Jurisprudentie

Hof: fietser valt over zwerfkat, geïntimeerden geen bezitter van de kat

  • Hof Den Haag
  • 28 november 2017
  • ECLI:NL:GHDHA:2017:3304
  • 200.204.213/01

Zwerfkatje steekt de weg over waardoor een fietser (appellant) ten val komt en bekken breekt. Hij spreekt geïntimeerden aan ex art 6:179 BW. Het hof oordeelt dat geïntimeerden niet kunnen worden aangemerkt als de bezitter van de kat. Door appellant is onvoldoende gesteld om aan te nemen dat geïntimeerden de kat op enig moment in bezit hebben genomen. Er kan hooguit uit worden afgeleid dat geïntimeerden en dan met name hun jongste dochter (van 12 of 13 jaar oud) een zekere band hebben opgebouwd met de kat, die in de buurt was geboren en ook steeds in de buurt heeft geleefd. Dat wijst er echter niet op dat geïntimeerden de kat voor zichzelf zijn gaan houden.

Lees verder

Vaknieuws

Het beste paard struikelt wel eens. Over schade, veroorzaakt door paarden

  • PIV-bulletin
  • 1 oktober 2017
  • Miroslav van de Braak, Letselschadebehandelaar bij Nh1816 Verzekeringen en Nicolien Verhoeks, advocaat aansprakelijkheids- en verzekeringsrecht bij Marree & Dijxhoorn Advocaten.

“Het beste paard struikelt wel eens” of “Wie de teugel slap laat hangen, kan met een mak paard nog op hol raken”. Er zijn tal van spreekwoorden die zien op het gedrag van een paard. En dat is niets voor niets. Paarden kunnen soms gedrag vertonen dat niet wenselijk is. Het zijn immers dieren. Dit kan leiden tot ernstig letsel bij de ruiter of een omstander. Dit ongewenste gedrag kan zich in allerlei situaties voordoen, zoals tijdens het bestijgen van een paard, terwijl het paard naar een weiland wordt gebracht of tijdens het berijden van een paard. Jaarlijks belanden 9900 ruiters en amazones op de spoedeisende hulp na een val van een paard. Hiervan lopen 70 personen zelfs ernstig hersenletsel op.[1] Met zoveel schadegevallen lijkt het ons goed om art. 6:179 BW te belichten. De benadeelde ruiter heeft immers met art. 6:179 BW een sterke grondslag om zijn schade af te wentelen op de bezitter van het betreffende paard. In dit artikel zal de grondslag van art. 6:179 BW worden besproken en zal worden beschreven wanneer er sprake is van “eigen energie” van het paard. Daarna wordt aan de hand van de jurisprudentie de vraag beantwoord of de schadevergoedingsverplichting geheel of gedeeltelijk kan komen te vervallen door de toepasselijkheid van eigen schuld zoals opgenomen art. 6:101 BW en toepassing van de billijkheidscorrectie. Enkele concluderende opmerkingen naar aanleiding daarvan sluiten deze uiteenzetting af.

Lees verder

Jurisprudentie

Rb: eigenaar hond aansprakelijk voor zwaar letsel door hondenbeet

  • Rechtbank Rotterdam
  • 27 september 2017
  • ECLI:NL:RBROT:2017:7453
  • C/10/521778 / HA ZA 17-214

Eiseres is in haar arm gebeten door de hond van gedaagde. Pas nadat gedaagde de hond met een mes verwondt laat de hond de arm van eiseres los. Zij loopt ernstig letsel op en raakt volledig arbeidsongeschikt. De rechtbank acht gedaagde aansprakelijk ex art 6:179 BW. Het verweer van gedaagde dat sprake is van eigen schuld van eiseres, omdat zij met een brillenkoker een stap zette richting de hond in de woning zette wordt verworpen.

Lees verder

Jurisprudentie

Rb, deelgeschil: bezitter aansprakelijk voor letsel door onstuimige hond, geen eigen schuld

  • Rechtbank Gelderland
  • 11 oktober 2016
  • ECLI:NL:RBGEL:2016:7165
  • C/05/300449 / HA RK 16-80

Verzoekster wordt omver gelopen door de hond van gedaagde, die met zijn aan het spelen was en loopt letsel op. 1. De rechtbank acht verweer aansprakelijk ex art 6:179 BW. De rechtbank verwerpt het beroep op risicoaanvaarding. 2. De rechtbank oordeelt dat evenmin sprake is van eigen schuld. Gesteld noch gebleken is dat eiseres bekend was met het wilde gedrag van de hond. Gesteld is slechts dat gedaagde in algemene zin aan eiseres heeft aangegeven dat hond druk was, niet dat hij, eenmaal losgelaten, in volle vaart tegen personen kon aanrennen. Het loslaten van de hond en het niet uitwijken levert geen eigen schuld op. 3. Kosten deelgeschil afgewezen. Vast staat dat verzoekster is verzekerd tegen de kosten van rechtsbijstand en dat deze kosten ook daadwerkelijk worden gedragen door haar rechtsbijstandsverzekeraar. Niet valt dan in te zien waarom deze kosten voor verzoekster een schadepost vormen.

Lees verder

Jurisprudentie

Rb: letsel bij gevecht honden, art. 6:99 BW van toepassing nu niet vast staat welke hond heeft gebeten

  • Rechtbank Amsterdam
  • 19 juli 2017
  • ECLI:NL:RBAMS:2017:5141
  • C/13/612993 / HA ZA 16-772

Joey, de niet aangelijnde labrador van de vriend van eiseres, wordt aangevallen door de aangelijnde hond van gedaagde, Jip. Eiseres probeert Joey te bevrijden, waarbij haar vingerkootje wordt afgebeten. Zij stelt de bezitter van Jip aansprakelijk. 1. De rechtbank oordeelt dat, gelet op de betwisting door gedaagde, niet vast staat dat Jip de hond is geweest die het vingerkootje van eiseres heeft afgebeten. Nu niet is komen vast te staan welke hond het vingerkootje heeft afgebeten (‘alternatieve causaliteit’), doet zich de situatie voor dat de schade van eiseres het gevolg kan zijn van twee gebeurtenissen (het bijten door Jip en het bijten door Joey), voor elk waarvan een andere persoon, gedaagde ofwel de vriend van eiseres, aansprakelijk is terwijl niet vaststaat door welke gebeurtenis zij is veroorzaakt. Dit betekent dat artikel 6:99 BW op deze situatie van toepassing is en dat op gedaagde hoofdelijk aansprakelijk is. 2. De rechtbank oordeelt dat sprake is van 20% eigen schuld vanwege het los laten lopen van Joey in een aanlijngebied.

Lees verder

Jurisprudentie

Rb, strafzaak: bezitter hond heeft schuld aan bijten van jong meisje

  • Rechtbank Amsterdam
  • 12 juli 2017
  • ECLI:NL:RBAMS:2017:4885
  • 13/706327-17

De buurvrouw wist dat de hond niet gesocialiseerd was en opgepast moest worden met kinderen. Toch heeft zij hem onaangelijnd en zonder muilkorf in de niet openbare tuin die niet volledig afgesloten was laten lopen. Het is aan haar schuld te wijten dat de hond het kind beet. Strafoplegging 180 uur onbetaalde arbeid waarvan 60 uur voorwaardelijk. De rechter wijst € 7000 immateriële schade toe. De vordering voor toekomstige schade is niet ontvankelijk nu de verschuldigdheid en de omvang van deze kosten omgeven zijn met teveel onzekerheden en er bovendien nog geen sprake is van een medische en psychische eindtoestand bij de benadeelde partij.

Lees verder

Jurisprudentie

Rb: bezitter hond aansprakelijk

  • Rechtbank Rotterdam
  • 10 juli 2017
  • ECLI:NL:RBROT:2015:10173
  • 3776018 CV EXPL 15-2491

Gedaagde is zonder bericht van verhindering niet meer ter zitting verschenen. Dit brengt met zich dat er in rechte van wordt uitgegaan dat de hond niet was aangelijnd en plotseling op het fietspad vlak vóór de fiets van eiser tot stilstand is gekomen, waardoor hij met de hond in botsing is gekomen en is gevallen. Dit leidt tot het oordeel dat het onderhavige ongeval is veroorzaakt door de eigen gedraging van de hond en dat gedaagde als bezitter van de hond aansprakelijk is voor de door de hond aangerichte schade als bedoeld in artikel 6: 179 BW.

Lees verder

Jurisprudentie

Hof: bezitter loslopende hond aansprakelijk voor letsel fietser, smartengeld € 1000,-

  • Hof Den Haag
  • 25 april 2017
  • ECLI:NL:GHDHA:2017:978
  • 200.179.055

Fietser (geïntimeerde) is in botsing gekomen met loslopende hond van appellant en loopt letsel op. 1. Nu appellant heeft afgezien van het leveren van tegenbewijs, moet het ervoor worden gehouden dat het ongeval is veroorzaakt doordat de hond van appellant ten tijde van het ongeval losliep op het fietspad. 2. Geen eigen schuld appellant. 3. Diverse schadeposten. 4. Smartengeld: € 1000,- – (letsel: sleutelbeenfractuur, scheurtje in schedelbot en een fractuur van jukboog).

Lees verder

Jurisprudentie

Rb, deelgeschil: manege voor 75% aansprakelijk voor letsel door val van paard

  • Rechtbank Gelderland
  • 13 oktober 2016
  • ECLI:NL:RBGEL:2016:5470
  • 301795 / HA RK 16-62

Verzoekster, destijds 14 jaar, valt tijdens paardrijles van paard, als het paard weigert over een hindernis te springen. De manege is aansprakelijk voor het opgelopen letsel ex art 6:179 jo 6:181 BW. 1. De rechtbank overweegt dat het enkele feit dat verzoekster vrijwillig krachtens een overeenkomst met toestemming van de eigenaar het paard heeft bereden, niet met zich brengt dat de uit artikel 6:179 BW voortvloeiende aansprakelijkheid geheel vervalt. 2. Eigen schuld. De rechtbank komt gezien de omstandigheden tot een causale weging 2/3-1/3. Na toepassing van de billijkheidscorrectie stelt de rechtbank de vergoedingsplicht van de manage op 75%. Relevante factoren zijn o.a. dat verzoekster geen ongevallenverzekering had en de manage wel een WA-verzekering en de ernst van het letsel (6% b.i.). 3. Kosten deelgeschil: € 4332,52.

Lees verder

Jurisprudentie

Rb: manege aansprakelijk voor van geschrokken paard, verdeling schade 50%-50%

  • Rechtbank Zeeland-West-Brabant
  • 13 juli 2016
  • ECLI:NL:RBZWB:2016:4351
  • C/02/298905 / HA ZA 15-309

Eiseres valt van paard dat schrikt van startende tractor. Het paard werd door de manege gebruikt in de uitoefening van haar manegebedrijf. 1. De rechtbank acht voldoende aannemelijk dat de val van eiseres werd veroorzaakt door een hoofdbeweging van het paard, waardoor eiseres, al dan niet direct, uit balans raakte. De rechtbank acht de manege aansprakelijk ex art 6:179 jo 181 lid 1 BW. 2. Eigen schuld (art 6:101 BW) . Het enkele feit dat de benadeelde het paard uit vrije wil berijdt krachtens een paardrijlesovereenkomst is niet voldoende om de conclusie te rechtvaardigen dat risicoaansprakelijkheid van de manegehouder geheel vervalt. Alles afwegende komt de rechtbank uit op een verdeling van de schade van 50% aan de zijde van de manege en 50% aan de zijde van eiseres.

Lees verder

Jurisprudentie

Rb: wolven vallen bezoekers aan, letselschade valt niet onder dekking AVB

  • Rechtbank Noord-Nederland
  • 12 december 2016
  • ECLI:NL:RBNNE:2016:5555
  • C/19/115459 / HA RK 16-26

Moeder en kinderen van 5 en 8 lopen letsel op als zij worden aangevallen door wolven in kooi in familiepark/kinderboerderij Oikos. 1. De rechtbank acht het park als bezitter van de wolven (risico-)aansprakelijk voor eventuele schade die de wolven hebben toegebracht. 2. De rechtbank oordeelt dat de aansprakelijkheidsverzekeraar geen dekking behoeft te verlenen. De rechtbank stelt voorop dat het een verzekeraar vrijstaat om in de polisvoorwaarden de grenzen te omschrijven waarbinnen hij bereid is dekking te verlenen. Nergens is vermeld dat tot de verzekerde activiteiten tevens behoort het toelaten van bezoekers, waaronder kleine kinderen, tot een afgesloten gedeelte waar wolven leven. De rechtbank concludeert dat noch de bewoordingen van de polis, noch de wederzijds kenbare bedoeling van partijen een aanknopingspunt biedt voor de stelling dat het incident onder de dekking van de verzekering valt. 3. Kosten deelgeschil: € 6.003-.

Lees verder

Jurisprudentie

Rb: de benadeelde is gehouden medische informatie aan de medisch adviseur te geven

  • Rechtbank Gelderland
  • 2 november 2016
  • ECLI:NL:RBGEL:2016:6279
  • 284614

Voor de vaststelling van de omvang van de schade en het verband met de trap van het paard zijn de in het kader van een ongevallenverzekering opgestelde rapporten niet toereikend. De rapporten geven geen inzicht in de gezondheidssituatie voor het ongeval. Een deskundige moet worden benoemd.
De te benoemen deskundige bepaalt welke gegevens door partijen moeten worden verschaft. De benadeelde is in beginsel niet verplicht de aan de deskundige verschafte medische gegevens tegelijkertijd aan de wederpartij te verschaffen, wel aan de medisch adviseur van een verzekeraar. Weigert deze dit te doen, zonder daartoe gewichtige redenen als bedoeld in art. 22 Rv te hebben welke door de rechter gegrond zijn geoordeeld, dan zal de rechter uit die weigering de gevolgtrekking kunnen maken die hij geraden acht (vgl. Hoge Raad 22 februari 2008, ECLI:NL:HR:2008:BB3676).

Lees verder

Jurisprudentie

Rb, deelgeschil: val van paard niet veroorzaakt door eigen energie dier, maar door ruitersfout

  • Rechtbank Noord-Nederland
  • 19 oktober 2016
  • ECLI:NL:RBNNE:2016:4641
  • C/17/149241 / HA RK 16-44

Ongeval 2012, destijds 18-jarig meisje valt van pony tijdens paardrijles, als de pony weigert een hindernis te nemen. Zij stelt verweerders aansprakelijk ex art 6:179 BW.
1. Naar het oordeel van de rechtbank is sprake van een ruitersfout en is geen sprake van een onberekenbaar element dat in de eigen energie van het dier ligt opgesloten. Dat de pony voordat hij de hindernis nam langzamer ging lopen, onvoldoende sturing kreeg en vervolgens, vrij abrupt, tot stilstand kwam, is naar het oordeel van de rechtbank niet te beschouwen als een onberekenbaar gevolg van de eigen energie, maar als een te verwachten gedraging, veroorzaakt door de berijder. Geen aansprakelijkheid ex art 6:179 BW.
2. Kosten deelgeschil: € 8.037,05 (ruim 24 uur, uurtarief € 250,- ex 21% btw en 6% kantoorkosten).

Lees verder

Jurisprudentie

Hof: hond bijt kat dood, bezitter kat niet aansprakelijk voor kosten dierenarts hond

  • Hof Amsterdam
  • 2 augustus 2016
  • ECLI:NL:GHAMS:2016:3194
  • 200.181.421/01

Hond bijt kat dood. De bezitter van de hond is aansprakelijk ex art. 6:179 BW voor de schade aan de kat (dagwaarde kat € 150,-). De bezitter van de hond heeft op zijn beurt de eigenaar van de kat aansprakelijk gesteld voor de kosten van de dierenarts van de hond (€ 3.993,96). Het hof acht, evenals de kantonrechter, de bezitter van de kat niet aansprakelijk voor de kosten van de dierenarts, omdat er onvoldoende gesteld is dat de kat de hond heeft gekrabd of gebeten.

Lees verder

Jurisprudentie

Rb: geen eigen schuld wegens vastpakken loslopende hond in aanlijngebied

  • Rechtbank Amsterdam
  • 14 juli 2016
  • ECLI:NL:RBAMS:2016:4523
  • EA VERZ 16-542

Art 6:179 BW. Tijdens uitlaten van haar hond in een aanlijngebied wordt verzoekster geconfronteerd met een loslopende hond die haar hond probeert te benaderen. Om dit te voorkomen pakt verzoekster de halsband van de voor haar onbekende hond vast. Zij komt daarbij ten val en breekt haar heup heeft. De aansprakelijkheidsverzekeraar van de eigenaar van de loslopende hond erkent aansprakelijkheid maar heeft 50% eigen schuld aan verzoekster toegerekend. De kantonrechter overweegt dat het ongeluk is gebeurd in een aanlijngebied. Het ongeval is niet (mede) te wijten aan het gedrag van hond van verzoekster, maar enkel aan de omstandigheid dat de hond van verweerster niet was aangelijnd. De omstandigheid dat verzoekster de hond van verweerster bij zijn halsband heeft vastgepakt is een logische en geen roekeloze reactie en dus geen gedraging die aan haar kan worden toegerekend zoals bedoeld in art. 6:101 BW.

Lees verder