorzakende gebeurtenis maar slechts op de bewijslast ten aanzien van de causaliteit. 3. Appellante heeft naar het oordeel van het hof niet bewezen dat werknemer in de uitoefening van zijn werkzaamheden is blootgesteld aan asbest.

Lees verder