Vaknieuws

Achmea: Afhandeling letselschadezaken kan negen maanden sneller door inzet één medisch adviseur

  • 19 januari 2017
  • Achmea
12-12-03_logo_achmea_016

“De doorlooptijd van het medische traject bij letselschadezaken kan met negen maanden worden ingekort. Dat blijkt uit onderzoek dat de universiteiten van Maastricht en Tilburg de afgelopen vijf jaar hebben verricht in opdracht van verzekeraar Achmea. De tijdsbesparing wordt bereikt door de inzet van één medisch adviseur die volledig onpartijdig opereert. Bij letselschadezaken is het nu nog gebruikelijk om twee medisch adviseurs in te schakelen: één namens het slachtoffer en één namens de verzekeraar.” Dit meldt Achmea in een persbericht.

Lees verder

Jurisprudentie

Rb: verzoek om nieuw deskundigenbericht afgewezen, onvoldoende zwaarwegende bezwaren tegen eerder onderzoek

  • Rechtbank Oost-Nederland
  • 22 december 2016
  • ECLI:NL:RBOBR:2016:7126
  • C/01/310312 / EX RK 16-130

Benadeelde loopt een naadlekkage na een darmoperatie op. Benadeelde heeft kritiek op eerder deskundigenbericht en verzoekt de rechtbank opnieuw een deskundigenonderzoek te bevelen.
Naar het oordeel van de rechtbank zal een dergelijk verzoek in het algemeen slechts kunnen worden ingewilligd indien sprake is van nieuwe feiten of omstandigheden die een nieuw deskundigenbericht rechtvaardigen, of indien sprake is van zwaarwegende en steekhoudende bezwaren tegen de wijze van totstandkoming en/of de inhoud van het eerder uitgebrachte deskundigenbericht. De rechtbank concludeert dat de bezwaren die benadeelde aanvoert tegen het eerdere deskundigenrapport niet zodanig zwaarwegend en steekhoudend zijn dat zij het gelasten van een nieuw deskundigenbericht rechtvaardigen. Dat benadeelde het met de inhoud en de conclusies niet eens is, levert onvoldoende grond op om een nieuw deskundigenbericht te gelasten.

Lees verder

Jurisprudentie

Rb: werkgever aansprakelijk voor knieletsel door struikelen over gereedschap op bodem bak hoogwerker

  • Rechtbank Amsterdam
  • 21 november 2016
  • ECLI:NL:RBAMS:2016:8451
  • CV 16-12207

Werknemer struikelt over gereedschap op de grond in bak van hoogwerker en loopt knieletsel op. De kantonrechter acht de werkgever aansprakelijk ex art 7:658 BW. Vast staat dat werknemer werkte met verschillende gereedschappen, waaronder de accuboor, die hij nergens anders kwijt kon dan op de grond van de bak. Dat levert een struikelrisico op en in zoverre was de werkplek onvoldoende veilig. De voortdurende aandacht voor orde en netheid op de werkplek doet er niet aan af dat van een normaal handelende medewerker niet kan worden verwacht dat hij zich er telkens weer rekenschap van geeft dat er misschien nog een stuk gereedschap op de vloer ligt. Werkgever heeft onvoldoende duidelijk gemaakt waarom een gereedschapsriem of een haak om de boor aan de broekriem te hangen geen oplossing zouden bieden bij het probleem van rondslingerend gereedschap.

Lees verder

Jurisprudentie

Rb: elektrocutieongeval, aanknoping bij whiplashjurisprudentie, klachten plausibel en toegerekend

  • Rechtbank Overijssel
  • 28 december 2016
  • ECLI:NL:RBOVE:2016:5157
  • 659775 CV 13-1811

Werknemer heeft hoofdpijn,vermoeidheid en concentratieproblemen na elektrocutieongeval op het werk. 1. De kantonrechter overweegt dat uit de deskundigenberichten blijkt dat er geen
medisch-wetenschappelijk bewijs dat een elektrocutie leidt tot klachten en beperkingen.
Dit betekent niet dat de beperkingen niet in causaal verband kunnen staan met het ongeval. De kantonrechter zoekt, gelet op de gelijkenis met de neuro(psycho)logische klachten, aansluiting bij de jurisprudentie over het causaliteitsvraagstuk in geval van ‘whiplash’ (ZA/De Greef).
De kantonrechter neemt dan ook tot uitgangspunt dat bij werknemer sprake is van een consistent, consequent en samenhangend en daarmee van een plausibel klachtenpatroon en stelt vast dat de klachten en beperkingen niet al aan de orde waren voor het ongeval. 2. De kantonrechter overweegt dat, indien er al vanuit moet worden gegaan dat werknemer meer dan een ander vatbaar zou zijn voor vermoeidheidsklachten (predispositie) dit op zichzelf aan volledige toerekening niet in de weg staat. De aansprakelijke (rechts)persoon heeft het slachtoffer immers te nemen zoals die is. Vordering toegewezen.

Lees verder

Jurisprudentie

Rb: geen deskundigenbericht over gebitsschade in kort geding mogelijk, vordering afgewezen

  • Rechtbank Gelderland
  • 27 december 2016
  • ECLI:NL:RBGEL:2016:6972
  • 311629

Benadeelde vordert in kort geding vergoeding van gebitsschade door mishandeling. De rechtbank oordeelt dat nu vast staat dat gedaagde eiser tegen diens mond heeft geslagen en dat er tanden zijn afgebroken, het causaal verband vaststaat. Dat eiser een slecht gebit had maakt dit niet anders; de gevolgen predispositie van het slachtoffer moeten aan de dader worden toegerekend. De vraag welke schade voor vergoeding door gedaagde in aanmerking komt, kan alleen worden beoordeeld met behulp van een deskundige. Omdat voor benoeming van een deskundige in kort geding geen gelegenheid bestaat, is de vordering niet toewijsbaar.

Lees verder

Jurisprudentie

Rb: verzoek om voorlopig deskundigenbericht naast bodemprocedure afgewezen

  • Ongepubl. jurisprudentie, Rechtbank Zwolle-Lelystad
  • 30 december 2017
  • C/08/190149 / HA RK 16-116

Benadeelde verzoekt – naast de al lopende bodemprocedure- om een voorlopig deskundigenbericht door één of meer deskundigen. De rechtbank is van oordeel dat het verzoek wegens strijd met de goede procesorde moet worden afgewezen. De vraag of in de bodemprocedure bewijslevering door middel van het bevelen van deskundigenonderzoek(en) geboden zal zijn zal naar het oordeel van de rechtbank genoegzaam door de rechter in de bodemprocedure in de beoordeling worden betrokken. De rechtbank oordeelt dat verzoeker daaraan voorafgaand geen gewichtig belang heeft bij een afzonderlijke beoordeling door de rechter in de verzoekschriftprocedure. Verzoek afgewezen.

Lees verder

Jurisprudentie

Hof: directe actie van 7:954 BW is geen overdraagbaar recht

  • 20 december 2016
  • ECLI:NL:GHAMS:2016:5508
  • 00.185.193/01

NRL vordert op eigen naam kosten letselschadeberekening op basis van pandakte rechtstreeks van de aansprakelijke AVB-verzekeraar op grond van artikel 7:954 BW (directe actie). Het hof oordeelt dat er geen mogelijkheid is voor een privatieve last (artikel 7:423 BW) in verband met de directe actie. De directe actie is naar haar aard een persoonlijke bevoegdheid die slechts door de benadeelde zelf of namens hem kan worden uitgeoefend en niet door een ander op eigen naam. NRL is daarmee niet bevoegd op eigen naam betaling van de verzekeraar te verlangen.

Lees verder

Jurisprudentie

Hof: bewijsnood benadeelde door vernietiging ongevalsladder leidt niet zonder meer tot toewijzing vordering

  • Hof Den Bosch
  • 10 januari 2017
  • ECLI:NL:GHSHE:2017:31
  • 200.170.709_02

Productaansprakelijkheid. Benadeelde valt in 2008 van geknikte uitschuifbare ladder en raakt arbeidsongeschikt. Zij stelt de producent aansprakelijk. Het hof stelt dat o.g.v. art 6:188 BW de benadeelde het gebrek, de schade en het causaal verband daartussen moet bewijzen. Wel geldt de zgn. res ipsa loquitur-leer (bij normaal gebruik wordt het product vermoed gebrekkig te zijn.) De producent kon volstaan met het ontzenuwen van het vermoeden dat de ongevalsladder gebrekkig was. Hierin is hij naar het oordeel van het hof geslaagd. Nu het gebrek in dit stadium niet is komen vast te staan, is het aan benadeelde om dat gebrek te bewijzen. De producent heeft de ongevalsladder echter vernietigd. Benadeelde is door toedoen van de producent in bewijsnood gebracht. Het feit dat contra-expertise door toedoen van de producent niet meer mogelijk is, voor rekening en risico van de producent. Dat leidt echter niet zonder meer tot toewijzing van de vorderingen. Het hof benoemt een deskundige die ter beantwoording van de vraag of, indien de ongevalsladder nog beschikbaar zou zijn geweest relevant onderzoek aan de ongevalsladder had en waartoe dit zou hebben geleid.

Lees verder

Vaknieuws

31 maart 2017: PIV-Jaarconferentie ‘Veiligheid Voorop!’

  • PIV
  • 12 januari 2017
folder JC 2

Wat kunnen wij doen om veiligheid te bevorderen? Hoe kunnen wij ons gedrag aanpassen, zodat het aantal ongevallen afneemt? En als er dan toch een ongeval plaatsvindt waarbij iemand letsel oploopt, hoe kunnen wij dan zorgen dat de schaderegeling zo goed mogelijk verloopt? Vanuit verschillende invalshoeken wordt de veiligheid vooropgesteld en krijgt u tips om hindernissen te overwinnen. Sprekers tijdens het plenaire deel van de dag zijn: dr. Gerard Tertoolen, verkeerspsycholoog, prof. mr. Gijs van Dijck, Hoogleraar Privaatrecht aan de Universiteit van Maastricht en Gerda van ’t Land. In de middag vinden workshops plaats waarvoor u zich in kunt schrijven. U bent van harte welkom op 31 maart 2017!

Lees verder

Jurisprudentie

Gerecht Curaçao (kort geding): geen causaal verband tussen amputatie benen en ongeval

  • Gerecht Curaçao
  • 20 december 2016
  • ECLI:NL:OGEAC:2016:137
  • KG 81057/2016

Benadeelde heeft whiplashachtige klachten na ongeval in 2014; onderzoek liet geen posttraumatische letsels zien. Nadien heeft benadeelde (diabetespatiënt) klachten aan benen gekregen. Het Gerecht oordeelt dat op grond van de overgelegde stukken in dit kort geding voorshands onvoldoende aannemelijk gemaakt dat de amputatie van beide benen van benadeelde een gevolg is van het ongeval. Benadeelde heeft ter zitting aangegeven dat zij vanaf het begin heeft geklaagd over pijn in de benen. Die stelling wordt echter niet ondersteund door de overgelegde medische documentatie. Vordering afgewezen.

Lees verder

Jurisprudentie

Gerecht Curaçao: eenzijdig medisch rapport niet concreet betwist, smartengeld oudere slachtoffers

  • Gerecht Curaçao
  • 19 december 2016
  • ECLI:NL:OGEAC:2016:132
  • 73756/2015

Benadeelden (71 en 74 jaar op moment ongeval) lopen ernstig letsel (diverse breuken) op bij ongeval op Curaçao. 1. Het gerecht oordeelt dat de medische rapportages als uitgangspunt kunnen dienen bij de vaststelling van de beperkingen. Het Gerecht constateert dat New India geen concrete bezwaren heeft geformuleerd ten aanzien van de inhoud van de medische rapporten. Weliswaar is de verzekeraar niet betrokken geweest bij de totstandkoming van de rapporten en dus het beginsel van hoor en wederhoor niet is nageleefd, maar dit staat niet aan de bruikbaarheid in de weg. 2. Smartengeld Het Gerecht is enerzijds van oordeel dat het smartengeld lager zou moeten uitvallen omdat sprake is van een beperkte lijdensduur. Anderzijds stonden eisers nog actief in het leven en was er een redelijke verwachting zij nog een aantal jaren in kwalitatief goede gezondheid had kunnen leven als het ongeval niet had plaatsgevonden. Dat is hen door het ongeval ontnomen. Smartengeld vastgesteld op € 25.000,– resp. € 15.000,–. 3. Diverse andere schadeposten.

Lees verder

Vaknieuws

Verbond: ‘Schade door product uit 3D-printer, wie is aansprakelijk?’

  • Verbond van Verzekeraars
  • 10 januari 2017
13-09-30_logo_Verbond_04

Wie is er aansprakelijk als een zelfrijdende auto een ongeluk veroorzaakt? Of als er schade ontstaat doordat een 3D-geprint product niet goed werkt? Technologische ontwikkelingen zorgen voor veranderende risico’s voor aansprakelijkheidsverzekeraars. Zij moeten iets met deze ontwikkelingen, of ze dat nu willen of niet. Hun taak is een oplossing te bieden voor de lacune die ontstaat tussen de behoeften van de klant en de huidige aansprakelijkheidsverzekering. Dat is de belangrijkste conclusie van het net verschenen paper Innovatie en aansprakelijkheid – Van impactvol naar kansrijk van het Verbond.

Lees verder

Vaknieuws

Artikel AV&S: “Achter het stuur in de bus, over het herstel van autonomie”

  • Overige tijdschriften
  • 1 juli 2016
  • Prof. mr. M.A. Loth en L. Stegerhoek
  • AV&S 2016/18, afl. 3.
avs

In dit artikel in AV&S wordt aandacht gevraagd voor de herstelgerichte benadering en de wijze waarop zij in het aansprakelijkheidsrecht past. Allereerst wordt deze benadering gekarakteriseerd aan de hand van
drie beginselen van herstel, te weten het beginsel van herstel van autonomie, het beginsel van integrale hulpverlening, en het beginsel van partnerschap. Voorts wordt onderzocht hoe de gedachte van herstel aansluit bij de doelstellingen van het aansprakelijkheidsrecht. Betoogd wordt dat herstel in de oude toestand niet dient te worden verstaan als herstel in het vermogen van de benadeelde (wat hij of zij heeft),
maar als herstel in de vermogens van de benadeelde (wat hij of zij kan). Dat biedt niet alleen een beter perspectief op de doelstellingen van het aansprakelijkheidsrecht, maar ook op de remedies waarmee die doelstellingen worden gediend.

Lees verder

Jurisprudentie

Rb, deelgeschil: whiplashklachten niet onderbouwd, deelgeschil onterecht ingesteld en kosten afgewezen

  • Rechtbank Midden-Nederland
  • 9 november 2016
  • ECLI:NL:RBMNE:2016:7080
  • C/16/416058 / HA RK 16-105

Whiplash, verzoek om voorschot van € 140.355,03. 1. De rechtbank overweegt dat de toedracht van de aanrijding en daarmee de mate van geweldsinwerking die dit op verzoeker heeft gehad, wordt betwist. Om deze toedracht vast te stellen is bewijslevering noodzakelijk, waarvoor de deelgeschilprocedure zich niet leent. Maar ook indien de toedracht vast zou staan heeft verzoeker niet onderbouwd dat hij daardoor het door hem beschreven letsel heeft opgelopen. 2. Kosten deelgeschil afgewezen, want deelgeschil is onterecht ingesteld. Weliswaar is het inherent aan whiplashklachten dat deze moeilijk objectiveerbaar zijn, maar het bestaan van de klachten moet wel objectief vastgesteld kunnen worden. Verzekeraar heeft erop gewezen dat medische onderbouwing van de door hem genoemde beperkingen ontbreekt. Gelet op dit standpunt kon verzoeker]bekend zijn dat een enkele verklaring van een behandeld (para)medicus voor de rechtbank onvoldoende is.

Lees verder

Jurisprudentie

Rb, deelgeschil: werkgever aansprakelijk voor val 7 meter door dak van schoonmaker

  • Rechtbank Midden-Nederland
  • 16 november 2016
  • ECLI:NL:RBMNE:2016:7082
  • 5318789 UE VERZ 16-414

Werkgeversaansprakelijkheid; art 7:658 BW. Schoonmaker valt door lichtstraat (licht doorlatende golfplaten) 7 meter naar beneden door het dak. Werknemer was gewaarschuwd niet op de lichtstraat te gaan staan. 1. De kantonrechter oordeelt dat de werkgever niet alleen verplicht is aanwijzingen te verstrekken om zoveel mogelijk te voorkomen dat de werknemer schade lijdt, maar ook om daartoe de geëigende veiligheidsmaatregelen te treffen. Hieraan heeft de werkgever niet voldaan. Het werk werd uitgevoerd op een hoogte van 7 meter en gelet op de kwetsbaarheid van de lichtstraten bestond een valgevaar vanaf die hoogte. Werkgever was op grond van het Arbeidsomstandighedenbesluit verplicht een veiligheidsvoorziening te treffen ter voorkoming van het vallen. Het had op zijn weg gelegen andere methoden toe te passen. De kantonrechter oordeelt dat de werkgever zijn zorgplicht heeft geschonden. 2. Kosten deelgeschil: € 3.429,15.

Lees verder