Jurisprudentie

Rb: botsing tussen auto die bus voorbij rijdt en uitgestapte passagier: overmacht art 185 WVW

  • Rechtbank Overijssel
  • 27 september 2017
  • ECLI:NL:RBOVE:2017:3839
  • C/08/199037 / HA ZA 17-113

Art 185 WVW. Benadeelde (scholier) stapt uit bus en loopt langs de stilstaande bus om de rijbaan over te steken en bij de bushalte aan de overzijde in een andere stadsbus te stappen. Tijdens het oversteken wordt hij geraakt door de auto van verweerder, die de bus inhaalde. De maximale toegestane snelheid 50 km was per uur is. De rechtbank overweegt dat de automobilist door zijn snelheid aan te passen naar 20 à 25 km per uur goed geanticipeerd op de bestaande verkeerssituatie. De rechtbank is dan ook van oordeel dat de automobilist rechtens geen enkel verwijt kan worden gemaakt ten aanzien van de wijze waarop hij destijds aan het verkeer heeft deelgenomen en honoreert het beroep op overmacht. Vordering afgewezen.

Lees verder

Jurisprudentie

Rb: aanrijding op snelweg uitgestapte bestuurder en auto: 50%regel, geen aan opzet grenzende roekeloosheid

  • Rechtbank Zeeland-West-Brabant
  • 31 mei 2017
  • ECLI:NL:RBZWB:2017:3436
  • C/02/324743 / HA ZA 16-880

Benadeelde heeft –in het donker in de spits- zijn auto vanwege een lekke band op de wisselrijstrook van de snelweg tot stilstand gebracht en is naar de achterkant van zijn auto gelopen om zijn gevarendriehoek te pakken. Hij wordt hierbij aangereden en loopt zwaar letsel op en stelt de bestuurster aansprakelijk ex art 185 WVW. 1. Geen overmacht. Bestuurster is rechtens een verwijt te maken, nu zij meer afstand had kunnen houden. 2. 50%- regel art 185 WVW van toepassing. Geen sprake van aan opzet grenzende roekeloosheid als bedoeld in de 50%-regel; hiervoor is in beginsel bewustheid van het gevaar bij het slachtoffer vereist. 3. Geen hogere vergoeding dan 50%. De door benadeelde gestelde omstandigheden (niet verzekerd zijn van de schade en ernst letsel) nopen niet tot een aanpassing van de vergoedingsplicht. Daarbij acht de rechtbank het mede van belang dat eiser zijn baan als chauffeur heeft kunnen behouden.

Lees verder

Jurisprudentie

Rb, deelgeschil: ongeval overstekende jongen en auto: 85% -15% na billijkheidscorrectie

  • Rechtbank Gelderland
  • 22 december 2014
  • ECLI:NL:RBGEL:2014:8216
  • 264386

Art 185 WVW. Verzoekster (destijds 16-jarige jongen) steekt vanuit de berm plotseling over en wordt aangereden door verweerder. In opdracht van de verzekeraar is onderzoek verricht door verkeersongevallendeskundige. 1. De rechtbank verwerpt het beroep op overmacht. 2. Geen aan opzet grenzende roekeloosheid. 3. De rechtbank oordeelt dat de 50%-regel van toepassing is. Na de causale weging stelt de rechtbank vast dat de fout van verzoeker voor 60% aan de schade heeft bijgedragen, zodat de verzekeraar niet meer dan 50% zou behoeven te vergoeden. 4. Toepassing van de billijkheidscorrectie. Gezien de jonge leeftijd van verzoeker, het feit dat verweerder verzekerd was en de ernst van het letsel oordeelt de rechtbank dat de WAM-verzekeraar 85% van de schade moet vergoeden. 5. Kosten deelgeschil: € 6611,- (x 85%).

Lees verder

Jurisprudentie

Rb: botsing tussen stilstaande auto en racefietser: overmacht art 185 WVW

  • Ongepubl. jurisprudentie, Rechtbank Den Haag
  • 26 januari 2017
  • 5116149 EJ VERZ 16-83110

Wielrenner passeert auto die op smalle weg stil staat om tegemoetkomende auto voorbij te laten, raakt daarbij spiegel en komt ten val en scheurt vingerkootje af. WAM-verzekeraar vraagt verklaring voor recht dat sprake is van overmacht in de zin van art 185 WVW. De kantonrechter oordeelt dat sprake is van overmacht. Van het feit dat de bestuurder zijn auto stil heeft gezet om de hem tegemoet komende auto door te laten, kan hem geen verwijt worden gemaakt. Hij had er op geen enkele wijze rekening mee heeft hoeven houden dat de hem achterop komende fietser zich in gevaar wilde brengen door zich met behoorlijke snelheid met zijn racefiets tussen de beide auto’s door te wringen. Bestuurder heeft er zonder meer vanuit mogen gaan dat de hem achterop komende fietsers achter hem stil zouden houden.

Lees verder

Jurisprudentie

Rb, deelgeschil: ongeval racefietser/auto, beroep op overmacht art. 185 WVW gehonoreerd, gemeente aansprakelijk voor hoog gras, 65% eigen schuld

  • Ongepubl. jurisprudentie, Rechtbank Overijssel
  • 18 april 2016
  • 181481 HARK 16-12

Racefietser steekt na passeren van chicane de weg over en wordt aangereden door van rechts komende auto. Het zicht werd ter plaatse werd belemmerd door hoogstaand gras en onkruid. Hij stelt de automobilist en de gemeente aansprakelijk. 1. Automobilist (art 185 WVW). Uitverklaringen volgt dat de automobilist door de hoge begroeiing de racefietser niet heeft kunnen zien naderen en dat hij ongeveer 30 km per uur reed, terwijl de maximaal toegestane snelheid 50 km per uur bedraagt. Van automobilist kan niet verwacht worden dat hij zijn auto tot stilstand brengt om zich ervan te vergewissen dat er geen racefietsers naderen die door de hoge begroeiing geen zicht hebben op verkeer van rechts waaraan zij voorrang dienen te verlenen. Beroep op overmacht gehonoreerd. 2 Gemeente (art 6:174 BW). 3. Gemeente (art 6:162 BW). De rechtbank acht de gemeente aansprakelijk ex art 6:162 BW. De gemeente is verplicht is tot het onderhouden van de berm en daarmee de begroeiing van de strook grond tussen de twee rijbanen. De gemeente heeft een gevaarlijke situatie gecreëerd die door haar met geringe financiële middelen voorkomen had kunnen worden door vaker te maaien. 4. Eigen schuld racefietser 65%. 5. Kosten deelgeschil: € 4.184,20 (gevorderd: € 9.434,80); aantal uren bovenmatig. Gelet op de factoren ervaring en expertise die in het uurtarief zijn verdisconteerd, matigt de rechtbank het aantal uren.

Lees verder

Jurisprudentie

Rb, deelgeschil: reflexwerking art 185 WVW, plotseling linksaf slaande fietser is geen overmacht

  • ECLI:NL:RBGEL:2015:1230
  • 275228

Botsing tussen inhalende motorfiets en plotseling linksaf slaande fietser. Motorrijder stelt fietser aansprakelijk voor het opgelopen beenletsel. De rechtbank stelt vast dat het geschil dient te worden beoordeeld aan de hand van de reflexwerking van art. 185 WVW (HR 6 februari 1987, NJ 1988, 57 en HR 4 mei 2001, NJ 2002, 214), waarbij de 100%- en 50%- regel niet reflecteert. De rechtbank overweegt dat indien het beroep op overmacht slaagt de ongemotoriseerde (verweerder) de schade van de gemotoriseerde (verzoeker) volledig dient te vergoeden (HR 6 februari 1987, NJ 1988, 57). De rechtbank verwerpt echter het beroep op overmacht. Ook als de motor niet te hard reed, de fietser niet voorgesorteerd was zonder waarschuwing en linksaf sloeg, is geen sprake van overmacht. De wegsituatie ter plaatse was overzichtelijk en de motorrijder had de fietser zien fietsen. De motorrijder had rekening moeten houden met de kans dat de fietser plotseling linksaf zou kunnen slaan. Verzoek afgewezen. Kosten deelgeschil € 9.730,13, uurtarief € 255,00
(geen verweer tegen kosten gevoerd).

Lees verder

Jurisprudentie

Hof: ongeval overstekende fietser en bestelbus; geen overmacht, 75-25 na billijkheidscorrectie

  • Hof Arnhem-Leeuwarden
  • ECLI:NL:GHARL:2015:335
  • 200.103.744-01

17-jarige fietser steekt vanuit een berm de openbare weg dwars over en komt daarbij in aanrijding met een bestelbus. De fietser loopt hierbij zeer ernstig letsel op. De automobilist beroept zich op overmacht en op aan opzet grenzende roekeloosheid aan de zijde van de fietser in de zin van art. 185 WVW. Uit de tijdens de descente gemaakte video-opnames en de bevindingen van de partijdeskundige, is gebleken dat het zicht dat de automobilist op de berm moet hebben gehad, zodanig is geweest dat hij de fietser bij de vereiste oplettendheid moet hebben kunnen zien en dat hij bij een normale oplettendheid een aanrijding met de fietser had kunnen voorkomen. Vast staat echter dat de automobilist de fietser in het geheel niet heeft opgemerkt. Beroep op overmacht faalt. De fietser heeft voorts naar het oordeel van het hof weliswaar onmiskenbaar onvoorzichtig gehandeld, maar dit onachtzame rijgedrag is onvoldoende om aan opzet grenzende roekeloosheid aan te nemen. De automobilist dient daarom in ieder geval 50% van de schade te vergoeden. Gelet op de omvangrijke schade en de jeugdige leeftijd van de fietser, komt het hof tot het oordeel dat de billijkheid meebrengt dat de (verzekeraar van de) automobilist de schade van de fietser voor 75% dient te dragen. Het hof heeft daarbij meegewogen dat de automobilist verzekerd is tegen schade als de onderhavige.

Lees verder

Jurisprudentie

Rb: art. 185 WVW, ongeval tijdens carnaval, overmacht?

  • Rechtbank Gelderland
  • ECLI:NL:RBGEL:2014:1567
  • 247539

Ongeval ’s nachts tijdens carnaval, waarbij benadeelde op de motorkap van de auto van gedaagde terecht is gekomen. Partijen verschillen van mening over de toedracht. De rechtbank stelt vast dat is voldaan aan het begrip ‘botsing, aan- of overrijding met een motorrijtuig’ zoals bedoeld in art. 31 lid 1 WVW (= art. 185 WVW). De rechtbank overweegt dat, indien gedaagde aannemelijk maakt benadeelde uit eigen beweging op de motorkap is gesprongen, met een bierfles op de voorruit is gaan slaan, waardoor gedaagde zo is geschrokken dat hij gas heeft gegeven, het beroep op overmacht kunnen slagen. De rechtbank draagt gedaagde op feiten en omstandigheden te bewijzen die het oordeel rechtvaardigen dat sprake is van overmacht, opzet c.q. bewuste roekeloosheid en eigen schuld.

Lees verder

Jurisprudentie

Rb: ongeval inparkerende auto en tussen andere auto’s door rijdende fietser: 50 %-regel

  • Rechtbank Rotterdam
  • ECLI:NL:RBROT:2014:1919
  • C-10-430844 - HA ZA 13-814

Aanrijding tussen inparkerende auto en tussen andere auto’s door rijdende fietser. 1. Geen overmacht. 2. De rechtbank komt tot het oordeel dat de 50%-regel van toepassing is. De rechtbank leidt uit verklaringen af dat de auto de doorgang van de fietsstrook zodanig blokkeerde dat er onvoldoende ruimte voor een fietser overbleef. In die omstandigheid mocht van benadeelde worden verwacht dat zij zou wachten met doorfietsen over de fietsstrook totdat de fietsstrook weer vrij was, dan wel dat zij de auto aan de linkerzijde via de rijbaan zou passeren. De WAM-verzekeraar dient 50% van de schade te vergoeden. 3. De rechtbank benoemt een deskundige om de ongevalsgevolgen vast te stellen.

Lees verder

Jurisprudentie

Rb: geen beroepsfout advocaat door 50% te adviseren in 185 WVW-zaak

  • Rechtbank Oost-Brabant
  • ECLI:NL:RBOBR:2014:1111
  • C/01/264921 / HA ZA 13-464

Benadeelde heeft zeer zwaar letsel opgelopen, als hij als voetganger ’s nachts na cafébezoek wordt aangereden op donkere provinciale weg. Benadeelde stelt dat advocaat beroepsfout heeft gemaakt door hem te adviseren om akkoord te gaan met vergoeding van 50% van zijn schade. De rechtbank oordeelt dat de advocaat geen beroepsfout heeft gemaakt. Weliswaar moet worden aangenomen dat de bestuurder van de personenauto (vanwege alcoholgebruik) geen beroep toekomt op overmacht in de zin van art 185 WVW , maar verdedigbaar is dat sprake is geweest van aan opzet grenzende roekeloosheid van benadeelde, in welk geval de zogenaamde 50%-regel niet van toepassing is en de schuldverdeling moet worden beoordeeld aan de hand van de gewone regels van artikel 6:101 BW. De aansprakelijkheid had dan lager dan 50% kunnen uitkomen.

Lees verder

Jurisprudentie

Rb: geen winterbanden, geen beroep op overmacht ex art 185 WVW

  • Rechtbank Midden-Nederland
  • ECLI:NL:RBMNE:2014:783
  • C-16-340029 - HA ZA 13-184

Aanrijding trein en taxi. Prorail stelt het taxibedrijf aansprakelijk ex art 185 WVW voor schade aan wegmeubilair. 1. De rechtbank oordeelt dat art 185 WVW ook van toepassing is bij schade aan zaken die niet toebehoren aan een bij het verkeersongeval betrokken partij. 2. Beroep op overmacht afgewezen; de aanrijding is mede veroorzaakt door gladheid en het taxibedrijf als professionele vervoerder heeft nagelaten om de taxibus te voorzien van winterbanden. 3. Geen eigen schuld Prorail, omdat het betreffende deel van het wegdek niet behoorde tot de onderhoudsplicht van Prorail, maar tot die van de gemeente.

Lees verder

Jurisprudentie

Rb, deelgeschil: aanrijding fietser en rechts afslaande vrachtauto: overmacht

  • Rechtbank Gelderland
  • ECLI:NL:RBGEL:2014:1217
  • 250552

Art 185 WVW. Ongeval rechts afslaande vrachtwagen en fietser die in dezelfde richting reed. Op basis van getuigenverklaringen en onderzoek tachograafschijf acht de rechtbank bewezen is dat de vrachtwagenchauffeur voor een rood stoplicht is gestopt, dat er zich op dat moment geen fietsers op het fietspad bevonden, dat hij bij groen licht is opgetrokken en dat de fietser tegen de rechterzijkant van de aanhangwagen is aangereden. De rechtbank is van oordeel dat de chauffeur rechtens geen verwijt kan worden gemaakt en dat de fout van de fietser (al dan niet bij rood licht het kruispunt oprijden terwijl er pal voor haar een zwaarbeladen rijdende vrachtwagen reed), zo onwaarschijnlijk was dat hij, daarmee naar redelijkheid geen rekening behoefde te houden. Kosten deelgeschil: € 7.383,26 (gevorderd: € 11.308,87), maar afgewezen; uurtarief € 255,-.

Lees verder

Jurisprudentie

Hof: grove roekeloosheid en noodweer bij art. 185 WVW

  • Hof Den Bosch
  • ECLI:NL:GHSHE:2013:5320

De huidige partner van de vrouw reed tegen haar ex die met een soort schep op hem afkwam en met kracht tegen de voorruit sloeg. Het hof aanvaardde het beroep van de partner op noodweer als overmacht niet. De vrouw had de partner gevraagd weg te blijven, toch had deze van huis een buigijzer meegenomen, dat hij meenam toen hij zich even in een gesprek tussen de vrouw en de ex mengde. Toen de ex later op de partner in de auto op het lege parkeerterrein afkwam kon de partner de confrontatie vermijden door om de ex heen weg te rijden. Hij reed echter op de ex in en stopte pas enige tientallen meters verder toen de ex onder de auto lag. Het beroep op noodweer voldoet niet aan de eisen van proportionaliteit en subsidiariteit. Een beroep op de 50% regel van art. 185 WVW gaat niet op omdat sprake is van aan opzet grenzende roekeloosheid van de ex door bij hooglopende ruzie met een ijzeren staaf op de auto af te lopen. Het ontstaan van het ongeval is voor 60% aan de partner toe te rekenen. De billijkheidscorrectie brengt met zich mee dat de partner 75% van de schade dient te vergoeden.

Lees verder

Jurisprudentie

Hof: ongeval auto en voetganger,die oversteekt tussen auto’s door: overmacht art 185 WVW

  • Hof Den Haag
  • 19 februari 2013
  • Ongepubliceerd
  • 200.083.847/01

Benadeelde steekt in winkelstraat over tussen rij auto’s en wordt aangereden door auto die 20km/uur rijdt. Het hof oordeelt dat sprake is van overmacht in de zin van art 185 WVW. Het hof overweegt hierbij dat een automobilist rekening te houden met mogelijke fouten van andere weggebruikers en onverhoeds overstekende voetgangers. In het onderhavige geval is echter sprake van een zodanige cumulatie van verkeersfouten en ongelukkige toevallige omstandigheden (volwassen voetganger die tientallen meters van een voetgangersoversteekplaats overstak, tussen langzaam rijdende auto en die niet uitkeek naar links, maar naar rechts in de veronderstelling dat zij al bij de andere weghelft was gekomen) dat veroorzaker daarmee in redelijkheid geen rekening behoefde te houden.

Lees verder