Jurisprudentie

Rb: ziekenhuizen niet aansprakelijk voor hersteloperaties PIP-implantaten

  • Rechtbank Amsterdam
  • 20 januari 2016
  • ECLI:NL:RBAMS:2016:212
  • C/13/579399 / HA ZA 15-53

Zorgaanbieders die gebruik hebben gemaakt van PIP-implantaten zijn niet aansprakelijk voor de schade die patiënten hebben geleden. Dit heeft de rechtbank beslist in een zaak die 21 zorgverzekeraars hadden aangespannen tegen 27 ziekenhuizen. 1. De rechtbank oordeelt dat de implantaten moeten worden gekwalificeerd als ‘hulpzaken’ in de zin van art 6:77 BW. Dat de implantaten ongeschikt waren in de zin van artikel 6:77 BW staat vast. PIP heeft fraude gepleegd met de vulling van de implantaten door gebruik te maken van industriële siliconen die niet zijn bestemd voor gebruik in het menselijk lichaam. De hoofdregel is dat de door het gebruik van een ongeschikte ‘hulpzaak’ ontstane tekortkoming wordt toegerekend aan de schuldenaar (i.c. de zorgaanbieder). 2. De tekortkoming behoort echter niet aan de schuldenaar te worden toegerekend indien dit onredelijk zou zijn. Op degene die zich op de uitzondering wil beroepen (“tenzij’), rust daarvan de stelplicht en de bewijslast. In het onderhavige geval komt het aan op de vraag of op de hulpverlener de (resultaats)verplichting rustte een niet-gebrekkig implantaat in te brengen. Die vraag wordt ontkennend beantwoord. De hulpverleners hadden een inspanningsverbintenis. De PIP-implantaten waren voorzien van een CE-keurmerk. Van een hulpverlener kan niet worden verwacht dat hij zelf onderzoek doet naar de samenstelling en de veiligheid van een hulpmiddel zoals een borstimplantaat. De rechtbank komt het oordeel dat het niet redelijk is de tekortkoming toe te rekenen aan de zorgaanbieders.

Lees verder

Jurisprudentie

Rb: geen aansprakelijkheid school en eigenaar na val van klimtoren

  • Rechtbank Den Bosch
  • BZ6844
  • 246444 / HA ZA 12-407

Benadeelde valt tijdens verplichte sportdag op school (ROC) van opblaasbare klimtoren en loopt knieletsel op. Zij stelt de eigenaar van de klimtoren en de school aansprakelijk. De rechtbank overweegt dat het feit dat een activiteit op hoogte plaatsvindt, niet hoeft niet te betekenen dat deze gevaarlijk is. Dat hangt af van de vraag of het juiste materiaal wordt gebruikt en of er voldoende veiligheidsmaatregelen zijn genomen. Gedaagden hebben gemotiveerd uiteen gezet dat de klimtoren met valbeveiliging juist geschikt is voor onervaren mensen, dat extra beveiligingsmateriaal niet nodig is en dat er nooit ongelukken mee gebeuren. De rechtbank concludeert dat van een gebrekkige zaak in de zin van art. 6:173 BW geen sprake is. Evenmin is sprake van gevaarzettend handelen.

Lees verder