Jurisprudentie

Rb: persoonlijk onderzoek niet onrechtmatig, benadeelde moet schadevergoeding terugbetalen

  • Rechtbank Limburg
  • 30 november 2016
  • ECLI:NL:RBLIM:2016:10506
  • C/03/214423 / HA ZA 15-715

Gedragscode Persoonlijk Onderzoek (GPO). Terugvordering door aansprakelijkheidsverzekeraar van uitgekeerde schadevergoeding. Rechtbank oordeelt dat besluit van verzekeraar tot het instellen van een persoonlijk onderzoek niet onrechtmatig was, noch dat de wijze waarop het onderzoek is uitgevoerd onrechtmatig was. Uit de in dat kader geobserveerde gedragingen blijkt volgens de rechtbank dat de door het slachtoffer tegenover behandelende en expertiserende medici aangegeven klachten en beperkingen niet consistent zijn met de geobserveerde gedragingen van het slachtoffer. Voorts blijkt naar het oordeel van de rechtbank uit de resultaten van een tweetal neuropsychologische onderzoeken, dat het slachtoffer bewust heeft ondergepresteerd, nu de resultaten van die onderzoeken slechter zijn dan wanneer de tests volstrekt willekeurig zouden zijn ingevuld en voorts slechter zijn dan die wanneer deze door dementen zouden zijn ingevuld. Ten slotte blijkt ook uit de gegevens van een tankpas (aan het slachtoffer verstrekt door diens voormalig werkgever), alsmede uit gegevens van het aantal kilometers dat met de auto van het slachtoffer is gereden sedert zijn auto-ongeval, dat het slachtoffer veel auto heeft gereden sedert zijn ongeval, terwijl hij claimt als gevolg van zijn ongeval nauwelijks meer te kunnen autorijden. Benadeelde moet € 248.676,16 (+ rente) terugbetalen.

Lees verder

Vaknieuws

Nieuwe Toelichting Aanbeveling 18 Gedragscode GOMA

  • Letselschade Raad
  • 5 december 2016
goma-logo

Sinds de inwerkingtreding in 2010 van de GOMA, de Gedragscode Openheid medische incidenten; betere afwikkeling Medische Aansprakelijkheid, bereikten De Letselschade Raad regelmatig signalen over verschil van inzicht tussen medische aansprakelijkheidsverzekeraars en belangenbehartigers over de interpretatie van Aanbeveling 18 GOMA (over de aansprakelijkstelling). Naar aanleiding daarvan heeft DLR de Permanente Commissie GOMA de opdracht gegeven de Toelichting op de Aanbeveling te verfijnen. Aanbeveling 18 zelf is ongewijzigd; de bijbehorende Toelichting is aangepast en aangevuld met good practices.

Lees verder

Jurisprudentie

Rb: “dubbel declareren” is in strijd met de goede zeden

  • Rechtbank Noord-Holland
  • 2 november 2016
  • ECLI:NL:RBNHO:2016:9078
  • 4978539/CV EXPL 16-3023

Belangenbehartiger vordert van zijn cliënt betaling van “succes-fee” van 25%. Door de WA-verzekeraar zijn de redelijke kosten reeds rechtstreeks vergoed. De kantonrechter oordeelt dat “dubbel declareren” in een situatie waarbij de aansprakelijkheid reeds door de verzekeraar reeds is erkend, onzedelijk is. Voor dit oordeel wijst de kantonrechter naar objectieve aanknopingspunten bestaande uit de inhoud van de GBL, het persbericht van het Verbond van Verzekeraars en het PIV en het antwoord van de Minister van Financiën op Kamervragen. De Letselschade Raad noemt het dubbel declareren onetisch en onaanvaardbaar. Het Verbond en het PIV spreken zelfs over oplichting; deze mening werd gedeeld door de Minister van Financiën. Daarnaast wijst de kantonrechter op de maatschappelijke discussie over de “graaicultuur” waarbij veel mensen zich verzetten tegen bovenmatige beloningen. De kantonrechter acht het artikel in de overeenkomst tussen belangenbehartiger en cliënt waarvan de belangenbehartiger nakoming vordert, in strijd is met de goede zeden en derhalve nietig.

Lees verder

Vaknieuws

Meer oog voor mensen met letselschade dankzij gedragscode

  • Letselschade Raad
  • 24 november 2016

Van stroomschema’s afwerken naar meedenken met slachtoffers over hun toekomst. Die beweging hebben verzekeraars in de voorbije jaren gemaakt bij het behandelen van letselschade-gevallen. Alle betrokkenen stonden afgelopen week tijdens De Letselschade Raadsdag stil bij het tienjarig bestaan van de Gedragscode Behandeling Letselschade. De conclusie was eensluidend: “Dit werkt echt!”

Lees verder

Jurisprudentie

Rb: toewijzing verklaring voor recht dat verzekeraar voldoende betaalde

  • Rechtbank Overijssel
  • 29 juni 2016
  • ECLI:NL:RBOVE:2016:4677
  • C/08/169802 / HA ZA 15-187

Er is sprake van ongevalsgerelateerde klachten. Niet is komen vast te staan dat deze tot de door benadeelde gestelde beperkingen hebben geleid. Benadeelde is niet in staat gebleken zijn stellingen omtrent de beperkingen voldoende te concretiseren en te onderbouwen. Bewijslevering op dit punt, bijvoorbeeld aan de hand van een deskundigenonderzoek, is daarom niet aan de orde. De vordering van verzekeraar in conventie om voor recht te verklaren dat het ongeval niet heeft geleid tot meer schade dan reeds door middel van betaling van voorschotten is vergoed, wordt toegewezen.

Lees verder

Jurisprudentie

Rb: geen gebrek aan ladder van sluis, geen verplichting tot maatregelen

  • Rechtbank Overijssel
  • 13 juli 2016
  • ECLI:NL:RBOVE:2016:4630
  • C/08/174012 / HA ZA 15-366

De duim van de benadeelde scheurde gedeeltelijk af doordat een ladder in een sluis verschoof. De loodzware ladder kon niet handmatig en zonder extra externe kracht verschoven worden. Volgens sluiswachters schoof de ladder vermoedelijk doordat met de boot van benadeelde gas werd gegeven en in de tegenovergestelde richting is gevaren dan de bedoeling was. Mogelijk is door de trekkracht van een andere boot de ladder verschoven. In ieder geval moet het ervoor worden gehouden dat de ladder is verschoven door de uitoefening van extra externe kracht. Bij gebreke aan een onderzoek naar de ladder neemt de rechtbank aan dat deze geen gebrek kende. Gesteld noch gebleken is dat de bezitter van de ladder op de hoogte was of had moeten zijn van de mogelijkheid van verschuiven. Geen andere ongevallen over 60 jaar zijn bekend. De bezitter was niet gehouden was tot het nemen van veiligheidsmaatregelen.

Lees verder

Jurisprudentie

Rb: de benadeelde is gehouden medische informatie aan de medisch adviseur te geven

  • Rechtbank Gelderland
  • 2 november 2016
  • ECLI:NL:RBGEL:2016:6279
  • 284614

Voor de vaststelling van de omvang van de schade en het verband met de trap van het paard zijn de in het kader van een ongevallenverzekering opgestelde rapporten niet toereikend. De rapporten geven geen inzicht in de gezondheidssituatie voor het ongeval. Een deskundige moet worden benoemd.
De te benoemen deskundige bepaalt welke gegevens door partijen moeten worden verschaft. De benadeelde is in beginsel niet verplicht de aan de deskundige verschafte medische gegevens tegelijkertijd aan de wederpartij te verschaffen, wel aan de medisch adviseur van een verzekeraar. Weigert deze dit te doen, zonder daartoe gewichtige redenen als bedoeld in art. 22 Rv te hebben welke door de rechter gegrond zijn geoordeeld, dan zal de rechter uit die weigering de gevolgtrekking kunnen maken die hij geraden acht (vgl. Hoge Raad 22 februari 2008, ECLI:NL:HR:2008:BB3676).

Lees verder

Jurisprudentie

CRvB: letselschadevergoedingen na 11-10-2010 meetellen in de vermogensinkomensbijtelling niet onredelijk

  • Centrale Raad van Beroep
  • 5 oktober 2016
  • ECLI:NL:CRVB:2016:3853
  • 15-627 AWBZ

Het Besluit van 4 december 2013, houdende wijziging van het Bijdragebesluit zorg en het Besluit maatschappelijke ondersteuning, verzacht de vermogensinkomensbijtelling voor de eigen bijdrage AWBZ en Wmo (Stb. 2013, 535). Het is tot stand gekomen om onder meer letselschadevergoedingen met terugwerkende kracht tot en met 1 januari 2013 uit te sluiten van de vermogensinkomensbijtelling (VIB). De wetgever heeft er nadrukkelijk voor gekozen de uitzondering te beperken tot mensen die een letselschadevergoeding ontvingen tot 11 oktober 2010. Niet gezegd kan worden dat deze keuze zodanig onredelijk is dat de regelgever deze in dit geval niet had mogen maken. De omstandigheid dat voornemens uit een regeerakkoord niet altijd tot uitvoering komen, maakt dat niet anders. Van strijd met artikel 26 van het IVBPR of willekeur is geen sprake. Aangevallen uitspraak bevestigd.

Lees verder

Jurisprudentie

HR: uitkering weliswaar loon, maar maatschappelijk niet als beloningsvoordeel ervaren

  • Hoge Raad
  • 30 januari 2015
  • ECLI:NL:HR:2015:141
  • 13/03776

Op grond van art. 69 Barp droeg een politieagent aan zijn werkgever zijn vordering op een derde over tegen betaling van het bedrag van de vordering. Deze vordering was het gevolg van een veroordeling daartoe van de derde door de strafrechter. De praktijk wees uit dat slechts 28% van dergelijke vorderingen daadwerkelijk kon worden geïnd. De belastinginspecteur belastte 72% van de door de werkgever aan de agent betaalde vergoeding als loon. De Hoge Raad overwoog dat de rechtspositionele regeling ertoe strekte om politiemensen onbelemmerd te laten functioneren ter wille van het publieke belang. Weliswaar was het voordeel dat de agent genoot loon was in de zin van artikel 10, lid 1, van de Wet LB (vgl. BNB 1984, 2), maar naar algemene maatschappelijke opvattingen werd de uitkering niet als beloningsvoordeel ervaren en bleef daarmee buiten de heffing.

Lees verder

Jurisprudentie

Hof: Vergoeding immateriële schade naar maatschappelijke opvattingen niet als beloning ervaren

  • Hof Arnhem-Leeuwarden
  • 23 februari 2016
  • ECLI:NL:GHARL:2016:1393
  • 15/00156

Aan een politieambtenaar is een aanslag in de inkomstenbelasting opgelegd voor een van de werkgever ontvangen bruto vergoeding voor immateriële schade wegens ernstig letsel tijdens de dienst opgelopen. De rechtbank verklaarde zijn beroep ongegrond. De vergoeding is loon in de zin van art. 10 LB. In het kader van dat artikel is loon al hetgeen uit een dienstbetrekking of een vroegere dienstbetrekking wordt genoten, daaronder mede begrepen hetgeen wordt vergoed of verstrekt in het kader van de dienstbetrekking, behalve indien het nadeel geen of onvoldoende verband houdt met de dienstbetrekking. Vrije vergoedingen zijn ingevolge art 15 LB vergoedingen voorzover zij naar algemene maatschappelijke opvattingen niet als beloningsvoordeel worden ervaren. Daarvan is hier sprake. De werkgever heeft zonder aansprakelijkheid daartoe te erkennen beoogd uit onrechtmatige daad, gepleegd door een derde, voortgevloeide immateriële schade te vergoeden. Cassatie is ingesteld door de staatssecretaris van Financiën

Lees verder

Vaknieuws

Wetsvoorstel collectieve schadevergoedingsactie naar Tweede Kamer

  • overheid.nl
  • 16 november 2016

Langdurige en kostbare procedures zijn binnenkort verleden tijd, wanneer consumenten of bedrijven de schade van een slecht product of gebrekkige dienstverlening vergoed willen krijgen, aldus de overheid. Representatieve belangenorganisaties kunnen straks voor een groep gedupeerden in één procedure bij de rechter vergoeding van massaschade vorderen.

Lees verder

Jurisprudentie

Rechtbank veroordeelt ouders tot betaling aan de zoon van de schadevergoeding

  • Rechtbank Limburg
  • 14 november 2016
  • ECLI:NL:RBLIM:2016:9796
  • C/03/227231 / KG ZA 16-534

De zoon is op 6 juli 1992 betrokken geraakt bij een ernstig verkeersongeval en heeft hersenletsel opgelopen. De WAM-verzekeraar van de ouders heeft de volledige aansprakelijkheid erkend. In een vaststellingsovereenkomst werd de zoon een vergoeding van ƒ 350.000,- toegekend.
Het bedrag is overgemaakt op de rekening van de wettelijke vertegenwoordigers, vader en moeder. Op 13 september 2005 hebben vader en moeder van de zoon een bedrag geleend uit de schadevergoeding. Afgesproken werd dat de lening en het overige verschuldigde uiterlijk een jaar later terugbetaald zou worden. Dat hebben vader en moeder niet gedaan. Overeengekomen werd dat vader en moeder vanaf 31 januari 2015 maandelijks € 50,- terugbetalen en dat de partijen ieder half jaar bezien of er financiële ruimte is dit aflossingsbedrag te verhogen. Ook dat werd niet nagekomen. De zoon vordert nakoming van de minnelijke regeling en overlegging van hun meest recente inkomensgegevens. De vorderingen worden toegewezen. In tegenstelling tot het gebruik bij familieleden onderling worden de ouders veroordeeld in de kosten.

Lees verder

Jurisprudentie

Hof: ziekenhuis niet aansprakelijk ex art 7:658 BW voor uitglijden verpleegkundige over plasje water

  • Hof Den Haag
  • 6 augustus 2016
  • ECLI:NL:GHDHA:2016:2506
  • 200.156.720/01

Verpleegkundige glijdt uit over een plasje water op de gang van ca. 10 x 10 cm; zij loopt enkelletsel op en stelt het ziekenhuis als haar werkgever aansprakelijk ex art 7:658 BW. Het hof oordeelt dat de werkgever haar zorgplicht niet heeft geschonden. Werkgever voldoende heeft aangetoond dat een lekkage als oorzaak van de aanwezigheid van het plasje water worden uitgesloten. De stelplicht en bewijslast van de werkgever in het kader van artikel 7:658 BW gaan niet zo ver, dat hij de afwezigheid dient aan te tonen van denkbare oorzaken waarvoor in concerto geen aanknopingspunten bestaan. De zorgplicht gaat niet zo ver dat werkgever aan al haar personeel antislip schoeisel dient te verstrekken dan wel voor te schrijven; die maatregel mocht zij redelijkerwijs beperken tot werken in ruimtes waar een verhoogd risico op uitglijden bestond.

Lees verder