Jurisprudentie

Rb: ziekenhuis niet aansprakelijk voor hersenletsel baby

  • Rechtbank Midden-Nederland
  • 16 augustus 2017
  • ECLI:NL:RBMNE:2017:4172
  • C/16/428832 / HA ZA 16-926

Medische aansprakelijkheid. Baby (een van tweeling) heeft herenletsel. De ouders stellen het ziekenhuis aansprakelijk wegens tekortschieten bij de bevalling. De rechtbank is –anders dan de ouders- van oordeel dat het rapport van de deskundige concludent is en dus tot uitgangspunt moet worden genomen bij de beoordeling. De rechtbank concludeert dat de kwaliteit van de CTG-registratie met enige regelmaat te wensen overliet en dat het baringsverslag wellicht ten onrechte niet naar de huisarts is gestuurd. Deze normschendingen zijn naar het oordeel van de deskundige kennelijk echter niet zodanig ernstig dat hij vindt dat de medische professionele standaard is geschonden. Van een tekortkoming in de nakoming van de behandelingsovereenkomst of onrechtmatig handelen is dus geen sprake.

Lees verder

Jurisprudentie

Rb: werkgever niet aansprakelijk voor depressie werknemer

  • Rechtbank Den Haag
  • 31 augustus 2017
  • ECLI:NL:RBDHA:2017:9803
  • 5818040 RL EXPL 17-7132

Werknemer stelt werkgever ex art 7:658 en 6:162 BW aansprakelijk voor depressie als gevolg van slechte werkomstandigheden, onder meer door pesten en hoge werkdruk. Werkgever stelt dat werknemer geen bewijs heeft geleverd van de omstandigheden en dat er sprake was van een recidiverende psychische stoornis. De kantonrechter overweegt dat er causaal verband moet bestaan tussen die werkzaamheden en die psychische schade en dat een werkgever pas maatregelen kan nemen als hij bekend is met de klachten van de werknemer. Werkgever heeft onweersproken naar voren gebracht dat werknemer geen klachten heeft geuit. Onder deze omstandigheden was het onmogelijk voor de werkgever om rekening te houden met een bijzondere kwetsbaarheid van werknemer. Werkgever droeg daarvan simpelweg geen kennis. Dat betekent dat werkgever geen maatregelen heeft kunnen treffen om schade te voorkomen.

Lees verder

Jurisprudentie

Hof: burn-out, werknemer moet bewijzen dat hij voldoende heeft geklaagd over overbelasting

  • Hof Amsterdam
  • 4 april 2017
  • ECLI:NL:GHAMS:2017:1181
  • 200.177.091/01

Werkgeversaansprakelijkheid. Werknemer – Hoofd Economisch-Administratieve Dienst -acht werkgever aansprakelijk voor burn-out als gevolg van ziekmakende omstandigheden, zoals extreem hoge werkdruk en onderbezetting. De rechtbank had zijn vordering afgewezen. 1. Het hof oordeelt dat de arbeidsrechtelijke omkeringsregel niet van toepassing is. 2. Veronderstellenderwijs ervan uitgaande dat de door werknemer ontwikkelde klachten het gevolg zijn van overbelasting in de uitoefening van zijn werkzaamheden en dat die klachten uiteindelijk tot een burn-out hebben geleid, doet zich de vraag voor of werknemer op voldoende klemmende wijze heeft geklaagd over de overbelasting. Gelet op de gemotiveerde betwisting door werkgever is het aan werknemer zijn stelling te bewijzen.

Lees verder

Jurisprudentie

Hof: agent hoeft letsel bij aanhouding arrestant niet op de koop toe te nemen

  • Hof Den Haag
  • 12 september 2017
  • ECLI:NL:GHDHA:2017:2526
  • 200.196.566/01

Arrestant verzet zich tegen aanhouding, waardoor agent duimluxatie oploopt. 1. Vast staat dat de arrestant onrechtmatig heeft gehandeld. Daarbij is niet van belang of hij al dan niet het oogmerk heeft gehad om de agent te verwonden en of al dan niet buitensporig geweld is gebruikt. Ook als sprake zou zijn geweest van een ongelukkige samenloop van omstandigheden, staat dat er niet aan in de weg om, mede gezien de aard van de aansprakelijkheid en van de schade, de schade aan de arrestant toe te rekenen. Het hof onderschrijft niet dat een politieagent uit hoofde van zijn functie op de koop toe moet nemen dat jegens hem geweld wordt gebruikt. 2. Smartengeld: € 1500,- (enige b.i. (6% van de duim).

Lees verder

Jurisprudentie

Hof: werkgever aansprakelijk voor visusklachten na smeltspat, deskundigenbericht ter vaststelling hoofdpijnklachten

  • Hof Den Bosch
  • 29 augustus 2017
  • ECLI:NL:GHSHE:2017:3803
  • 200.154.171_01

Werknemer – ovenoperator – krijgt in 2005 smeltspat in oog bij (schoon)werkzaamheden van de oven en loopt een hoornvliesbeschadiging op. Ondanks het herstel van het hoornvlies houdt werknemer visus- en hoofdpijnklachten en raakt hij volledig arbeidsongeschikt.1. Het hof acht de werkgever aansprakelijk voor de visusklachten. De omstandigheid dat de werkgever ter afwering van het gevaar van smeltspatten veiligheidsmaatregelen heeft genomen (het ter beschikking stellen van beschermingsmiddelen) brengt nog niet mee dat de werkgever zich van zijn voormelde verplichtingen heeft gekweten of dat het treffen van andere, meer effectieve, maatregelen (“maanmannetjeskostuum”) niet van hem kon worden gevergd. 2. Het hof acht voorlichting door deskundigen (neuroloog en psychiater) noodzakelijk om zich een oordeel te kunnen vormen over het causaal verband tussen het ongeval en de hoofdpijnklachten.

Lees verder

Jurisprudentie

Rb, deelgeschil: whiplashklachten onvoldoende onderbouwd, mede gezien pre-existente klachten, BGK en kosten deelgeschil afgewezen

  • Rechtbank Oost-Brabant
  • 8 september 2017
  • ECLI:NL:RBOBR:2017:4869
  • C/01/318769 / EX RK 17-42

Ongeval 2008, whiplash, eerdere (whiplash)klachten in 2000. 1. Naar het oordeel van de rechtbank heeft benadeelde onvoldoende gesteld om te kunnen aannemen dat sprake is van een consistent, consequent en samenhangend patroon van klachten. Het door benadeelde overgelegde huisartsenjournaal loopt maar tot 2013. Daarnaast valt op dat benadeelde pas 10 dagen na het ongeval voor het eerst zijn huisarts raadpleegt. Er is geen sprake van een consequent en blijvend patroon van de gestelde klachten. Het gaat immers op het eerst gezicht niet steeds om dezelfde klachten. Het voorgaande klemt temeer, nu vaststaat dat benadeelde relevante pre-existente klachten kende en nog kent. 2. BGK doorstaan dubbele redelijkheidstoets niet. 3. Kosten deelgeschil niet begroot, deelgeschil volstrekt onnodig ingesteld.

Lees verder

Vaknieuws

Dirkzwager advocaten: “A-G mr. Wuisman: de Hoge Raad geeft in ZA/De Greef (2001) geen rechtsregel”

  • Assurantie Magazine, Hoge Raad
  • 15 september 2017
  • Henriek Kragt

De Hoge Raad geeft in Zwolsche Algemeene/De Greef (2001) geen rechtsregel dat ‘niet al te hoge eisen aan het bewijs van het oorzakelijke verband tussen het ongeval en de gezondheidsklachten kunnen worden gesteld’, aldus A-G mr. Wuisman in zijn conclusie bij HR 8 september 2017. “De vaste jurisprudentie (…), betreft het bewijs van het verband tussen een ongeval en whiplashklachten. Bij het citaat sub 2.7 uit het arrest van 8 juni 2001 van de Hoge Raad (arrest Zwolsche Algemeene/De Greeff) past de aantekening dat de Hoge Raad met de passage dat “niet al te hoge eisen aan het bewijs van het oorzakelijke verband tussen het ongeval en de gezondheidsklachten kunnen worden gesteld” aanhaakt bij een in cassatie niet bestreden oordeel van het hof. De passage geeft derhalve niet een eigen oordeel van de Hoge Raad weer. Dat is met name in lagere rechtspraak onvoldoende onderkend.”

Lees verder

Jurisprudentie

Rb, deelgeschil: ongeval te hard rijdende inhaler en verzoekster: 80%-20% na billijkheidscorrectie

  • Rechtbank Midden-Nederland
  • 9 augustus 2017
  • ECLI:NL:RBMNE:2017:4058
  • 5946625

Aanrijding tussen verzoekster die met auto voorrangsweg opreed en de bij verweerder verzekerde auto, die met hoge snelheid aan het inhalen was. 1. Vast staat dat de inhaler te hard heeft gereden. De rechtbank overweegt dat verzoekster onvoldoende heeft geanticipeerd op de mogelijkheid dat auto’s harder rijden dan is toegestaan. Oversteken had vermeden moeten worden. 2. De kantonrechter komt tot een causale weging van 60% voor de hardrijdende auto en 40% voor verzoekster. 3. Na toepassing van billijkheidscorrectie 80%-20%. De kantonrechter weegt hierbij mee de ernst van het letsel, de nog steeds aanwezige lichamelijke en psychische klachten en het feit dat verzoekster geen dienstbetrekking meer heeft en zij dus inkomensverlies lijdt. 4. Kosten deelgeschil: € 2.678,- (x 80%).

Lees verder

Jurisprudentie

Hoge Raad: onvoldoende medische gegevens ter vaststelling van causaal verband (art 81 RO)

  • Hoge Raad
  • 8 september 2017
  • ECLI:NL:HR:2017:2273
  • 16/04222

Whiplash. Benadeelde is in 15 jaar tijd betrokken geweest bij vijf ongevallen, waarbij zijn hij auto van achteren is aangereden. Hij spreekt één van de betrokken WAM-verzekeraars aan tot schadevergoeding. De Hoge Raad laat het afwijzend oordeel van het hof in stand. Het hof oordeelde dat dat benadeelde heeft nagelaten om ter vaststelling van het causaal heeft nagelaten voldoende (medische) stukken in het geding te brengen, terwijl voor dit nalaten geen rechtvaardiging is gebleken. De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep zonder nadere motivering (art 81 RO).

Lees verder

Vaknieuws

Memorie van Antwoord wetsvoorstel affectieschade

  • Eerste Kamer
  • 13 september 2017

Minister Blok van Veiligheid en Justitie heeft de Memorie van Antwoord inzake het wetsvoorstel affectieschade aangeboden aan de voorzitter van de Eerste Kamer. De memorie bevat antwoorden op de vragen van de fracties van de Eerste Kamer over het wetsvoorstel affectieschade. In de memorie wordt onder meer ingegaan op de wijze van aanbieding van de vergoeding voor affectieschade en het criterium van 70% blijvende invaliditeit.

Lees verder

Jurisprudentie

Rb: onduidelijkheid over overdracht vordering, eiser niet-ontvankelijk in letselzaak

  • Rechtbank Oost-Brabant
  • 3 mei 2017
  • ECLI:NL:RBOBR:2017:2630
  • C/01/277270 / HA ZA 14-281

In eerder tussenvonnis heeft de rechtbank overwogen dat duidelijkheid geboden is over de vraag aan wie de door eiser ingestelde vordering toekomt: aan eiser of aan de Stichting Nagedachtenis X. De rechtbank gaat er op basis van de overgelegde stukken vanuit dat eiser zijn vordering aan de Stichting heeft overgedragen. Eiser beroept zich wel op nietigheid van de cessie of ongeldigheid daarvan maar dat zijn verweren die hij tegen de Stichting zou moeten voeren. De rechtbank verklaart eiser niet ontvankelijk.

Lees verder

Jurisprudentie

Rb: voorlopig deskundigenbericht bevolen met verzekeringsarts als regisseur

  • Rechtbank Rotterdam
  • 30 juni 2017
  • ECLI:NL:RBROT:2017:5073
  • C/10/519443 / HA RK 17-84

Verzoek om voorlopig deskundigenbericht na twee ongevallen (zwembadongeval en verkeersongeval). Partijen hebben overeenstemming over de benoeming van een orthopedisch chirurg en een neuroloog. De rechtbank beveelt een onderzoek door een verzekeringsarts met de taak van regisseur. De regievoerend deskundige wordt echter niet aangesteld om een klassieke eigen rapportage als verzekeringsarts in te dienen, maar om (pro)actief de totstandkoming van een geïntegreerd rapport omtrent de toestand van benadeelde en de relatie tot de ongevallen te bevorderen. Daarbij is het uiteraard niet de bedoeling dat de regievoerend deskundige de taak van de rechtbank overneemt en tot juridische gevolgtrekkingen komt, maar wel dat alle medische informatie die de rechtbank nodig heeft om tot beslissingen te komen wordt verzameld en dat zij daarop een medische visie geeft.

Lees verder

Vaknieuws

Medisch Contact: Onbedoelde schade treft ook de arts

  • Medisch Contact
  • 13 september 2017
  • Simone Paauw

Een onderzoek onder ruim vijfduizend artsen en andere zorgverleners toont aan dat een veiligheidsincident ook – soms ernstige – gevolgen heeft voor de zorgverleners. Bij ernstige incidenten voelt één op de drie de behoefte om het werk tijdelijk neer te leggen. Het afgelopen jaar namen meer dan vijfduizend artsen, verpleegkundigen en paramedici uit negentien Nederlandse ziekenhuizen deel aan een onderzoek van het Leernetwerk Peer Support in de Zorg naar de impact van patiëntveiligheidsincidenten op de betrokken zorgverleners.

Lees verder

Jurisprudentie

Rb, deelgeschil: letselschadezaak tegen beter weten in in volle omvang voorgelegd: verzoek en kosten afgewezen

  • Ongepubl. jurisprudentie, Rechtbank Amsterdam
  • 22 augustus 2017
  • 5845783 EA VERZ 17-268 en 5876221 EA VERZ 17-310

Benadeelde verzoekt de kantonrechter een uitspraak te doen over het causaal verband en de klachten, de kosten van psychologische hulp, arbeidsdeskundige begeleiding, studievertraging etc. (in totaal 11 punten, A t/m K). De kantonrechter stelt vast dat van een onderhandelingstraject tussen partijen geen sprake meer is. Het verzoek van benadeelde strekt zich uit over het gehele geschil tussen partijen. De feiten, het causaal verband, de omvang van de schade en de buitengerechtelijke kosten staan ter discussie. Als op al deze punten moet worden beslist zoals benadeelde verzoekt, zou deze procedure het karakter van een bodemprocedure krijgen. De kantonrechter concludeert dat geen sprake is van een geschil dat zich leent voor een deelgeschilprocedure. 2. De kosten van het deelgeschil worden afgewezen. Nu op basis van hetzelfde geschil al eerder een verzoek bij de rechtbank Midden-Nederland is ingediend met dezelfde uitkomst, kan niet anders worden geoordeeld dan dat benadeelde onderhavige verzoeken onnodig en tegen beter weten in heeft ingediend.

Lees verder

Jurisprudentie

Hof: voorschot voorlopig deskundigenbericht voor rekening benadeelde, niet voor rekening van arts

  • Hof Den Haag, Ongepubl. jurisprudentie
  • 11 juli 2017

Benadeelde acht arts aansprakelijk voor klachten na schouderoperatie en heeft verzocht om een voorlopig deskundigenbericht. Door de rechtbank was bepaald dat het voorschot aan de deskundige door de arts moest worden betaald. De vraag wie het voorschot dient te dragen in een gerechtelijke procedure dient te worden beantwoord aan de hand van art. 195 Rv. Volgens de hoofdregel van artikel 195 Rv dient het voorschot te worden opgebracht door de eisende partij. De rechter kan echter aanleiding vinden het voorschot ten laste van de arts te brengen, of van beide partijen gezamenlijk, bijvoorbeeld als aansprakelijkheid is erkend. Van een dergelijke situatie is echter geen sprake. Er zijn geen andere redenen om af te wijken van de hoofdregel. De enkele omstandigheid dat het hier “een medische kwestie betreft”, maakt niet dat het redelijk is de arts te belasten met het voorschot. De omstandigheid dat het ziekenhuis zich heeft gecommitteerd aan de GOMA maakt dat niet anders (in art 18 deel GOMA is bepaald dat de kosten van een gezamenlijk deskundigenonderzoek buiten rechte in beginsel voor rekening van beide partijen komen).

Lees verder